Verwaand en verwend

Turbulenter tijden dan de afgelopen weken maakte ChristenUnie/SGP-raadslid Arthur Vlaardingerbroek (30) in de Rotterdamse gemeenteraad niet mee. Pim Fortuyn imponeerde, glorieerde, bruskeerde. Maar de man die de geesten rijp maakte voor een politieke aardverschuiving is vermoord. „Ik moet vaak denken aan Psalm 146: Stel je vertrouwen niet op mensen.”

„Pas zag ik tv-beelden die heel typerend zijn voor Pim Fortuyn”, zegt Vlaardingerbroek in de krapbemeten fractiekamer in het stadhuis aan de Coolsingel. „Op de dag van de moord werd Fortuyn in Breda gefilmd, waar hij met krantenlezers had gesproken. Toen hij in zijn dure wagen wegreed, riepen een paar jongetjes: „Wat hebt u een mooie auto!” Fortuyn zwaaide en zei iets als: „Als jullie hard werken, kunnen jullie later ook zo’n auto kopen!” Dat spreekt mij aan. Fortuyn deed een beroep op de mensen zélf. Zij moeten hun verantwoordelijkheid kennen. Terecht keerde hij zich tegen een laten-we-maar-uitdelen-overheid.”

Wat vond u van de begrafenisdienst van Fortuyn?
Vlaardingerbroek, zelf lid van de hervormde Pelgrimvaderskerk in Rotterdam-Delfshaven: „Ik kan er niet goed mee uit de voeten. Ik vond het mooi dat de preek begon met Matthéüs 25. Daar zegt Jezus dat je Hem eten en drinken hebt gegeven, als je anderen te eten en te drinken geeft. Als je echter alléén zo’n tekst aanhaalt, bestaat het gevaar dat de gedachte rijst dat je de hemel kunt beërven als je goed voor je naaste hebt gezorgd. Ik vond het heel jammer dat Jezus helemaal uit het beeld verdween.

Deze week lazen we thuis uit Deuteronomium, waar Mozes na veertig dagen bidden en vasten iets zegt als: „Wij hebben U geen blik waardig gekeurd. Straf ons niet, om Uws Naams wil.” Die notie, van een biddende bedelaar, miste ik in de uitvaartdienst. Ik wil niet hautain doen, maar ik denk dat Fortuyn de essentie van het christelijk geloof, de verlossing door Jezus Christus, niet wilde aanvaarden.

De avond na de vreselijke moord had ik ook een wat dubbel gevoel, toen ik hoorde dat de fractie van Leefbaar Rotterdam onder leiding van tweede man Sörensen het ”Onze Vader” had gebeden. Samen met burgemeester Opstelten. Dat ontroerde me. Ik wil daar niet cynisch over doen, maar ik plaats wel mijn vraagtekens. Blijven ze volharden in gebeden? Dat is voor mij een strijd, ik bid voor hen. God wil immers niet alleen in nood gebeden zijn.”

Tienduizenden mensen kwamen na Fortuyns dood op de been. Bloemstukken zijn op de golven van de Nieuwe Maas gegooid. Massahysterie?
„De nuance is weg. Ik vind de verering van Fortuyn veel te ver gaan. De aandacht krijgt messiaanse trekjes. Tijdens de rijtoer werden er bloemen op de lijkwagen gegooid. Ik denk dat koningin Beatrix, die vele jaren hard voor dit land heeft gewerkt, zo’n uitvaart nog niet eens ten deel zal vallen.”

„Ik moet vaak denken aan Psalm 146: Stel je vertrouwen niet op mensen. Ik verbaas me over reacties van mensen. Een vrouw op televisie zei: „Mijn man staat al een jaar op een wachtlijst voor een openhartoperatie. Pim is mijn laatste hoop.” Gelooft die vrouw nou werkelijk dat Fortuyn dat even voor haar zou regelen? Fortuyns idolen houden een lege huls over. Hun hoop is weg. Wij als christenen weten waar we naartoe moeten.”

Hoe ging uw fractie om met Fortuyn?
Vlaardingerbroek, die sinds 1999 de enige zetel van ChristenUnie/SGP in de Rotterdamse raad (45 zetels) bezet: „Wij hebben Fortuyn nooit in de ban willen doen. Allereerst gaat het om zijn ideeën. We hebben overeenkomsten met opvattingen van Leefbaar Rotterdam. Allebei willen we bijvoorbeeld het aantal coffeeshops in de stad verminderen. Er zijn ook verschillen. Fortuyns partij wil hard drugs verstrekken aan zwaarverslaafden, om overlast tegen te gaan. Wij vinden dat je de hoop niet op moet geven. Ik zeg altijd: Zo’n verslaafde zal je broer of zus maar zijn.”

