Oud-generaal Ted Meines (95) was boegbeeld veteranen

Meines in 2013 bij zijn borstbeeld in het Veteraneninstituut in Doorn. beeld Riekelt Pasterkamp

Een ijzersterke veteraan met Godsvertrouwen. De zaterdag op 95-jarige leeftijd overleden Ted Meines was een oprechte militair. „Blijf elkaar vasthouden. Dat bid ik jullie toe.”

Het is december 2013. Generaal bd. Ted Meines staat in het Veteraneninstituut in Doorn al saluerend oog in oog met zijn eigen buste in brons, vervaardigd als eerbetoon aan hem. In de zaal zitten zijn makkers uit de Tweede Wereldoorlog en de tijd in Nederlands-Indie. Voor hen is hij hun boegbeeld.

Ede_-_generaal_bd_Meines_2‘Veteranen-generaal’ Ted Meines overleden

Het woord ‘vertrouwen’ stempelt zijn toespraak. „Vertrouwen in ons zelf, vertrouwen in de medemens en vertrouwen in God. We stonden niet alleen.” Ook koning Willem-Alexander viel dat op. „Het geloof in God en in mensen was u tot steun in de oorlog.” Als Meines overigens de kans kreeg en de Koning kwam in zijn buurt dan kwam de Majesteit niet weg zonder handdruk of omhelzing. In januari 2014 was Meines te gast op het Hoornbeeck College in Rotterdam. De jongeren liepen weg met de bejaarde man.

Vuisten

Meines was absoluut een markante persoonlijkheid met inspirerende, waardevolle toespraken op veteranendagen. Met stemverheffing, vlammende ogen en gebalde vuisten sprak hij van een noodzakelijk Godsvertrouwen, zoals het staat in het zesde couplet van het Wilhelmus. „Mijn schild ende betrouwen zijt Gij, o God, mijn Heer. Vinden we ons leven elke dag in Hem?”

Ted Meines werd op 25 september 1921 in Leeuwarderadeel in Friesland geboren. De Tweede Wereldoorlog maakte hij bewust mee. Als 22-jarige zat hij in het verzet, smokkelde Joodse kinderen naar veilige gebieden. Dat leverde hem het ereburgerschap van de staat Israel op. Na de bevrijding in 1945 was zijn lichting niet meer dienstplichtig, maar Meines meldde zich onmiddellijk om naar Indië te gaan. Hij zou het land pas in 1949 zien, eerst kwam Engeland voor een officiersopleiding.

In Nederlands-Indië ontmoette hij zijn vrouw die daar werkte als apothekersassistente. Ze overleed eind 2008. „We waren bijna zestig jaar samen.” Kort na zijn trouwdag in maart 1952 vertrok Meines voor een opleiding naar de Verenigde Staten. Hij sprak daar met een zwarte dominee. „Hij gaf me een levensles in drie delen: be yourself, be good and tell it - wees jezelf, wees goed en draag het uit.” Jaren later, terug in Nederland, zag hij de zwarte dominee op televisie. „Was het Martin Luther King.” De woorden gebruikte Meines later in vrijwel iedere toespraak.

Parade

Meines wist bij de landmacht op te klimmen tot luitenant-generaal, nam in 1976 afscheid en maakt zich sindsdien sterk voor hartpatiënten en veteranen. Hij stond aan de wieg van het Veteranenplatform en het veteranendefilé in Wageningen. Het evenement groeide uit tot een parade van jonge en oude veteranen die langs Hotel De Wereld trokken, de plek waar in mei 1945 de capitulatie van de Duitsers werd bezegeld.

Hij was er keer op keer bij als paradecommandant in Wageningen. Hij herinnerde zich dat hij eens de parade aanmeldde bij prins Bernhard. „Koninklijke Hoogheid, zei ik toen, het zooitje komt er weer aan.” Meines voelde ook de eindigheid. „We zijn geen van allen Methusalems. Op een gegeven moment houdt het op.”

Met het wegvallen van de oud-strijders zal het begrip veteranen veranderen. Meines typeerde dat zelf met een voorbeeld. „Op afroep kan ik mij laten vervoeren door een auto van Defensie. Ben ik de hele dag op pad met een korporaal als chauffeur. Zo’n jongen die in Bosnië, Irak of Afghanistan is geweest. Onderweg vertelt hij veel over die missies. Aan het einde van de dag bedank ik hem voor de verhalen. En hij mij voor mijn verhalen. We moeten elkaar blijven waarderen. En liefde voor elkaar houden. Waar liefde woont, gebiedt God Zijn zegen.”