HRW: China vormt wereldwijde bedreiging voor mensenrechten

HRW-directeur Kenneth Roth presenteerde dinsdag in New York het jaaraport van de mensenrechtenorganisatie. Daarin wordt een vernietigend oordeel over China geveld. beeld AFP

De Chinese regering vormt in toenemende mate een „wereldwijde bedreiging voor de mensenrechten.” Regeringen moeten zich dringend verenigen in de strijd tegen aanvallen op organisaties die voor deze rechten opkomen.

Tot die harde conclusie komt mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) in haar jaarrapport dat HRW-directeur Kenneth Roth dinsdag in New York presenteerde. Het feit dat Roth het rapport in New York toelichtte was al opmerkelijk. Hij wilde dat doen in Hongkong, maar de autoriteiten weigerden hem dit weekeinde op de luchthaven van de Chinese stad zonder opgaaf van redenen de toegang.

Volgens Roth zit Peking achter de weigering – en dat zou alles te maken hebben met de inhoud van het jaarrapport. Dat is bepaald vernietigend voor de Volksrepubliek. Volgens HRW voert de Chinese regering „een immense aanval” uit op het wereldwijde systeem om mensenrechten te beschermen. In eigen land hebben de machthebbers een surveillancesysteem opgezet dat zijn weerga niet kent om de bevolking in de gaten te houden en totale sociale controle te realiseren.

Maar China gebruikt ook alle mogelijke economische en diplomatieke middelen om pogingen te smoren om het land verantwoordelijk te stellen voor schending van de mensenrechten. „Peking snoert binnenlandse critici al heel lang de mond”, aldus Roth. „Nu probeert de Chinese regering die censuur ook naar de rest van de wereld uit te breiden.”

Human Rights Watch stelt overigens niet alleen de naleving van mensenrechten in China en andere autocratische landen aan de kaak. De organisatie maakt zich in toenemende mate ook zorgen over het opkomende populisme en antisemitisme in diverse Europese landen. Die vormen in veel gevallen ook een potentiële bedreiging voor de mensenrechten, aldus HRW.

EU-landen hebben in het afgelopen jaar met hun immigratiebeleid en de behandeling van vluchtelingen ook niet altijd de mensenrechten nageleefd, stelt HRW. Als voorbeeld noemt de organisatie het terugsturen van asielzoekers aan de grenzen van onder andere Hongarije, Roemenië, Kroatië, Griekenland en Polen. Daarbij zou in sommige gevallen ook buitensporig geweld zijn gebruikt.