Islamisten maken de islam kapot, vindt Mustafa Akyol

De Turkse president Erdogan (l.) bidt tijdens de opening van een nieuwe moskee in Istanbul. Het islamistische beleid van de president zorgt ervoor dat steeds meer Turkse jongeren zich juist afkeren van de islam, betoogt opiniemaker Mustafa Akyol. beeld Reuters, Murad Sezer
2

In Iran bekeren duizenden moslims zich tot het christelijk geloof. In Turkije neemt het aantal deïsten snel toe. En in de Arabische wereld stijgt het aantal atheïsten. De oorzaak? Gruwelen die in naam van de islam worden gepleegd, zegt Mustafa Akyol, die ziet hoe zijn religie wordt gekaapt door de politieke islam.

Als de islam ergens in het Midden-Oosten een politieke machtsfactor wordt, gebeurt er vaak iets vreemds. Er ontstaan dan grote groepen onder de bevolking die, hoewel ze moslim zijn, niets meer te maken willen hebben met hun religie.

„Overal waar islamisten de macht krijgen met een ijver om de samenleving te her-islamiseren, bereiken ze precies het tegenovergestelde: de de-islamisering van de samenleving”, zo omschrijft Mustafa Akyol dat wonderlijke proces. De Turkse opiniemaker en apologeet van de liberale islam kaartte deze ontwikkeling recent aan in een vlammend artikel dat werd gepubliceerd door het Hudson Instituut, een conservatieve Amerikaanse denktank uit Washington.

Daarin legt Akyol de schuld bij islamisten: fundamentalistische moslims die zich ervoor beijveren dat de islam politieke macht heeft. „Omdat zij hun autoritaire houding en corruptie rechtvaardigen in naam van de islam, zorgen ze ervoor dat veel andere moslims hun religie beginnen te betwijfelen”, schrijft hij.

Heilige huisjes

Vanuit Washington is Akyol bereid tot een gesprek hierover, want zijn artikel roept zowel onder moslims als onder niet-moslims vragen op. Het grootste bezwaar van veel moslims is dat Akyol heel wat islamitische heilige huisjes omver schopt. Hoe kan hij er, als moslim, op tegen zijn dat moslims de staat willen her-islamiseren door strikte shariaregels toe te passen?

Dat kan omdat die her-islamisering vaak helemaal niet zo islamitisch is, zegt Aykol daarop. „Mijn punt is dat we juist grote problemen hebben gekregen door de mainstream-interpretatie van de islam. Neem het wijdverbreide idee dat een afvallige gedood moet worden. We hebben religieuze teksten die dat zeggen. Of die zeggen dat mensen die niet bidden gestraft moeten worden. Of die zeggen dat een man zijn vrouw kan slaan. Soms komen die teksten van fatwa’s (uitspraken van islamitische geestelijken, JH), soms van de hadith (overlevering van het doen en laten van Mohammed, JH). Waarom nemen we die aan voor onomstotelijk waar? Dergelijke teksten zijn doorgaans lang na Mohammed geschreven. Die teksten zouden kritisch ondervraagd en geherinterpreteerd moeten worden.”

Maar is het probleem alleen dat soort teksten van na Mohammed? Ook de directe bron, de Koran, bevat zeer omstreden teksten.

„Er zijn inderdaad verzen over oorlog, over het bevechten van ongelovigen, over dat vrouwen minder rechten hebben dan mannen. Ik geloof in de Koran, maar ik geloof ook dat deze verzen in een bepaalde context zijn gegeven. Die overtuiging is het hart van de benadering die ik islamitisch modernisme noem. De Koran komt uit een historisch tijdperk waarin men geen idee had van democratie of van moderne wetten. We leven nu in een totaal ander tijdperk, en zelfs een beter tijdperk.”

U stelt buiten werking wat voor nu niet meer past: krijgt op die manier niet iedereen zijn eigen Koran?

„De islam is altijd een gedecentraliseerde religie geweest. Kijk naar het soennisme: wie is daarin de hoogste autoriteit? Degene die jij als autoriteit aanvaardt. Er zijn niet voor niets vier rechtsscholen, alleen al binnen het soennisme. En zelfs die zijn duizend jaar geleden al ontwikkeld, dus het is niet meer dan normaal dat moslims om zich heen kijken voor antwoorden op nieuwe vragen. Dat gebeurt in dit tijdperk van internet meer dan ooit. Niet voor niets gaan veel moslims te rade bij ‘sjeik Google’.”

