SGP’er Servaas Stoop wil de goede Boodschap laten horen in de provinciepolitiek

Maandag werd in het provinciehuis in Zuid-Holland in Den Haag een symposium gehouden omdat SGP'er Servaas Stoop 25 jaar Statenlid is. beeld René Zoetemelk
2

Ontslag krijgen als burgemeester omdat de provincie Zuid-Holland vindt dat jouw gemeente moet fuseren. En tegelijkertijd Statenlid zijn van diezelfde provincie. Het ziet ernaar uit dat het jubilerend SGP-Statenlid Servaas Stoop dat over ruim een jaar voor de tweede keer gaat meemaken.

Natuurlijk zijn de situaties verschillend. Dirksland –Stoops eerste gemeente– was in 2012 voorstander van de fusie met buurgemeenten Goedereede, Oostflakkee en Middelharnis. De inwoners van Korendijk –waar Stoop nu burgemeester is– zijn juist fel tegen een fusie met Binnenmaas, Cromstrijen, Oud-Beijerland en Strijen tot één gemeente Hoeksche Waard. De SGP in Korendijk is een van de verklaarde tegenstanders.

Vragen ze in Korendijk nooit of u die fusie kunt tegenhouden?

„Nee, ik kreeg daar nooit vervelende opmerkingen over. Omdat ik van begin af aan duidelijk had gemaakt –zowel in Korendijk als in Den Haag– dat ik geen woordvoerder in deze kwestie was. Ik bemoeide mij intern ook nooit met de discussie. Sterker, toen het onderwerp in de Staten werd besproken, zat ik op de publieke tribune en stemde ik niet mee.”

Dus de combinatie burgemeester en Statenlid wringt nooit?

„Als die functies met elkaar zouden bijten, zou ik een van de twee moeten neerleggen. En omdat het Statenlidmaatschap een nevenfunctie is, zou ik daarmee stoppen. Maar gelukkig is dat nog nooit voorgevallen.”

Is er wel een dieptepunt te noemen uit die kwarteeuw?

„Voor mij is dat de Cetecoaffaire in 1999. De provincie Zuid-Holland leek een miljoenenverlies te lijden door de inleg van ongeveer 2,3 miljard gulden bij banken en instellingen zoals handelshuis Ceteco. Drie gedeputeerden, een commissaris van de Koningin en de directeur van de ambtelijke organisatie traden af. Met als gevolg een enorme imagoschade en een forse vertrouwensbreuk tussen het bestuur en een deel van de ambtelijke organisatie. Het kostte veel tijd om orde op zaken te stellen en het vertrouwen te herstellen.”

Wat was een hoogtepunt?

„In 1999 kon de SGP samen met de voorlopers van de ChristenUnie aanschuiven in een regenboogcoalitie met CDA, PvdA en GroenLinks. Voorwaarde was wel dat we als SGP’ers met de CU één fractie zouden vormen. Sindsdien doen we dat iedere periode, hoewel we wel elke keer als twee partijen de verkiezingen in gaan. Tot nu toe werkt dat prima en is er nog nooit een onvertogen woord over gevallen.

Tijdens de periode van 2007 tot 2011 kregen we het als CU/SGP voor elkaar dat de provincie een forse extra investering deed in de jeugdzorg. Dat durf ik ook gerust een hoogtepunt te noemen.”

Op de provinciesite schrijft u dat u „de Goede Boodschap wilt laten doorklinken in heel praktisch beleid voor de dagelijkse leefomgeving van mensen.” Hoe doet u dat?

„Natuurlijk hebben we in de provincie niet te maken met heel principiële onderwerpen zoals koopzondagen. Toch kunnen we op schaarse momenten wel de verbinding leggen met onze principes, bijvoorbeeld als het gaat om goed rentmeesterschap, het bewaren van de schepping. Andere partijen verwachten ook van ons dat we daar iets over zeggen, bijvoorbeeld bij de algemene beschouwingen.”

Is provinciepolitiek niet vreselijk saai?

„Absoluut niet. De provincie heeft een prominente rol als het gaat om ruimtelijke ontwikkeling op een hoger niveau over een langere periode. Neem bijvoorbeeld de aanleg van de Rijnlandroute, een provinciale weg tussen Leiden en Katwijk. Gemeenten, bewonerscomités en belangenorganisaties hebben elk hun wensen. Daar probeer je dan als provincie goed uit te komen.”

Nooit de ambitie gehad om commissaris van de Koning of gedeputeerde te worden?

„Dat laatste heb ik weleens overwogen als er kans zou zijn op deelname aan het provinciebestuur. Maar commissaris van de Koning, tja, daarvan zijn er maar twaalf in Nederland. Het heeft volgens mij weinig zin om daar over te dagdromen.”