Maakte Fortuyn de politiek weer levendig?
„Zeker. Hij was een scherp debater, die anderen ertoe wist te bewegen met hun standpunten op tafel te komen. Die helderheid, desnoods in scherpe bewoordingen, is goed. Laat je hart maar spreken.

Grote moeite heb ik echter met het moddergooien van de laatste maanden. Dat onder-de-gordel-gedoe. Fortuyn en Leefbaar Rotterdam straalden iets uit van blinde haat jegens de PvdA: Alles wat mis is gegaan, is aan de PvdA te wijten. Zo ligt het niet. De nuance was weg. Andersom geldt dat ook. Fortuyns tegenstanders maakten vergelijkingen met de jaren dertig van de vorige eeuw, met rechts-extremisme. Dat is niet terecht. Fortuyn was geen rechts-extremist. Hij zei: „Nederland is vol.” Dat mag hij vinden, maar dat ben ik niet met hem eens. Rotterdam is dichtbebouwd, maar als ik elders in het land rijd, denk ik soms: Er kan best nog een stad als Rotterdam bij.”

Wordt politiek steeds meer een populistisch circus?
„Ik vrees van wel. We leven in een televisiedemocratie. Je kunt in tien seconden drie zetels winnen én verliezen. Dat zag je na het lijsttrekkersdebat op de Erasmus Universiteit in Rotterdam, een paar maanden geleden. Rosenmöller wist Fortuyn op z’n nummer te zetten. De GroenLinks-leider zei iets in de trant van: U maakt veel theater, maar u kunt niet tegen kritiek. Fortuyn werd boos en deed z’n microfoontje af. Uit kiezersonderzoek bleek dat GroenLinks na dat debat drie zetels steeg en Pim Fortuyn een paar zetels zakte.”

Links zit na de moord op Fortuyn in de beklaagdenbank. „Melkert moordenaar”, schreeuwden mensen.
„Dat soort opmerkingen keur ik hartgrondig af. Aanhangers van Fortuyn moeten niet zeuren. Het was Fortuyn zelf die voor tweespalt zorgde.”

Fortuyn mobiliseerde mensen die een strenger vreemdelingenbeleid willen. Hoe groot is de onvrede?
„Het is goed dat Fortuyn de vinger heeft gelegd bij frustratie in stadswijken. Hij heeft de politiek wakker geschud. Er zijn forse problemen. Inburgering van migranten verloopt stroef. In 600 uur krijg je de Nederlandse taal niet onder de knie. Ik hoorde pas van een 17-jarig allochtoon meisje, moeder van een kind. Zij sprak slechter Nederlands dan toen ze op de basisschool zat. Dat zijn zorgelijke dingen.”

Zelf woon ik aan de Mathenesserdijk in Rotterdam-West. De bewoners in mijn buurt zijn voor 70 procent van allochtone afkomst. Je ziet allerlei dingen fout gaan. Een paar voorbeelden. Een paar jaar terug werd iemand overhoop geschoten, omdat hij een biertje niet had betaald. Opgeschoten jongelui scheuren met veel kabaal met hun auto’s heen en weer. Het lijkt soms net een snelweg bij mij voor de deur. Als ondergrondse containers vol zijn, wordt het vuil gewoon op straat gegooid.

Maar er is ook een andere kant van het verhaal. Onze bijbelse opdracht is dat we oog moeten hebben voor de vreemdeling in de poort, al moeten we het vreemdelingenvraagstuk in Europees verband aanpakken. En het is niet allemaal kommer en kwel. We moeten niet het beeld oproepen alsof Rotterdam een wildweststad is. ’s Avonds na een vergadering fiets ik gerust dwars door de binnenstad.”

Helpen die nuanceringen als uit statistieken blijkt dat vrijwel alle straatroven in Rotterdam door allochtone jongens worden gepleegd?
„We mogen niet iedereen over één kam scheren. Van bijvoorbeeld veruit de meeste Marokkaanse jongeren hebben we geen last. Een groep van een paar honderd jongens is verantwoordelijk voor de criminaliteit. Die gasten moeten we hard aanpakken. Net zo goed als relschoppende voetbalsupporters. En dat zijn juist weer Nederlanders.”