U zegt: de traditie van de islam veroorzaakt problemen, maar de bron niet. Toch lijken bronteksten van de islam meer handvatten voor geweld te bieden dan die van het christendom. Hoe ziet u dat?

„Ik denk dat het makkelijker was om een gematigd christendom te ontwikkelen dan een gematigde islam, omdat het Nieuwe Testament geen wetssysteem kent en omdat Jezus Christus vredelievend was. Maar vergeet niet: er is ook het Oude Testament. Steniging bijvoorbeeld komt voor in het Oude Testament, niet in de Koran. Dat zijn evengoed teksten die zich lastig laten verenigen met een modern wereldbeeld. Wat dat betreft denk ik dat de islam meer lijkt op het jodendom, omdat ze beide een wetssysteem kennen met allerlei regels die nu soms omstreden zijn.

Hoe kun je dat soort teksten vandaag interpreteren? Bijvoorbeeld op de manier zoals veel joden dat doen. Ik denk aan de joodse verlichting in de 18e eeuw, de haskalah. Die heeft er mede voor gezorgd dat lastige teksten anders geïnterpreteerd konden worden. Dat is gebeurd, en het kan ook in de islam gebeuren.

Concreet: ja, er staat in de Koran een vers als: „Hak dan in op hun nekken.” Ja, als je een militant bent kun je deze verzen misbruiken. Maar ik zou liever zeggen: dit zijn verzen die historische gebeurtenissen beschrijven.”

Maar waren die gebeurtenissen destijds niet even fout als dat ze nu zouden zijn?

„Dat zou ik niet zeggen. Mohammed vocht een legitieme strijd. Hij begon een oorlog tegen de heidenen in Mekka die hem vervolgden. Dat was gewoon een verdedigende oorlog. Na Mohammed is dat idee van een reguliere oorlog uitgebreid tot het idee van verovering. Moslims hebben toen van Spanje tot India land veroverd. Ik ben daar erg kritisch op. De campagne van Mohammed was verdedigend van karakter, niet aanvallend en veroverend.”

Evengoed had hij tegen het eind van zijn leven al het hele Arabisch schiereiland op de knieën gedwongen.

„De meeste modernisten erkennen dat Mohammed inderdaad militaire campagnes voerde, maar alleen om de staat die hij had gesticht te beschermen. Ik deel die visie. De andere visie is namelijk dat hij veroveringen begon in naam van de islam. Die visie is veel meer wijdverspreid onder moslims, maar daar heb ik problemen mee.

De wortel van die twee verschillende visies ligt direct na de dood van Mohammed. Sommige stammen zeiden: We hadden ons onderworpen aan Mohammed, maar die is dood dus onze onderworpenheid is ook afgelopen. Wat moest men met deze stammen doen? De latere kalief Abu Bakr zei: Val ze aan en onderwerp ze. Omar, eveneens later kalief, zei: Dat moeten we niet doen.

De beslissing van Abu Bakr is de dominante lijn in de islam geworden, en in mijn optiek is dat een historische fout geweest. Hier ligt een fundamentele scheidslijn binnen de islam: de lijn tussen aanvallende, veroverende oorlogen en verdedigende campagnes.

In later tijd zie je de gevolgen van die fout. Idealiter zou de islam zich vredelievend verspreid moeten hebben, zoals het christendom in de eerste drie eeuwen. Maar zoals er na keizer Constantijn een donkere periode aanbrak voor het christendom, met een heleboel onderdrukking in naam van de religie, zo gebeurde dat ook met de islam. Ik zie het als een historische last dat de islam zich heeft verbreid door middel van verovering.”

De gevolgen van die veroveringsdrang zijn overal zichtbaar. Islamisten zoals de Turkse president Erdogan beroepen zich vaak op de islamitische geschiedenis – in zijn geval vooral de geschiedenis van het Ottomaanse Rijk, de voorloper van het huidige Turkije.

Maar hoewel Erdogan van Turkije weer een zeer islamitisch land heeft gemaakt, ziet Akyol dat een groeiende groep Turken, vooral jongeren, zich juist van de islam afkeert. In 2018 sloeg een overheidsrapport alarm: zelfs in door de staat bekostigde religieuze scholen verliezen grote aantallen leerlingen hun geloof. Velen kiezen niet voor het andere uiterste van atheïsme, maar worden deïst: ze geloven in een vage God die alles heeft geschapen, maar die geen enkele relevantie heeft voor hun persoonlijk leven.

