Syrische vluchtelingen in Al-Hasakah hopen op betere tijden

beeld AFP
12

Een oud schoolgebouw in Al-Hasakah, in het noordoosten van Syrië, vormt het schamele onderkomen van vluchtelingen uit Ras al-Aynin. Voor de Syriërs uit de stad aan de grens met Turkije was het er niet langer veilig sinds het Turkse offensief van oktober 2019. Samen met miljoenen andere Syrische vluchtelingen kunnen ze weinig anders dan hopen op betere tijden.

Op de vierde internationale donorconferentie voor Syrië in Brussel is voor 6,9 miljard euro steun toegezegd voor humanitaire hulp aan Syriërs, zowel in eigen land als voor opvang van miljoenen vluchtelingen in Turkije, Libanon, Jordanië, Egypte en Irak. Daarvan is 4,9 miljard voor dit jaar en 2 miljard voor volgende jaren.

Volgens VN-noodhulpcoördinator Mark Lowcock is dit jaar 6 miljard dollar (5,34 miljard euro) nodig voor zaken als voedselhulp, toegang tot water, medische voorzieningen en onderwijs.

De EU zegde voor dit en volgend jaar 2,3 miljard euro toe. Duitsland maakte bijna 1,6 miljard vrij. Vorig jaar werd 6,2 miljard euro opgehaald voor 2019 en nog eens 2,1 miljard voor latere jaren.

De oorlog in Syrië gaat zijn tiende jaar in. Het conflict heeft al een half miljoen levens geëist. Ongeveer 12 miljoen Syriërs zijn van huis en haard verdreven. De humanitaire crisis is volgens de EU de ergste sinds de Tweede Wereldoorlog. Volgens hulporganisatie Oxfam zijn de toegezegde bedragen simpelweg ontoereikend om de crisis, waarbij voor 1 miljoen mensen hongersnood zou dreigen, het hoofd te bieden.

Veel van de sprekers, onder wie EU-buitenlandchef Josep Borrell, riepen de strijdende partijen op de onderhandelingen in Genève vlot te trekken en te werken aan vrede.