VN zien nodige groeiremmers voor wereldwijde economie

Een volle winkelstraat. beeld ANP

Het jaar 2019 was het minste jaar voor de wereldwijde economische groei in tien jaar tijd. Volgens een rapport van de Verenigde Naties kwam de groei uit op 2,3 procent. Voor volgend jaar wordt een gematigde groei verwacht, maar de landenorganisatie waarschuwt tegelijkertijd voor de nodige groeiremmers.

Volgens de VN kan de mondiale groei volgend jaar op 2,5 procent uitkomen. De organisatie houdt duidelijk een slag om de arm en wijst daarvoor met een beschuldigende vinger naar onder meer de aanhoudende handelsspanningen en een mogelijke escalatie van geopolitieke spanningen. Dit alles kan het herstel van de economie doen „ontsporen”, zo valt te lezen.

In een zwarter scenario gaat de VN uit van 1,8 procent groei. Een „langdurige zwakte” kan daarbij duurzame ontwikkelingen in de weg zitten, zoals het doel om armoede uit te roeien en het creëren van „fatsoenlijke banen” voor iedereen. Ook worden bij mindere groei ongelijkheden en de toenemende klimaatcrisis aangewakkerd. Al met al zorgt dat voor groeiende onvrede in vele delen van de wereld, waarschuwt VN-secretaris-generaal António Guterres. Hij denkt ook dat dit een verdere toename van „naar binnen gericht beleid” aanmoedigt.

De economie van Europa zal naar verwachting dit jaar „een beperkte groei” van 1,6 procent laten zien en 1,7 procent in 2021. Tegen de achtergrond van verhoogde wereldwijde handelsspanningen staan bedrijven in Europa voor tal van uitdagingen, waaronder hogere importtarieven, een zwakkere vraag en een grotere beleidsonzekerheid. Zo blijft onder meer de brexit een punt van zorg. De groei in de Baltische staten en Midden- en Oost-Europa zal sterker zijn dan die van de Europese Unie als geheel.

Verder zijn er volgens de VN structurele uitdagingen in belangrijke sectoren, zoals de auto-industrie. Ook wijst de landenorganisatie erop dat de binnenlandse vraag de belangrijkste aanjager van de economische groei blijft. Huishoudens blijven in doorsnee profiteren van de lage werkloosheid, solide loonstijgingen en extra stimulering bovenop de toch al ondersteunende monetaire koers.

Dat de Europese Centrale Bank (ECB) weer extra geld in de markt pompt, om onder meer de inflatie aan te jagen, is volgens de VN niet zonder risico. Zo heeft de ECB volgens de VN niet heel veel ruimte voor verdere versoepelingen in geval van een nieuwe economische crisis.