Peter Stuyvesant was directeur van New York en antisemiet

Beeldenstorm
Voormalig ambtenaar Jan de Vries uit Wolvega vindt dat het standbeeld van Peter Stuyvesant moet blijven. beeld RD, Henk Visscher

Hij was een van de grote mensen uit de beginperiode van New York. Maar ook verklaard antisemiet. Peter Stuyvesant wordt vereerd met een standbeeld. Niet in zijn geboorteplaats Peperga, maar in Wolvega.

Een strookje grond langs de A32 tussen Meppel en Heerenveen. Meer is Peperga niet. Het Friese gehucht telt minder dan honderd inwoners. Pal naast het plaatsnaambordje ligt een zwerfkei met daarop het metalen model van een zeilschip. Een bordje met een toelichting ontbreekt. Honderd meter verderop staat de Peter Stuyvesantkerk. Althans, dat leert internet. Ook hier ontbreekt namelijk een bordje. Het bedehuis verrees in 1810 na een brand op de plek van het vorige pand, waar in 1612 de koloniaal bestuurder werd gedoopt.

De kerk is al lang niet meer in gebruik voor godsdienstoefeningen. Binnen staan wat stoelen en tafeltjes. Er vinden allerhande bijeenkomsten plaats. Aan de buitenmuur hangt een verweerd papier met de tekst dat de kerk in 2014 wordt geveild.

Stoere zeebonk

Het standbeeld van Stuyvesant staat enkele kilometers verderop, in Wolvega. In het stille plantsoen, pal naast een verzorgingshuis, lopen alleen wat hondenbezitters. Het beeld toont een stoere zeebonk die wat weg heeft van een piraat. Op de plek van het rechterbeen zit, als gevolg van een gevecht met de Spanjaarden, een houten been. „Pieter Poot”, lacht een voorbijganger met een hond. „Ik ben er wel een beetje trots op dat hij zo wordt genoemd. Ik heet zelf namelijk Gerard Poot.”

De inwoner van Wolvega kent Stuyvesant vooral als bestuurder van New York. Maar zijn harde opstelling tegenover de Joden? Poot: „Het was inderdaad niet zo’n brave man. Maar die waren er meer.” Poot vindt dat de nadruk moet liggen op de inzet van Stuyvesant voor New York. Moet het standbeeld blijven staan? „Ja, iedereen kent hem. Hij hoort bij Wolvega.”

Dat iedereen Stuyvesant kent, valt overigens nog wel wat tegen. Een man van een jaar of dertig met een grote hond die zijn naam niet wil noemen –„ik sta hier in de buurt niet goed bekend”– weet wel de Peter Stuyvesantweg aan de rand van Wolvega. „Maar wie het was en wat hij heeft gedaan? Geen idee.”

Ook een oudere vrouw met een klein kind komt niet ver. „Iedereen kent Stuyvesant”, begint ze. Maar meer weet ze niet. Bestuurder van New York? De vrouw haalt haar schouders op. Antisemiet? „Geen idee.” En dat houten been? „Misschien is het bij zijn geboorte misgegaan?”

Iemand die zich wel in Stuyvesant heeft verdiept, is Jan de Vries. Hij is voormalig ambtenaar van Onderwijs van de gemeente Weststellingwerf, waar Wolvega bij hoort. De Vries schreef in de jaren 80 van de vorige eeuw een boekje over de beroemde Fries. „In 1955 is in Wolvega een beeld van Stuyvesant geplaatst.” Ook in het naastgelegen Scherpenzeel, niet te verwarren met de Gelderse plaats, verrees een gedenkteken. Het schip in Peperga is door De Vries zelf vervaardigd. „Eerst werd gedacht dat hij in Scherpenzeel is geboren. Later kwam men erachter dat het Peperga moet zijn geweest. Maar dat doet er niet echt toe.”

Veroverd

Nederland stuurde Stuyvesant in 1645 naar het huidige New York, omdat er chaos heerste onder de kolonisten. „Het werk daar lukte hem goed. Dankzij hem groeide het aantal inwoners.” In 1664 werd het gebied veroverd door de Engelsen. Volgens De Vries kwam dat door een slappe houding van Nederland. „Als ze Michiel de Ruyter erheen hadden gestuurd, was het wel anders gelopen.” Wat vindt hij van het antisemitisme bij Stuyvesant? „Die kant ken ik niet. En ook al zou het waar zijn, dan nog moet je om die reden een beeld niet verwijderen. Je mag de geschiedenis niet verdoezelen.”

Peter Stuyvesant (1612-1672)

Peter Stuyvesant werd waarschijnlijk in 1612 geboren in de huidige Friese gemeente Weststellingwerf. Aangenomen wordt dat dit in Peperga was, hoewel Scherpenzeel ook een optie is. Zijn vader was in beide plaatsen predikant. Peter Stuyvesant werkte voor de West-Indische Compagnie. Hij had enkele jaren de leiding over Aruba, Bonaire en Curaçao. In een gevecht met de Spanjaarden op het eiland Sint Maarten verloor hij zijn rechterbeen. Hij kreeg een houten been dat hij bespijkerde met zilveren sieraden. Vandaar zijn bijnamen ”Pieter Poot” en ”Silverleg”.

In 1645 werd hij directeur-generaal van Nieuw-Amsterdam, dat de Engelsen in 1664 veroverden en waarvan ze de naam veranderden in New York. Stuyvesant gaf geen godsdienstvrijheid aan de quakers. En Joden noemde hij een minderwaardig ras. Hij gaf hun onder meer geen toestemming om een synagoge te bouwen. Peter Stuyvesant overleed in 1672 in New York.

zomerserie Beeldenstorm

Dit is het vierde deel in een serie over standbeelden van historische personen. Is het terecht dat ze een standbeeld hebben? Dinsdag deel 5.