Hoe de aanval op Syrië Moskou weer in de armen van Iran dreef

V.l.n.r. de presidenten Rouhani (Iran), Erdogan (Turkije) en Poetin (Rusland), begin april in Ankara. beeld AFP, Adem Altan

Begin april ontmoetten de Turkse, Russische en Iraanse presidenten elkaar in Ankara. Foto’s van de top maakten volgens Arabische media duidelijk dat Rusland Iran naar de uitgang wil dirigeren.

Wanneer regeringsleiders elkaar treffen worden er foto’s geschoten, al was het maar om de verzamelde journalisten tevreden te stellen. Na deze bijeenkomst was het echter opvallend dat er veel meer foto’s waren waarop slechts Erdogan en Poetin te zien waren, die een groot aantal contracten sloten. Zo zal de Russische firma Rosatom in zuidelijk Turkije een kerncentrale gaan bouwen.

Deze opvallende afwezigheid van Rohani op de foto’s deed veel Arabische media constateren dat de top in Ankara nog een andere bedoeling had: namelijk het geleidelijk terugdringen van de Iraanse invloed in Syrië. Het is geen geheim dat het soennitische Turkije vanaf het begin van de Syrische crisis in 2011 op de val van Assad hoopte. In plaats daarvan zou er een regime kunnen komen dat door moslimsbroeders zou worden gedomineerd. Syrië zou hiermee een bestuur krijgen dat ideologisch sterk verwant was met de AK-partij van de Turkse president Erdogan.

Turkije moest echter met lede ogen aanzien hoe het sjiitische Iran daarentegen de lakens begon uit te delen in Damascus. Bovendien begon Iran driftig te bouwen aan wat wel een „sjiitische corridor” wordt genoemd die Teheran via Syrië direct met Beiroet zal verbinden. Redenen genoeg voor Turkije om te wensen dat de Iraanse invloed in Syrië sterk gereduceerd zou worden.

In Ankara leek het erop dat Erdogan de Russische president Poetin aan zijn zijde had. Dat het niet meer zo botert tussen Iran en Rusland bleek onder meer uit het feit dat er de laatste tijd in de Iraanse pers veel artikelen verschenen die Poetin openlijk bekritiseerden.

Tot voor kort leek het erop dat de Syrische oorlog zijn einde naderde. Overal rezen er discussies over de wederopbouw. Vooral de in Syrië ontdekte aardgasvoorraden zijn hierbij interessant, met name voor de Europese markten. Op dit terrein zijn Iran en Rusland echter elkaars concurrenten, en Iran kreeg steeds meer het idee dat Moskou in Syrië alle lucratieve contracten naar zich toe trok.

Moskou heeft waarschijnlijk ook nog andere redenen om de groeiende Iraanse invloed in Syrië in te dammen. Dat heeft onder meer te maken met Israël, waarmee Moskou steeds hechtere relaties ontwikkelde. De Israëlische premier Netanyahu heeft Poetin duidelijk gemaakt geen Iraanse militaire bases in Syrië te accepteren en de Russische president weet dat het Netanyahu ernst was. Het uiteindelijke doel van Iran is om Israël te kunnen aanvallen vanuit de Syrische Golan, wat absoluut niet in het belang van Moskou is, dat in Syrië net een oorlog tracht te beëindigen.

Er is Rusland bovendien veel aan gelegen om de relaties met de soennitische Arabische landen te verbeteren die het sjiitische Iran vrezen. In Ankara leek het fundament te worden gelegd voor een hechtere Turks-Russische band die Iran op de achterbank moest zetten. Toen kwam zaterdag echter de aanval van de Verenigde Staten, Frankrijk en Groot-Brittannië op Syrische doelen. Deze aanval dreef Moskou weer regelrecht in Iraanse armen. Iran en Rusland zwoeren gezamenlijk wraak te nemen. Van Turkije werd niets meer vernomen.