Coronaproof demonstreren lukt vrijwel nergens

Buitenland
Demonstratie op de Place de la République in Parijs, dinsdag. beeld EPA, Yoan Valat

Niet alleen in Amsterdam, maar ook in andere Europese steden hielden demonstranten lang niet altijd afstand tijdens antiracismeprotesten. In vrijwel alle gevallen kozen politici en politie ervoor niet in te grijpen.

Toen de Alexanderplatz in Berlijn zaterdag tijdens een demonstratie overvol dreigde te worden, sloot de politie omliggende straten af voor verkeer. De veiligheidsdiensten verzochten de antiracismedemonstranten vervolgens om zich ook over deze straten te verspreiden, zodat ze voldoende afstand van elkaar konden houden.

Het kon niet voorkomen dat de afstandsregels met voeten werden getreden. Het zorgde op sociale media voor discussie over de politie-inzet. De staatssecretaris van Gezondheid voor de deelstaat Berlijn, Dilek Kalayci (SPD), riep de demonstranten op tot meer verantwoordelijkheidszin. „In deze pandemie hebben zowel de organisatoren als de deelnemers een hoge verantwoordelijkheid”, stelde ze. „Je kunt ook met afstand demonsteren en daarbij mondkapjes gebruiken.”

Haar collega voor binnenlandse aangelegenheden, Andreas Geisel, had groen licht gegeven voor de demonstratie, zonder begrenzing van het aantal deelnemers. Hij verwachtte daarbij wel dat die zich aan de afstandsregels zouden houden. Het aantal betogers, naar schatting zo’n 15.000, lag echter vele malen hoger dan verwacht. „Dat maakt het voor de politie in zo’n situatie moeilijk”, erkende Geisel achteraf. Tot grote onrust leidde het verder echter niet.

In de Italiaanse hoofdstad Rome leek het zondag aanvankelijk goed te gaan met de afstandsregels. Op last van de autoriteiten was op het laatste moment een groter plein gekozen voor de demonstraties. Toch stonden ook daar de mensen uiteindelijk veel te dicht op elkaar, hoewel er nog plek over was. De media toonden zich eensgezind in de opvatting dat dit eigenlijk niet kon, maar het leidde verder niet tot politieke problemen of grote, collectieve, verontwaardiging.

In Frankrijk waren demonstraties vanwege de coronabeperkingen verboden. Het kon niet voorkomen dat zich in Parijs al meermalen duizenden mensen verzamelden als eerbetoon aan de in de VS omgekomen zwarte arrestant George Floyd. Het Franse protest richtte zich daarnaast tegen politiegeweld op eigen bodem. Symbool daarvoor staat de dood in 2016 van de zwarte man Adama Traoré, die na een hardhandige aanhouding door de politie overleed.

De Franse minister van Binnenlandse Zaken Christophe Castaner toonde zich aanvankelijk ontstemd over de demonstraties, mede omdat ze op gewelddadigheden uitliepen. Tegenover de zender RMC verklaarde hij dinsdag echter dat er bij nieuwe betogingen geen boetes zouden worden uitgedeeld. „Ik geloof dat de wereldwijde emotie, die rond dit thema zeer gerechtvaardigd is, de juridische regels overstijgt.”

De Belgische stad Antwerpen greep zondag wél in toen de afstandsregels werden overtreden: de politie pakte ruim 100 demonstranten op. In enkele andere Belgische steden, zoals Gent, hadden de organisatoren gekozen voor een alternatieve vorm van protest, omdat een demonstratie verboden was. In Gent zetten betogers schoenen rond het standbeeld van koning Albert I. In Brussel waren naar schatting 10.000 mensen op de been.

In Groot-Brittannië gingen meer dan 137.500 mensen afgelopen weekend de straat op om te protesteren tegen racisme en politiegeweld. Dat liet de Britse minister van Binnenlandse Zaken, Priti Patel, maandag aan het Lagerhuis weten. Vooral de massaprotesten in Londen haalden het nieuws.

Het is echter niet in de eerste plaats de Londense burgemeester, Sadiq Khan, die kritische vragen moet beantwoorden over het chaotische verloop van de demonstraties. In het Verenigd Koninkrijk is de politie verantwoordelijk voor protesten, stelt een persvoorlichter van Khan.

De Metropolitan Police Service nam al snel nadat de eerste mensen op straat verschenen een duidelijke positie in: massademonstraties zijn illegaal tijdens de coronapandemie. Maar toen de groep demonstranten groter en groter werd, greep de politie niet in. Het afdwingen van de coronamaatregelen zou „waarschijnlijk eindigen in zeer grote wanorde”, verklaarde hoofdcommissaris Cressida Dick nadien.

Dat de politie hoofdverantwoordelijke is, betekende overigens niet dat de burgemeester buiten schot bleef in de kritiek. De minister van Binnenlandse Zaken oordeelde dat Khan meer op de voorgrond had moeten treden in het reguleren van de protesten.