In nijverig Rijssen is zelfs de oppositie tevreden

In de Biblebelt
Rijssen, stad sinds 1243. beeld RD, Anton Dommerholt
9

Kerken en bouwbedrijven kenmerken Rijssen. Geloof en nijverheid gaan hand in hand. Menig Rijssenaar is tevreden. Maar het huwelijk met buurdorp Holten blijft schuren.

Rond het middaguur is het druk in Brasserie de Passage, hartje Rijssen. Tussen de lunchgasten is Herman Klein Velderman (52) een opvallende verschijning. Het enige D66-raadslid van de gemeente Rijssen-Holten is gestoken in een spierwit jasje met knalgroen partijlogo. „Het is altijd verkiezingstijd”, lacht hij.

rijssen

Het document kan niet getoond worden, omdat het mogelijk is dat het cookies plaatst die volgens uw cookie-instellingen niet toegestaan zijn.
Sta alle cookies toe om het document te tonen.

„Het gaat eigenlijk wel goed met Rijssen”, zegt Klein Velderman, lid van de kleine oppositie in de Overijsselse gemeente. De coalitie –SGP, CU, CDA en Gemeentebelang– bezet 20 van de 25 zetels. „Er is niet zoveel om ons druk over te maken. Voor een politicus wel jammer.”

Stadshart van Rijssen, gemarkeerd door de hervormde Schildkerk. Rechts het stadhuis. beeld RD, Anton Dommerholt

Dat dit geluid vanuit de oppositie komt, tekent de stad. Rijssenaren zijn veelal tevreden. De stad groeit, de industrie –met bouw- en transportbedrijven van naam– floreert en mensen kijken naar elkaar om. Toen de crisis in de bouwstad zware klappen uitdeelde, trok de gemeente in 2013 de portemonnee voor een ”Deltaplan”: een vangnet voor noodlijdende bedrijven.

Kolossale kerken domineren het stadsbeeld. De hervormde gemeenten hebben op papier bijna 9000 leden. De drie plaatselijke gereformeerde gemeenten herbergen samen zo’n 6600 leden. De hele stad –dorp is Rijssen al sinds 1243 niet meer– telt ruim 28.000 inwoners. In buurdorp Holten, waarmee de stad in 2001 fuseerde, wonen een kleine 10.000 mensen.

Koopzondag

Voorjaar 2018 is het plotseling toch spannend in het rustige Rijssen. Er blijkt een raadsmeerderheid mogelijk voor koopzondagen in Holten. De zondagsopenstelling is nadrukkelijk verkiezingsthema. Tijdens de coalitieonderhandelingen –waarbij de SGP als grootste partij het voortouw neemt– blijken echter meerdere partijen bereid de koopzondagen op te willen geven in ruil voor een plek in het college (zie kader).

De gang van zaken steekt D66’er Klein Velderman. Grootste probleem voor de Holtenaar is de ongelijkheid tussen Rijssen en Holten. „De plaatsen zijn zo verschillend als de dag en de nacht. In Holten is D66 tien keer zo groot als de SGP, maar in een raad van 25 zetels heb ik één zetel.” Hij pleit voor een tweekernenbeleid, waarbij per plaats een eigen afweging gemaakt kan worden rond bijvoorbeeld de koopzondag.

Het Rijssens museum. beeld RD, Anton Dommerholt

De D66’er is niet de enige die bedenkingen heeft bij de fusie tussen beide plaatsen. De volksaard en politieke kleur zouden te veel verschillen. Meerdere Rijssenaren geven aan dat een huwelijk met het oostelijk gelegen dorp Enter beter zou zijn geslaagd.

Hooghaarlemmerdijks

Met zijn donkere trui en broek valt André Scheppink (42), SGP-fractievoorzitter, wat minder op dan zijn D66-collega. Met hetzelfde gemak spreekt hij vloeiend Rijssens als ‘Hooghaarlemmerdijks’ – de Rijssense bijnaam voor de westerse spraak.

