Kritiek Justitie op advocaat in zaak schermutseling Kruiningen

beeld ANP

Justitie is kritisch op een vrijdag verspreide persverklaring van advocaat René de Groot, raadsman van twee directeuren van Sinke Transport in Kruiningen.

De kwestie houdt verband met een schermutseling op het bedrijf op 22 juli 2017 tussen twee directeuren en een terreinbeheerder. Dat handgemeen heeft te maken met de scheuring van de gereformeerde gemeente in Kruiningen. De directeuren stonden aan de zijde van ds. G. Bredeweg. De terreinbeheerder bevond zich in het andere kamp, van oud-diaken Henk Jansen.

Nadat de terreinbeheerder was ontslagen, oordeelde de kantonrechter eind 2017 dat de directeuren hem hadden „gemolesteerd.” De kantonrechter, die camerabeelden van het incident bekeek, bepaalde dat het bedrijf de terreinbeheerder zo’n 25.000 euro moest betalen.

Overdreven

Aanvankelijk was het de bedoeling dat de directeuren zich in augustus 2018 wegens het handgemeen in een strafzaak (een andere procedure) moesten verantwoorden. Justitie blies die strafzaak echter ter elfder ure af.

Dat Justitie de zaak afblies, betekent „eerherstel” voor de directeuren, meldde hun advocaat René de Groot vrijdag in een persverklaring. Hij stelt dat op de camerabeelden „slechts duw- en trekwerk” is te zien. „Dat heeft niets met mishandeling te maken. De kantonrechter heeft de beelden niet goed bekeken of zat in een overdrijfmodus.”

De Groot stelt dat de officier van justitie de strafzaak afblies nadat zij de camerabeelden bekeek. Ook meldde de advocaat vrijdag dat de terreinbeheerder zijn aangifte tegen de directeuren introk. Die kregen onlangs samen zo’n 10.000 euro voor gemaakte advocaatkosten in verband met de afgeblazen strafzaak.

Fotomateriaal

Woordvoerster Martine Pilaar van het openbaar ministerie Zeeland-West-Brabant ontkent dat de officier van justitie de camerabeelden van het handgemeen heeft bekeken. Ook stelt ze dat de terreinbeheerder zijn aangifte niet introk. Wel is het zo dat de man genoeg had van de strafzaak en er mee kon leven dat die van tafel ging, aldus Pilaar.

Ze benadrukt dat het afblazen van de strafzaak niet betekent dat de directeuren niets te verwijten valt. „Het OM vindt nog steeds dat er genoeg bewijs is voor de stelling dat zij zich schuldig hebben gemaakt aan in juridische zin zogeheten eenvoudige mishandeling.”

Dat het OM de zaak toch introk, heeft ermee te maken dat een strafzaak „geen toegevoegde waarde meer had”, zegt Pilaar. „De partijen hadden elkaar de hand gegeven, van de terreinbeheerder hoefde een strafzaak niet en we verwachten niet dat de directeuren de man nog eens mishandelen.”

Waarom bekeek het OM de camerabeelden niet? Die geven toch een completer plaatje? Pilaar: „We hadden aan het papieren dossier genoeg. We hebben onder meer fotomateriaal en een doktersverklaring. Zo liep de terreinbeheerder een zwelling aan de oogkas, kneuzingen en een afdruk van een tand in zijn lip op.”

Maandagmiddag stelde advocaat De Groot dat hij „zich niet kan voorstellen” dat het OM de camerabeelden niet bekeek. „Alles rond de kerkrel in Kruiningen ligt gevoelig. Dan vind ik het redelijk onvoorstelbaar dat Justitie de beelden niet zou hebben bekeken. Op grond van het papieren dossier vermoedde ook ik dat de directeuren in een strafzaak veroordeeld zouden worden voor mishandeling. Maar ik veranderde van mening nadat ik de camerabeelden zag.”

OM-zegsvrouw Pilaar maandagmiddag: „Wij hebben de camerabeelden absoluut niet bekeken.”

Vergissing

Dat De Groot in zijn vrijdag verstrekte persverklaring letterlijk meldde dat de terreinbeheerder zijn aangifte heeft „ingetrokken”, is „een vergissing”, geeft de raadsman toe. „Wel is voor mij heel duidelijk dat de terreinbeheerder niet wilde dat de directeuren strafrechtelijk worden vervolgd.”

Mr. Arjan Klaassen, advocaat van de terreinbeheerder, stelt dat op de camerabeelden wel degelijk te zien is dat de directeuren zijn cliënt mishandelen. Klaassen schaart zich achter de kantonrechter die bepaalde dat de terreinbeheerder is „gemolesteerd.” Dat de directeuren van Sinke Transport recent 10.000 euro van de staat kregen, is „een gebruikelijke, technische kwestie”, maar „betekent niet dat de onschuld van hen is aangetoond”, stelt Klaassen.