Santokhi zit met Brunswijk in zijn maag

VHP-leider Santokhi (l.) won de verkiezingen. Maar hij wordt gedwongen samen te werken met de veroordeelde Brunswijk (r.). beeld ANP, Ranu Abhelakh

Het nieuwe Surinaamse parlement wordt maandag geïnstalleerd. De VHP van beoogd president Chandrikapersad Santokhi is met twintig zetels de grootste partij in de vergadering.

Santokhi wil een coalitie vormen met de NPS, Pertjajah Luhur en de Abop van Ronnie Brunswijk. Zeker is echter nog niets, want de Abop wringt zich nog in allerlei bochten om zoveel mogelijk macht naar zich toe te trekken.

Tot afgrijzen van Santokhi. Hij heeft al moeten slikken dat Brunswijk parlementsvoorzitter wordt en volgende maand waarschijnlijk zelfs tot vicepresident wordt gekozen. Met zijn indrukwekkende strafblad –zowel in eigen land als in Nederland– worden die benoemingen niet met gejuich ontvangen.

Maar Santokhi heeft geen keus. Hij heeft de acht zetels van Abop nodig. Anders gaat deze partij alsnog met NDP van Bouterse in zee. Met behulp van een of twee kleine partijen zou de NDP dan toch een meerderheid van 26 zetels in het parlement kunnen krijgen en Bouterse als lachende derde uit de bus kunnen komen. Dat wil Santokhi voorkomen, dus geeft hij toe.

Vijf dagen na de verkiezingen van 25 mei, waarbij de zittende regering van president Desi Bouterse fors werd afgestraft en slechts zestien zetels haalde, maakte Santokhi al harde afspraken met de drie andere partijen. In zijn enthousiasme deed hij daarbij toezeggingen die hem op veel kritiek kwamen te staan. Zo zouden er twee extra ministeries komen. Maar de huidige zeventien ministeries en 50.000 ambtenaren zorgen al voor een enorme kostenpost. Het ambtenarenapparaat zou juist afgeslankt moeten worden. Onder druk moest Santokhi weer twee ministeries intrekken.

Daarnaast kreeg Pertjajah Luhur, met slechts twee zetels in het parlement, twee ministeries toebedeeld. Partijvoorzitter Paul Somohardjo wilde zelf het departement van Sociale zaken en Volksontwikkeling leiden. Maar een kleine twintig jaar geleden was hij gedwongen af te treden als minister van datzelfde ministerie, omdat hij deelneemsters had lastig gevallen. Het leverde hem uiteindelijk een voorwaardelijke gevangenisstraf op. Veel Surinamers vinden het ongepast dat hij opnieuw minister mag worden.

Maar de meeste hoofdpijn krijgt Santokhi van Brunswijk. Die is evenals Bouterse in Nederland bij verstek veroordeeld tot gevangenisstraf wegens betrokkenheid bij drugshandel. Bovendien heeft hij in eigen land een strafblad vanwege geweldsdelicten en een bankoverval. Santokhi, die zich altijd heeft verzet tegen het feit dat Bouterse ondanks zijn veroordeling president kon worden, is nu genoodzaakt mogelijk Brunswijk als vicepresident te dulden. Dat zal ook zeer tegen het zere been van politiek Den Haag zijn, waarmee Santokhi de banden weer wil mee versterken.

Binnen de VHP van Santokhi zijn zelfs leden die zich uitspreken tegen diens voorgenomen presidentschap, omdat dit de partij alleen maar kan schaden. Santokhi geeft daar geen gehoor aan. „Want het land moet uit de crisis worden gehaald. Dat lukt niet als we aan de zijlijn blijven staan en de NDP nogmaals vijf jaar gaat regeren.”