Moderne feminist strijdt voor eigen identiteit

MeToo kreeg wereldwijd navolging. Franse vrouwen protesteren in 2017 tegen seksueel geweld tegen vrouwen. ”Verlink je varken”, staat op de hand van deze activist. beeld EPA, Christophe Petit Tesson
3

Het feminisme timmert aan de weg: MeToo, vrouwenmarsen, boetes voor sissen op straat. De strijd om gelijke rechten voor mannen en vrouwen lijkt zo goed als beslecht. Kiezen feministen een nieuwe richting: niet vóór de vrouw, maar tegen de man?

„Eens een dolle mina, altijd een dolle mina.” Dunya Verwey („van net na de oorlog”) stond bijna vijftig jaar geleden op de barricaden om te demonstreren voor vrouwenrechten.

Als Amsterdamse studente deed Verwey in 1970 mee aan de bestorming van het opleidingsinstituut Nijenrode. Die bezetting gebeurde uit protest dat er geen meisjes tot de opleiding werden toegelaten.

De tweede feministische golf, waar de dolle mina’s deel van uitmaakten, had vooral een maatschappelijke insteek: de strijd ging om het recht op betaald werk en deelname aan het maatschappelijk leven. Ook huiselijk geweld en de ongelijke verdeling van zorgtaken stonden ter discussie.

„Het demonstreren hing in de lucht”, zegt Verwey. „Iedereen had in het persoonlijke leven zaken meegemaakt die een gevoel van onrecht gaven. Of herkende die bij zijn moeder. In de jaren 60 en 70 was het bijvoorbeeld nog gebruikelijk dat vrouwen ophielden met werken of zelfs ontslagen werden als ze trouwden en zwanger werden. Van die generatie moeders hebben we als dolle mina’s veel support gekregen.”

Anno 2019 staat de vrouw er beduidend minder slecht voor dan in 1970. De salariskloof lijkt langzaam te verdwijnen. Vrouwelijke ambtenaren verdienden volgens de emancipatiemonitor, een tweejaarlijks onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) naar de emancipatie van vrouwen in Nederland, in 2016 een kleine 5 procent minder dan hun mannelijke collega’s; in 2008 was dit nog 7 procent.

Ook in de schoolbanken doen vrouwen het goed: onderzoek van het CBS in maart wees uit dat evenveel mannen als vrouwen een hbo- of wo-diploma hebben. Die hoogopgeleide vrouwen vinden steeds vaker hun weg naar de top: in de 5000 belangrijkste bedrijven in Nederland zijn vrouwen in 2017 met 15,4 procent vertegenwoordigd; in 2007 was dat nog 4,7 procent.

MeToo

De Nederlandse vrouw zit dus in de lift. Toch is feminisme in het huidige tijdperk springlevend. In oktober 2017 uitten verschillende Amerikaanse actrices beschuldigingen van seksueel misbruik tegen filmproducent Harvey Weinstein. Meer online aanklachten volgden, veelal op sociale media. MeToo was geboren, en daarmee volgens Verwey een nieuw feministisch tijdperk: de derde golf.

Niet alleen mensen uit de entertainmentindustrie moesten het ontgelden. Ook politici als Han ten Broeke (VVD-kamerlid) en musici als Daniele Gatti (ex-maestro van het Koninklijk Concertgebouworkest) en Pieter Jan Leusink (dirigent) kregen beschuldigingen te horen. Soms met ontslag of vroegtijdig opstappen tot gevolg.

Verwey, dolle mina van het eerste uur, volgt de ontwikkelingen rond MeToo met interesse. „Ongelooflijk dapper van deze vrouwen. Alsof een veenbrand van eeuwenlange woede opeens ontbrandt.”

In januari waarschuwden vooraanstaande Franse vrouwen in dagblad Le Monde voor de kracht van MeToo. Ze stelden dat de beweging uit de hand gelopen is en ontaard is in een heksenjacht tegen mannen. Feministen maken volgens hen te weinig onderscheid tussen „onhandige versierpogingen” en seksuele vergrijpen als verkrachting.

