Reclamewaakhond wijst klacht over prolifeflyer af

De flyer die vorige week huis aan huis werd verspreid. beeld NPV

De folder die het Platform Zorg voor het Leven in de Week van het Leven huis aan huis heeft verspreid is niet nodeloos kwetsend of in strijd met de goede smaak en het fatsoen.

Dat heeft de Reclame Code Commissie (RCC) maandag beslist.

Een van de ontvangers had schriftelijk bij de reclamewaakhond tegen de folder geprotesteerd. Tevergeefs, zo blijkt nu. De RCC stelt vast dat de flyer is bedoeld om mensen te bewegen na te denken over alternatieve mogelijkheden voor vrouwen die overwegen een abortus te ondergaan. Het is volgens de uitspraak aan het platform om dit doel na te streven en te proberen dit te verwezenlijken door het verspreiden van een folder.

Niet iedereen zal het waarderen om zo’n boodschap op een dergelijke wijze te ontvangen, zo beaamt de raad, maar de folder is niet van dien aard „dat naar de huidige algemene maatschappelijke opvattingen de grenzen van het toelaatbare te buiten zijn gegaan.”

Ook de aantijging dat het platform de schuld voor een onbedoelde zwangerschap te eenzijdig bij de moeder zou leggen, is volgens de RCC niet juist. Integendeel, zegt de uitspraak, uit het geheel van de tekst komt juist naar voren dat de opstellers aandacht hebben willen vragen voor de moeilijke situatie waarin vrouwen zich kunnen bevinden. De klacht is dan ook afgewezen.

Een andere ontvanger had geklaagd dat het platform verwarring had gezaaid door de flyer zo professioneel vorm te geven dat deze ook kon worden aangezien voor een boodschap van een overheidsinstantie, zoals bijvoorbeeld de GGD. Ook zou de folder volgens deze klacht ten onrechte suggereren dat de hulp aan onbedoeld zwangere vrouwen in Nederland te kort schiet.

De indiener van deze klacht heeft echter niet gereageerd op het verzoek van de toezichthouder om zijn of haar personalia te onthullen. Om die reden bestempelt de commissie de klacht als een anonieme en die kunnen volgens het reglement niet in behandeling worden genomen. De klacht is dus niet-ontvankelijk verklaard.

Waarom de waakhond voor een spoedbehandeling koos, maakt het oordeel niet duidelijk. Een besluit daarover is aan de voorzitter van de commissie, maar diens mening behoeft volgens de uitspraak gegeven het Reglement van de RCC „niet nader aan partijen te worden toegelicht.”

Voorzitter Diederik van Dijk van het platform reageerde maandag verheugd op het commissiebesluit. „We hebben een eerlijke, zorgvuldige en liefdevolle boodschap verspreid voor betere hulp aan onbedoeld zwangere vrouwen en hun ongeboren kinderen. We zijn blij dat de commissie dat beaamt en ons op alle punten gelijk geeft”, liet hij desgevraagd weten.

Dat de commissie in eerste instantie tegen haar eigen reglement in een anonieme klacht in behandeling nam, zegt Van Dijk over te willen laten aan „de wijsheid” van de commissieleden. Voor de keus van de voorzitter om niet nader toe te lichten waarom de klacht met spoed moest worden behandeld geldt hetzelfde, aldus Van Dijk.