Iets soortgelijks gebeurt in de Arabische wereld. Onderzoeken van de laatste jaren laten steevast zien dat de groep ”niet-religieuzen” behoorlijk groeit, juist als gevolg van de niet-aflatende strijd die islamisten en jihadisten voeren om hun gebied islamitischer te maken.

Intussen nemen niet alleen het atheïsme en het deïsme in de islamitische wereld toe, dat geldt ook voor bekeringen tot het christendom. Hoe waardeert u dat?

„Voor een deel levert het westerse christendom een voorbeeld van hoe je als religie naar liberalisme, naar verlichting toe kunt bewegen. Dat is voor sommigen aantrekkelijk. Desondanks denk ik niet dat de golf van bekeringen heel groot is. Ik heb daar niet veel van gezien in Turkije. Het gebeurt vooral in Iran, waar sommigen vervolgd zijn door een onderdrukkend islamitisch systeem.

Als je het Westen bewondert, en je ziet de liefde in het christelijk geloof, dan kan ik begrijpen dat je christen wordt. Maar in het algemeen denk ik dat de atheïstische beweging groter is.”

U geeft islamisten hiervan de schuld. Zijn er eigenlijk wel voorbeelden van islamisten die macht krijgen en die níét autoritair, corrupt en wreed worden?

„Dat is absoluut mogelijk. Eerst leek het erop dat het in Turkije zou gebeuren met de AKP van Erdogan. Ik ben in het begin jarenlang een aanhanger van die partij geweest. De AKP richtte zich op hervormingen en bood rechten voor minderheden. Maar later veranderde dat helaas.

Het enige goede voorbeeld dat ik uit de huidige tijd kan noemen, is Tunesië. Ennahda werd daar de grootste partij maar heeft zich altijd gericht op het bereiken van consensus met anderen. Er kwam in 2014 een liberale constitutie. Het is maar één voorbeeld, maar het laat zien dat het niet onmogelijk is voor islamisten om zelfs de democratie vooruit te helpen.”

Maar toch. In het algemeen worden islamitische samenlevingen al decennialang niet liberaler, maar juist steeds orthodoxer.

„Die orthodoxie is een gevolg van de ineenstorting van het Arabische socialisme van de jaren zestig en zeventig. Toen het socialisme niet kon geven wat de mensen hadden gehoopt, begon het islamisme om zich heen te grijpen. Maar ook daaraan komt weer een eind.

Tunesië is nu erg dicht bij een liberale democratie. Turkije heeft die kans gemist, maar na Erdogan zullen er weer andere leiders opstaan. De geschiedenis gaat door. Zelfs voor het christendom was het niet makkelijk om het liberalisme te accepteren; kijk maar naar de felle debatten en oorlogen in de 17e en de 18e eeuw. Diezelfde ontwikkelingen zijn er op dit moment in de islamitische wereld.”

Hoelang gaat het nog duren voordat de islamitische wereld daarmee klaar is?

„De godsdienstoorlogen in Europa hebben op z’n minst een eeuw geduurd. Staan we nu nog maar aan het begin van dat proces in de islamitische wereld? Ik hoop het niet. Laten we het liever doen zoals Tunesië het heeft gedaan: in korte tijd naar een liberale samenleving zonder bloedige oorlogen. Maar ik wil wel waarschuwen. Het zou zomaar kunnen dat er eerst nog zware dagen aan zitten te komen.”

Mustafa Akyol: islamitische modernist

Mustafa Akyol (1972) is een Turkse opiniemaker die onder meer schrijft voor The New York Times en onderzoek doet voor het liberale Cato Instituut in Washington. Akyol schrijft vooral over de mogelijkheid die hij ziet om de islam te laten fuseren met de waarden van de verlichting en die van het klassieke liberalisme. Hij voelt zich thuis bij islamitische modernisten – een relatief kleine groep moslims die vinden dat de islam wordt gegijzeld door traditionele interpretaties die ontwikkeling in de weg staan.

Akyol werd vooral bekend na publicatie van zijn eerste boek over dit thema: ”Islam Without Extremes”, dat in 2011 verscheen. In 2017 publiceerde hij een boek over Jezus als profeet in de islam, onder de titel ”The Islamic Jesus”.