„Het gevaar van MeToo is dat zomaar iedereen beschuldigd kan worden”, erkent Verwey. „Ik ben er niet voor dat flirten de wereld uit moet. Je bent wel snel gepikeerd als je mannelijke bewondering meteen vertaalt naar een aanval op je vrouw-zijn.”

Volgens drs. Wim H. Dekker (53), docent sociologie aan de Christelijke Hogeschool Ede, is de MeToo-beweging een logisch gevolg van de seksuele revolutie uit de jaren 70. „Toen werd er ongelimiteerde seksuele vrijheid gepredikt. Maar er zit een keerzijde aan de seksuele revolutie. De vrijheid van de een kan schade berokkenen aan de ander. Veel vrouwen durfden geen nee te zeggen omdat ze dan als preuts werden gezien. Dat was natuurlijk ook beschadigend. Ik denk dat we langzaam maar zeker tot dat besef komen. Eerst drong door dat seksuele handelingen met een kind, die tijdens de seksuele revolutie werden geaccepteerd, niet kunnen. Nu komt hetzelfde besef over grensoverschrijdend gedrag richting vrouwen.”

De pil

Verwey beaamt dat tijdens de seksuele revolutie grenzen van vrouwen werden overschreden. „Mannen eigenden zich de vrouw als vanzelfsprekend toe. Door de pil konden vrouwen in relaties veel verder gaan dan ooit mogelijk was. Meisjes en vrouwen werden daardoor voor mannen beschikbaar. MeToo fungeert als een tot hier toe en niet verder.”

Is het feminisme van de derde golf meer gericht tegen de man dan dat van de tweede golf? Dekker heeft die indruk niet. „Volgens mij heeft het feminisme zich altijd tegen mannen gekeerd. Tijdens de tweede golf vond ik feministen zelfs agressiever tegen mannen; die werden afgeschilderd als vrouwonvriendelijke onderdrukkers en uitbuiters. Al geeft MeToo personen die zeggen te zijn getroffen door seksueel misbruik, wel een sterke machtspositie. Een positie die mannen kan beschadigen.”

Verwey ontkent dat het feminisme zich in de tijd van dolle mina tegen mannen keerde. „Onze slogan was juist: een bevrijde vrouw heeft niets aan een niet-bevrijde man. We deden onze acties samen met mannen. Het ging ons erom maatschappelijke patronen die zowel mannen als vrouwen beklemden, aan de kaak te stellen.”

Ziet ze een groot verschil met de MeToo-beweging, die voornamelijk door vrouwen geleid wordt en mannen aan de schandpaal nagelt? „MeToo is niet zozeer gericht tegen mannen in het algemeen, als wel tegen mannen die denken dat ze zich vrouwen kunnen toe-eigenen, hen exploiteren.”

Beoordelen wanneer gedrag van mannen richting vrouwen een grens overgaat, is lastig. De ene vrouw vat nafluiten op als een compliment, de ander als een belediging. Op sommige plaatsen is het gedrag van mannen wettelijk aan banden gelegd. In Engeland geldt sinds januari een verbod op ”upskirting”, het maken van foto’s onder de rok. Iemand die zich hieraan schuldig maakt, riskeert een gevangenisstraf van maximaal twee jaar. Ook in Nederland ligt er een wetsvoorstel om upskirting strafbaar te maken; vermoedelijk wordt de wet in de loop van dit jaar ingevoerd.

Kusgebaren

Sommige Nederlandse gemeenten legden maatregelen tegen seksuele straatintimidatie al vast in hun algemene plaatselijke verordening (APV). In Amsterdam staat het verbod op sissen sinds 2017 in de APV; in Rotterdam in 2018. Daar loopt bovendien de campagne ”Pikpraat van straat”. Onderdeel van de campagne is een app waarop vrouwen direct een melding kunnen doen van vervelend staren, nafluiten of sissen.

