Minister Slob treedt op tegen dwarse bestuurders

Bij het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam kwamen vaders van leerlingen donderdagavond naar een spoedvergadering over de perikelen rond de islamitische school, waarvan het bestuur weigert op te stappen. beeld ANP, Evert Elzinga

Een schoolbestuur kan niet maar zijn gang gaan. Die boodschap geeft onderwijsminister Slob af nu hij de geldkraan dreigt dicht te draaien als de bestuurders van een islamitische school in Amsterdam en een hindoeschool in Den Haag niet opstappen. Voor wie suggereert dat de actie tegen deze onderwijsrichtingen gericht is, is er tegelijk ander nieuws: Slob vindt dat de gemeente Westland moet instemmen met de komst van een islamitische basisschool.

De minister treedt op. Wat is de aanleiding?

De Haagse rechter oordeelde donderdag dat de onderwijsinspectie een rapport over het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam mag publiceren. Tevergeefs probeerde de Stichting Islamitisch Onderwijs (SIO) dat tegen te houden. Het oordeel van de inspectie werd direct openbaar, en het liegt er niet om: „Het bestuur neemt geen afstand van personen met een omstreden reputatie, er is sprake van financieel wanbeheer, relaties met externe partijen worden geschaad en het burgerschapsonderwijs is onvoldoende. Daarmee is het handelen van het bestuur schadelijk voor de school en de leerlingen.” Het Hagabestuur trekt op met mensen die volgens de AIVD in extremistische kringen verkeren. De waarden van de democratie en de rechtsstaat worden de leerlingen niet bijgebracht. Het bestuur heeft zich verder schuldig gemaakt aan zelfverrijking en belangenverstrengeling.

In Den Haag is ook van alles mis: de hindoeïstische basisschool presteert bedroevend, voert financieel wanbeheer en leraren en leerlingen zijn er niet veilig. Veel geld vloeit naar stichtingen die bijvoorbeeld leerlingenvervoer leveren. Daar trekt de oprichter van de school, die eerder onder druk van de inspectie een stap terugdeed, nog altijd aan de touwtjes.

Hoe reageren de besturen op de uitspraken van de overheid?

Het Amsterdamse bestuur wil niet weg. Het hoopt op steun van de moskeeën. Bestuurder Söner Atasoy zegt dat personeel, ouders en leerlingen achter hem staan.

Het Haagse bestuur reageert anders: het reageert niet. Eerder heeft het beloofd terug te treden, maar dat doet het steeds maar niet. Dat getreuzel moet volgens Slob nu maar eens klaar zijn. Als er geen nieuw bestuur wordt gevonden, moet de school volgende zomer sluiten en de leerlingen op andere scholen onderbrengen. Het bestuur zet zijn lijn voort: het wil nog niet reageren. Eerder zei de school nog dat het al veel beter gaat dan toen de inspectie onvolkomenheden constateerde.

Het touwtrekken gaat dus nog even door.

In Amsterdam zeker. Het bestuur gaat in hoger beroep tegen de gerechtelijke uitspraak van donderdag, ook al is het gewraakte inspectierapport inmiddels openbaar gemaakt.

Intussen gaat het gemeentebestuur de groeiende school van extra lokalen voorzien; een beslissing die eerder was opgeschort. „Er is in Amsterdam behoefte aan islamitisch middelbaar onderwijs en kinderen hebben daar ook recht op als zij dat willen”, verzekert wethouder Moorman de ouders. „In Amsterdam hebben we acht islamitische basisscholen, die het volgens de onderwijsinspectie goed doen. De gemeente heeft een goede relatie met deze scholen. Onze zorgen gaan niet over islamitisch onderwijs en ook niet over de school. Wij willen alleen dat het schoolbestuur vertrekt, zodat we zeker kunnen zijn dat de kinderen goed en veilig onderwijs krijgen.”

In het Westland een heel ander verhaal...

Inderdaad, daar is het de overheid die een berisping vanuit het ministerie krijgt: als de gemeenteraad niet akkoord gaat met het stichten van een islamitische basisschool, neemt de minister een ”besluit tot indeplaatsstelling”, buiten de gemeente om. De Raad van State heeft nu eenmaal bepaald dat schoolbestuur Yunus Emre een school mag stichten, dus dan heeft het gemeentebestuur dat maar uit te voeren.