Katwijker weduwe komt tot leven

Tessa Kleverlaan
6

Een weduwe en haar zoon kijken uit over de Noordzee, waar hun man en vader werd gedood door een zeemijn. Het stel in Katwijk aan Zee is in steen gebeiteld. Museum Huis Doorn laat deze zomer zien hoe jongeren van nu het verhaal achter dit oorlogsmonument –en 25 andere– verbeelden.

Wat veel mensen niet weten, is dat we in Nederland zeventig WO I-monumenten hebben over de Eerste Wereldoorlog, zegt Cornelis van der Bas, conservator van Huis Doorn. „We zitten nu in het laatste herdenkingsjaar –op 11 november is het honderd jaar geleden dat er een eind aan deze vierjarige oorlog kwam– en ik wilde er nog één keer aandacht aan besteden.”

Maar niet op de standaardmanier, blijkt op de tentoonstelling in Huis Doorn. Studenten van de Akademie voor Kunst en Vormgeving St. Joost in Den Bosch laten hier zien hoe zij met moderne beeldtechnieken het verhaal van 26 monumenten verspreid over heel Nederland vertellen. Het resultaat is een serie korte animatiefilmpjes, die in het Paviljoen bij het museum getoond worden, evenals de voorbereidende schetsen, tekeningen en zogeheten storyboards.

Platform

Van der Bas is ook betrokken bij het platform EersteWereldoorlog.nu, dat is opgericht voor de herdenking van deze belangrijke periode in de wereldgeschiedenis. De conservator vindt dat de Eerste Wereldoorlog in Nederland altijd zwaar onderbelicht is gebleven. „Nederland was in deze periode neutraal, maar we lagen wel ingeklemd tussen de landen die in oorlog waren. Bovendien is de Eerste Wereldoorlog een keerpunt geweest in de wereldgeschiedenis: er zijn complete monarchieën verdwenen, zoals het Duitse keizerrijk en het Russische tsarenrijk.”

De tentoonstelling is een onderdeel van een groter project waarmee Van der Bas bezig is. Hij maakt in samenwerking met regionale omroepen in elke provincie een documentaire van vijftien minuten over de WO I-monumenten die daar te vinden zijn. „Maar ik wil daarin niet alleen historici en andere academici aan het woord laten. Toen ik een tijdje geleden in contact kwam met een student van St. Joost die als afstudeerthema de Eerste Wereldoorlog had gekozen, kwam ik op een idee: studenten een monument laten adopteren waarover ze een animatiefilmpje van twee minuten maken. De beste filmpjes worden dan onderdeel van de regionale documentaires.”

Enthousiast

Van der Bas benaderde de Akademie St. Joost, die zich direct enthousiast toonde over het idee, aldus de conservator. „Ik heb eerst een voorselectie gemaakt van de monumenten. Daarbij keek ik onder meer naar de spreiding, ik wilde dat monumenten van Schiermonnikoog tot Limburg en van Oost- tot West-Nederland aan bod zouden komen. Ook de onderwerpkeuze is breed. Zo zijn de jongeren aan de slag gegaan met monumenten over oorlogsvluchtelingen, de mobilisatie van het Nederlandse leger die vier jaar duurde en de zogeheten dodendraad aan de zuidelijke grens, die moest voorkomen dat Belgen naar Nederland zouden vluchten.”

De jongeren kregen de opdracht in hun filmpje te vertellen waar het monument voor staat en welk verhaal het vertelt. Ze vonden het een boeiend project, zegt Van den Bas. „Ze kwamen er gaandeweg achter hoe weinig ze eigenlijk van de Eerste Wereldoorlog wisten. Ter voorbereiding hebben ze er colleges over gekregen en ze zijn naar Vlaanderen geweest om oorlogsbegraafplaatsen te bezoeken.”

Hij noemt het resultaat van het project boven verwachting. „Jongeren kijken met andere ogen naar monumenten. Wij als historici zijn geneigd om kloppende verhalen te maken. Zij bedenken er een verhaal omheen en laten zien wat er eigenlijk gebeurt. Ze hebben monumenten tot leven gebracht.”

Explosie

De acht meest geslaagde animatiefilmpjes zijn in Doorn op een groot televisiescherm te zien, de andere op kleinere schermen. Een van de ‘toppers’ gaat over het vissersmonument in Katwijk aan Zee. Het verhaal daarachter komt tot leven doordat in de animatie met enkele pennenstreken de angst van moeder en kind treffend in beeld is gebracht. Wachten, wachten, wachten, dat deden ze. „Waar is papa?” vraagt het kind. Moeder antwoordt niet. Het beeld verschuift naar onder water, waar een mijn de onderkant van het vissersbootje van de Katwijker nadert. Een explosie volgt.

De stills uit het filmpje, ofwel de losse plaatjes die gemonteerd zijn tot een bewegend beeldverhaal, zijn in de tentoonstellingsruimte te zien. „Het doet een beetje aan de stijl van Van Gogh denken”, vindt Van den Bas. De kleuren zijn dan wel zacht, maar het onderwerp niet. „De hele Noordzee lag vol met mijnen.”

Jammer genoeg zijn de monumenten waarmee de jongeren aan de slag zijn gegaan niet op de tentoonstelling te zien. Dat maakt een vergelijking met het oorspronkelijke beeld lastig. Op een grote kaart van Nederland is wel aangestipt welke locaties onderdeel zijn van de expositie. Onder andere het drenkelingenkerkhof op Schiermonnikoog, het voormalige interneringskamp in Urk, het Belgenmonument in Amersfoort en de anonieme graven van Belgische vluchtelingen in Nunspeet zijn opnieuw verbeeld.

Op dit moment wordt er nog werkt aan de documentaires, in samenwerking met de regionale omroepen. Van der Bas hoopt dat ze in het najaar op de regionale zenders te zien zullen zijn. „Het is mooi als dat dan rond 11 november is.”

De expositie in Huis Doorn is tot en met 12 augustus te bezichtigen. >>huisdoorn.nl