De eerste daadwerkelijke veroordeling voor sissen vond eveneens plaats in de Maasstad: een 36-jarige man kreeg in december 2018 twee voorwaardelijke boetes van honderd euro omdat hij vrouwen ongevraagd aansprak, te dicht naast hen ging zitten en hand- en kusgebaren maakte.

De straf lijkt vooral symbolisch. Wie bepaalt immers wanneer een handgebaar te ver gaat? Of dat „Hé schatje, je ziet er mooi uit” geen compliment is maar seksuele intimidatie? En welke verantwoordelijkheid draagt een vrouw zelf, bijvoorbeeld in de keuze welke kleding ze draagt?

Volgens socioloog Dekker bepaalt in onze cultuur ieder voor zich wat seksuele intimidatie is. „Persoonlijk kwaad aan de orde stellen is kenmerkend voor het feminisme van nu. De stroming is minder politiek-maatschappelijk actief. De acties resulteren niet in voorstellen voor maatschappelijk aanvaardbaar seksueel gedrag.”

Geluk

Dekker meent dat het huidige feminisme meer om erkenning van het individu draait dan om het strijden voor gelijke rechten tussen mannen en vrouwen. „Politiek-maatschappelijk is de feministische stroming niet zo sterk. De strijd gaat nu over het ontwikkelen van een eigen identiteit en het vinden van geluk.”

Hij houdt de media grotendeels verantwoordelijk voor het succes van de MeToo-beweging. „Seksueel misbruik en geweld zijn hot items in de media. Zo wordt het ook belangrijk in de publieke opinie.”

Onderdeel van de kritiek die de Franse vrouwen uitten op hedendaagse feministen, is dat ze van mannen daders maken en van vrouwen willoze slachtoffers. Op die manier wordt het gevoel van onveiligheid voor vrouwen een selffulfilling prophecy: doordat ze verwachten ten prooi te vallen aan intimidatie, gebeurt het ook.

Dankzij MeToo kruipen vrouwen volgens Verwey juist uit die slachtofferrol. „De MeToo-beweging benadrukt de lichamelijke autonomie en de identiteit van de vrouw.”

Ook Dekker is positief over MeToo als een manier voor vrouwen om aan te geven dat ze grensoverschrijdend gedrag niet accepteren. „We pikken het niet meer, zeggen ze. Ik vind het goed dat mannen leren hun driften en de bevrediging daarvan uit te stellen. Dat sluit ook nog eens aan bij de christelijke moraal.”

Stoeppraat

„Kom hier meisje.” „Je ziet er heerlijk uit!” „Hey rokje!” Als Ambrien Moeniralam (16) over straat gaat in Amsterdam, krijgt ze dit soort uitspraken geregeld te horen. Wildvreemde jongens en mannen spreken haar aan, soms op klaarlichte dag. Met teksten die vaak seksueel getint zijn.

Ambrien besloot hiertegen in actie te komen. Ze ontdekte online ”Catcalls of New York”, een project waarbij straatintimidatie letterlijk in beeld gebracht wordt. Uitspraken die vrouwen op straat te horen krijgen, schrijven ze levensgroot met stoepkrijt op de straat. Foto’s hiervan staan op de website van ”Catcalls of New York”.

Ambrien doet hetzelfde: wat ze te horen krijgt van mannen en jongens op straat in Amsterdam, komt terecht op de stoeptegels. Vervolgens zet ze de foto’s op het speciale Instagramaccount ”Catcalls of Amsterdam”.

Met haar actie wil Ambrien mannen ervan bewust maken wat hun woorden met meisjes en vrouwen doen. Volgens onderzoek maakt een op de vijf vrouwen een negatieve seksuele ervaring mee. Dat kan uiteenlopen van blikken tot aan betast worden. Veel vrouwen zijn daardoor bang om alleen over straat te gaan.

Behalve in Amsterdam en New York bestaan ook in andere grote steden als Londen, Parijs en Antwerpen inmiddels netwerken van jonge vrouwen die dergelijke socialemedia-accounts beheren.