Een commentator betoogde deze week: Het Nederland van Fortuyn is een volgevreten, decadente natie, die arme stakkers buiten de deur wil houden. Zit daar wat in?
„Ik denk het wel. Nogal wat Nederlanders kunnen vreselijk zeuren. Zijn verwend en verwaand. Op allerlei terreinen. Vroeger zorgden we zelf voor onze oude vader en moeder. Nu knippen we met onze vingers naar de overheid: Ik wil graag meteen een bejaardentehuis voor mijn moeder. Moeten we vervolgens meer belasting betalen om de gezondheidszorg te kunnen blijven financieren, dan is het ook niet goed.”

„Het Nederlandse onderwijssysteem is kapot en verrot, roepen mensen. Natuurlijk zijn er problemen, maar in vergelijking met andere landen doet ons land het op onderwijsgebied best goed. Nog weer iets anders: Sinds een aantal jaren menen we allemaal recht te hebben op ons eigen autootje. Nu hebben we die auto, maar we willen niet in de file staan.”

De woensdagavond na Fortuyns dood trokken voetbalsupporters na de wedstrijd Feyenoord-Borussia Dortmund een spoor van vernielingen door de binnenstad. Burgemeester Opstelten had het over „tuig van de richel.”
„Dat ben ik met hem eens. Kennelijk zit het verdriet om Fortuyn bij dat soort mensen niet zo diep. We moeten die relschoppers hard aanpakken. Ik voel wel voor de Engelse methode. Daar lopen hooligans de kans om levenslang van alle voetbalvelden geweerd te worden, ook van het veld waarop je zoontje van vier een wedstrijd speelt.

Ik heb voorgesteld de finalewedstrijd naar een andere stad te verplaatsen. Maar daar voelde de gemeenteraad niet voor. Fortuyn zou dat ook niet gewild hebben, luidde de redenering. Het verbaast me dat zo’n wedstrijd gewoon doorgaat. Dat rouwenden bij het stadhuis de housemuziek van supporters kunnen horen. „Het leven gaat door”, zeiden horeca-ondernemers. „De bierpompen zijn al besteld.””

Wat is uw oordeel over het optreden van burgemeester Opstelten de afgelopen weken?
„Ik vind dat hij een heel goede indruk achterlaat. Het was een goede zet om meteen condoleanceregisters in het stadhuis te openen om mensen de gelegenheid te geven hun gevoelens te uiten.”

Fortuyn bekritiseerde kort voor zijn dood ChristenUnie en SGP: De partijen zijn niet door de Verlichting heengegaan.
„We moeten goed beseffen dat Fortuyns gedachten óók gestoeld zijn op iets van een geloof. Eerder zei hij dat alle gereformeerden leugenaars zijn, omdat ze normen hebben waaraan je niet kunt voldoen. Dan zeg ik: Daar heeft hij gelijk in, maar wij weten dat de oplossing bij Jezus ligt.”

Fortuyn zag in ons land graag één dominante, moderne cultuur. Dat ben ik niet met hem eens. Ik zie zo’n eenheidsworst niet zitten. Zou dat betekenen dat iedereen PvdA-achtige standpunten moet hebben als de PvdA de grootste zou zijn? Ik vind dat iedereen z’n eigenheid moet kunnen houden. Christenen moeten op zondag niet gedwongen worden te werken, moslims moeten hun hoofddoekje kunnen blijven dragen. Natuurlijk moeten we het ideaal houden van een christelijke natie. Maar je kunt mensen het geloof niet door de strot duwen.”

Nederland maakte woensdag een ruk naar rechts. Hoe beoordeelt u dat?
„Ik denk niet dat Nederland zeg maar in één dag christelijker of rechtser is geworden, nu CDA en LPF fors hebben gewonnen. Feit is dat er grote kritiek is op de paarse partijen. Wel vrees ik dat veel burgers erg oppervlakkig denken over politiek. Vergeet niet dat de paarse partijen er een halfjaar geleden nog goed voor stonden.”

ChristenUnie en SGP verloren allebei een zetel. Teleurgesteld?
Vlaardingerbroek, lid van de ChristenUnie: „Dat de SGP een zetel zou verliezen, was gezien de peilingen te verwachten. Het verlies voor de ChristenUnie lag niet voor de hand. Ik was op de landelijke verkiezingsavond in Voorburg. De klap kwam hard aan. Ik vermoed dat veel mensen die aanvankelijk op de ChristenUnie zouden stemmen, op het laatste moment toch voor het CDA kozen. Balkenende geniet veel vertrouwen. Bovendien heeft hij een ARP-achtergrond en een gereformeerde uitstraling. Kennelijk hebben veel potentiële ChristenUnie-stemmers gedacht: We moeten eraan meehelpen om Balkenende premier te maken.”