Arm India vreest keus tussen honger of corona

Buitenland
Een dakloze man eet voedselresten op straat tijdens de lockdown in de Indiase stad Ahmedabad. beeld AFP, Sam Panthaky

Militairen met wapenstokken liepen woensdag, op de eerste dag van de Indiase lockdown, door de woonwijk Nizamuddin in New Delhi. Het machtsvertoon moest de inwoners erop wijzen de oproep om binnen te blijven serieus te nemen.

Premier Modi verscheen dinsdag op televisie. „Dit is een ernstige situatie”, zei hij. „Zelfs Europa kan het coronavirus niet de baas. Onze enige hoop is verspreiding voorkomen. Iedereen moet drie weken binnen blijven.” Dat zijn in India 1,3 miljard mensen. Modi benadrukte dat het voor de armsten een moeilijke tijd zal zijn, maar een helder steunplan bleef uit. Zijn speech riep juist veel vragen op. Voor wie gelden uitzonderingen? Mag je boodschappen doen? En vooral: hoe moeten dagloners en mensen in de sloppenwijken zich zonder inkomen redden?

De lockdown is begrijpelijk. Het aantal vastgestelde besmettingen is in India nog relatief laag. Vrijdag telde men 767 geïnfecteerden en 20 doden. Maar er wordt weinig getest en er zijn tekenen dat het virus zich binnen gemeenschappen aan het verspreiden is. Gezondheidseconoom Ramanan Laxminarayan schatte in dat in juli 300 tot 500 miljoen Indiërs besmet zullen zijn. Er zullen mogelijk één tot twee miljoen mensen aan het virus overlijden.

India is kwetsbaar. Honderden miljoenen mensen wonen dicht op elkaar in sloppenwijken. Afstand houden is vaak onmogelijk. De huizen hebben geen of slechte riolering. Watertoevoer is problematisch. Hygiëne moeizaam. En de gezondheid van de armsten is niet optimaal. Als het coronavirus een sloppenwijk bereikt, zal het zich als een bosbrand verspreiden. Daarbij is de Indiase gezondheidszorg in een slechte staat. Voor slechts één op de 2000 inwoners is er een ziekenhuisbed. En één isolatiebed op 84.000 inwoners. Voor medici is er amper bescherming. Er verschenen beelden op sociale media van artsen die zichzelf hadden dichtgeplakt met plastic afvalzakken.

Wapenstokken

Na Modi’s speech renden mensen naar de lokale supermarkt om de laatste producten in te slaan. Niet onterecht. Want op dag één van de lockdown gingen de grootste online bezorgdiensten offline, omdat overijverige politieagenten bezorgers tegenhielden en opslaghuizen sloten. Hoewel groentewinkels en apotheken open mogen blijven, bleek het voor velen onduidelijk of je erheen mag. Ook voor politieagenten. Op veel plekken werden mensen die zich op straat begaven met wapenstokken in elkaar geslagen.

Dat de armsten het hardst zullen worden getroffen, bleek eveneens al op de eerste dag. Momenteel zwerven door heel India tienduizenden dagloners, volgens de Belgisch-Indiase econoom Jean Drèze zelfs miljoenen, te voet op weg naar hun geboortedorp honderden kilometer verderop. Anderen zijn gestrand bij lege bushaltes en op treinstations. Zonder voedsel en geen mogelijkheid om handen te wassen. De meesten zijn door de lockdown hun werk kwijtgeraakt. Een betere planning had deze situatie kunnen voorkomen, aldus critici.

Ook al zullen de opstartproblemen worden opgelost, experts waarschuwen voor nadelen van de lockdown. Zo deed Drèze in de Indiase krant The Hindu een appel op de Indiase overheid om de armsten te steunen. Want anders is het middel erger dan de kwaal. Dan zullen mensen verhongeren. En epidemioloog Jayaprakash Muliyil verklaarde aan website Scroll.in: „In een georganiseerde maatschappij, waar voedsel aan elk huis kan worden geleverd, is een lockdown een goed idee. Maar in India krijgen verkeerde mensen macht en zal het uitlopen op onderdrukking en exploitatie. Het gaat een lang gevecht worden.”

Het blijft kiezen uit kwaden. Maar in het armere gedeelte van de Delhi wijk Nizamuddin laten inwoners zich niet gek maken. De nauwe straatjes, die normaal gesproken krioelen van mensen, zijn rustig. Voor een levensmiddelenwinkel staan enkele klanten, met mondkapje op, keurig op afstand van elkaar. Ze hebben begrip voor de militaire intimidatieronde.

„Ze vertelden ons dat we afstand moeten houden”, aldus enkele mannen voor de moskee. Naast hen staan riksja’s werkeloos op een rij. Een kleermaker vertelt dat hij het drie weken zonder salaris kan uithouden. Dat zal voor de riksjarijders niet gelden. Van alle Indiërs die werken in de informele sector –volgens schattingen zo’n 470 miljoen mensen– verdient 80 procent minder dan 200 euro per maand, eerder 80 euro per maand. Bijvoorbeeld dagloners, zoals de riksjarijders. Voor hen geldt: Als werk wegvalt, is honger nabij.

De Indiase minister van Financiën kondigde donderdag aan dat ze twintig miljard euro zal vrijmaken voor steun aan de allerarmsten. Daarbij krijgen 800 miljoen arme gezinnen voor de komende 3 maanden 5 kilo rijst, een kilo bonen en kookgas. De komende tijd zal blijken of de steun afdoende is en op tijd bij de juiste personen terecht zal komen.