Status quo tussen Israël en de Palestijnen gaat niet werken

De Palestijnse politie actief bij de Geboortekerk.  beeld A. Muller

De onderdelen van premier Netanyahu’s status quo tussen Israël en de Palestijnen ogen geloofwaardig en degelijk, maar ze zijn stuk voor stuk gebaseerd op drijfzand.

De status quo die de Israëlische premier Benjamin Netanyahu hoopt te handhaven is een illusie.

Wat houdt die status quo in? Een kleine opsomming. Israëliërs en Palestijnen gaan niet op in één en dezelfde staat, er komt geen tweestatenoplossing (waardoor Israël Judea en Samaria (de Westoever) én een deel van Jeruzalem zou verliezen) en het overgrote deel van de Palestijnen blijft in de enclaves wonen.

Verder moet een opleving van de Palestijnse economie de Palestijnen helpen zich rustig te blijven gedragen. Hamas blijft de Gazastrook besturen en de Palestijnse Autoriteit de Palestijnse gebieden. Ondanks het voortdurende gehakketak tussen Israëlische en Palestijnse leiders, hebben ze goede afspraken gemaakt.

Zo zijn Hamas en Israël het eens over een wapenstilstand. Daardoor jaagt het luchtalarm Israëliërs ’s nachts niet meer uit bed. Tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit bestaat er samenwerking op het gebied van veiligheid. De Palestijnse politie ziet toe op handhaving van de orde in de dichtbevolkte bevolkingscentra op de Westoever.

Tot zover de onderdelen van de status quo; ze ogen degelijk. Toch staat de hele regeling op drijfzand. Ten eerste is Hamas niet van plan om het op de Westoever rustig te houden.

Een tweede zwakke plek is dat naar schatting een kwart van de Palestijnen voorstander is van hervatting van een „gewapende strijd” tegen Israël. Twee onderzoekers van het Instituut voor Nationale Veiligheidsstudies, Kobi Michael en Udi Dekel, schreven in een deze week gepubliceerd rapport dat de impasse in het politieke proces en de wanhoop onder de Palestijnse bevolking zal leiden tot radicalisering.

Verder zou het kunnen dat de veiligheidssamenwerking met de Palestijnse Autoriteit niet voort duurt. Bijna tweederde van de Palestijnen op de Westoever heeft nu al bedenkingen tegen de coöperatie met Israël.

Ten vierde groeit het aantal Palestijnen dat vóór een eenstaatoplossing is. De hoop op een Palestijnse staat is vrijwel verdwenen. De voortdurende bouwactiviteiten in de Joodse nederzettingen hebben de tweestatenoplossing nagenoeg onmogelijk gemaakt.

Michael en Dekel schrijven dat de „realiteit van één staat” al vorm begint te krijgen. Zij geven de regering een aantal adviezen. Zo moet Israël zorgen voor minder frictie met de Palestijnse bevolking. Verder moet het de samenwerking met de Palestijnse veiligheidsautoriteiten voortzetten en de Palestijnse Autoriteit helpen het bestuur te verbeteren. Het dient de Palestijnen vooruitzicht te geven door bereidheid te zijn om te onderhandelen over verdere overdracht van bestuur. Ook zou Israël internationale pogingen om Gaza weer op te bouwen moeten steunen. Voorwaarde is wel dat de Palestijnse Autoriteit in Gaza weer aan de macht komt.

Er is weinig kans dat de regering de adviezen opvolgt. De verkiezingen komen er aan en peilingen voorspellen dat de nationalisten het voor het zeggen houden. Vanuit rechtse hoek klinkt de roep om annexatie. Het gevolg zal zijn dat Israël toewerkt naar één staat voor twee volken. Het ene met burgerrechten, het andere niet.