Zedenverleden van moordenaar Anne Faber bleef „geheel uit beeld”

Maandoverzicht maart 2019
Deelnemers aan de zoektocht naar de vermiste Anne Faber in de omgeving van Soesterduinen, in september 2017. Zedenmisdadiger Michael P. vermoordde haar. Hij bleek op verlof te kunnen zonder dat „er enige notie bestond in hoeverre dat verantwoord was.” beeld ANP, Sem van der Wal

Zedenmisdadiger Michael P., die in 2017 de 25-jarige Anne Faber vermoordde, kon op verlof zonder dat „er enige notie bestond in hoeverre dat verantwoord was.”

Die vernietigende conclusie trekt de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in een donderdag gepresenteerd rapport. Michael P. werd in 2012 in hoger beroep veroordeeld tot elf jaar cel wegens onder meer enkele gewelddadige verkrachtingen in Nijkerk. Hij wist onder tbs uit te komen. Het hof beschreef de man destijds als „berekenend en nietsontziend.”

In 2013 belandde P. in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum (PPC) in Vught. Die instelling heeft „niet ingezet op een op zedendelinquentie gerichte behandeling.” In januari 2017 werd de man overgeplaatst naar de Forensisch Psychiatrisch Afdeling (FPA) in Den Dolder.

Privacy

Bij de overplaatsing van Vught naar Den Dolder ging van alles mis, concludeert de OVV donderdag. Zo voorzag het PPC in Vught de behandelaars in Den Dolder van „beperkte en weinig adequate” informatie. Het zedenverleden van P. bleef onbenoemd.

Door de „summiere” overdracht van informatie vanuit Vught raakte het „risicoprofiel” van P. in Den Dolder „nog verder uit het zicht”, constateert de raad. Oftewel: behandelaars hadden geen flauw benul met wat voor gevaarlijke man ze van doen hadden.

Ontluisterend is ook dat Michael P. zélf de overdracht van informatie naar zijn hand kon zetten, blijkt uit het OVV-rapport. Het PPC in Vught werkte een jaar lang aan een zogeheten delictanalyse van Michael P. Maar toen hij naar de kliniek in Den Dolder verhuisde, werd er van dat document „slechts een deel” overgedragen aan zijn behandelaars daar. De reden was volgens Vught dat „Michael P. voor een volledige overdracht geen toestemming gaf.”

De Onderzoeksraad voor Veiligheid oordeelt hard over die gang van zaken. „De raad onderkent dat ook een gedetineerde aanspraak kan maken op het recht op privacy, maar vindt het onacceptabel dat een zwaarwegend veiligheidsbelang daaraan ondergeschikt gemaakt wordt.”

De behandelaars in Vught schetsen tegenover hun collega’s in Den Dolder een te rooskleurig beeld van Michael P., constateert de raad. De term „modelpatiënt” die Vught gebruikte voor P. is misplaatst, zegt de raad met zoveel woorden. Informatie over „diverse incidenten” die P. in Vught veroorzaakte werd pas aan de kliniek in Den Dolder verstrekt toen die de man al had aangenomen als patiënt.

Schroom

Het is beroerd gesteld met de bereidheid van klinieken om informatie over vrijkomende (zeden)misdadigers te delen met bijvoorbeeld burgemeesters, stelt de raad. Behandelaars hebben meer oog voor het welzijn van hun patiënt dan dat ze zich bekommeren over de veiligheid van de samenleving. Een „onacceptabele” houding, vindt de raad. „Terughoudendheid en schroom moeten plaatsmaken voor openheid.”

Sinds acht jaar kunnen gemeenten zich door de minister van Justitie en Veiligheid laten informeren over verlof of vrijlating van plegers van ernstige (zeden)- misdrijven. De gemeente Zeist (waar Den Dolder onder valt) was echter niet geïnformeerd over het feit dat P. zich vanuit de kliniek vrij door de gemeente kon bewegen.

„21 gevangenen waren onterecht op vrije voeten”

ANP-57817920Door grove fouten te veel vrijheden Michael P.

ANP-71515180„Tekortgeschoten in bescherming maatschappij”

ANP-71514726Familie Faber: Rapporten onvoorstelbaar