De SGP’er erkent dat de verschillen tussen Rijssen en Holten groot zijn. „Toch is de fusie ook voor Holten goed”, stelt hij. „Vroeger verschoot de Holtense raad iedere verkiezingen van kleur. Er kwam vrijwel geen beleid van de grond. Na de fusie lukt dat met een stabiele gemeenteraad wel: in de afgelopen jaren is het centrum van Holten grotendeels vernieuwd. Vraag het de Holtenaren op de markt. Ze zullen zeggen: eindelijk is er iets veranderd.” Scheppink wil recht doen aan het verschillende karakter van Rijssen en Holten, maar er zijn grenzen. „Je kunt van ons niet verwachten dat we de koopzondag in Rijssen principieel afkeuren, maar in Holten niet.”

De Rijssense SGP wil voorzichtig handelen in haar positie als grootste partij, zegt Scheppink. „In Den Haag kunnen mensen de SGP nog wel waarderen. Maar wanneer je plaatselijk als grootste partij het verschil kunt maken, komt er haat naar boven.” De SGP’er kreeg bedreigingen over zich heen via sociale media. „Vorig jaar heb ik aangifte gedaan, toen iemand riep dat er een bom op de SGP moest. Verder ben ik voorzichtig met publiciteit. Ik ben niet te beroerd om mijn mening te geven, maar wil de onrust niet opzoeken.”

Pelmolen Ter Horst, langs de Regge. beeld RD, Anton Dommerholt

Scheppink is trots op Rijssen. Hij spreekt enthousiast over de ondernemerszin in de stad. Of over het duurzaamheidsplan van de coalitie. Toch maakt hij zich ook zorgen over de toekomst. Veel Rijssense initiatieven draaien op vrijwilligers, maar het animo daarvoor neemt af, constateert hij. „De jongere generatie kent veel tweeverdieners. Ze kunnen naast hun werk steeds minder vrijwilligerswerk doen. Wie gaat die taken in de toekomst oppakken?”

In ’t plat

Ingrid, eigenaar van een plaatselijke ”thee- en kadowinkel”, kent „best wat ondernemers” die open willen op zondag. „Maar veel anderen ook niet, hoor.” Zelf begint ze er niet aan. „Vanwege het geloof. Maar ook als je nergens aan doet, heb je een rustdag nodig. Hier in de straat zeggen we altijd: Haast is zonde van de tijd.”

Het gaat goed met het winkelbestand in Rijssen, stelt Ingrid. „We hebben hier bijna geen leegstand, terwijl in Hengelo 50 procent van de winkels leegstaat. Mensen komen naar Rijssen, omdat we tijd nemen voor onze klanten. En vanwege het gratis parkeren, natuurlijk.”

Op de vraag wat er leeft in de stad, noemt Janna Nijland (69) direct de koopzondagdiscussie. De Rijssense is lid van de Zuiderkerk, de grootste van de drie gereformeerde gemeenten. Ze is blij dat opnieuw voor zondagsrust werd gekozen: „We hebben een grote SGP hier, het gaat gelukkig nog steeds goed.” Nijland voelt wel voor een recent CU-voorstel voor plaatsnaamborden in de streektaal: „Riessen-Hoolt’n.” „We praten thuis ook altijd in ’t plat. Je mag best een beetje trots zijn op je eigen taal.”

Trots op taal en stad is ook Gerrit Dannenberg (56), directeur van het Rijssens museum. In vogelvlucht toont hij ‘zijn’ museum. Als hij eenmaal aan het vertellen slaat, is het niet eenvoudig hem weer te onderbreken, zo geeft hij ruiterlijk toe.

Typerend voor Rijssenaren noemt hij „relativeringsvermogen. Je bent hier eerst Rijssenaar, en daarna komt pas je politieke kleur of ligging. Als er ergens een poldermodel is, dan is het in Rijssen.”

Lucky

De stad kent volgens Dannenberg, in tegenstelling tot veel omliggende plaatsen, relatief veel jongeren. Pas gehuwden blijven bewust in Rijssen wonen. De familiebanden zijn vaak hecht.

De vele jongeren in de stad zijn regelmatig onderwerp van gesprek. De gemeenteraad discussieerde uitgebreid over de inzet van ”mystery guests”: minderjarige jongeren die alcohol bestellen in de horeca, om zo ondernemers in overtreding te betrappen. Effectief en nodig, zegt de coalitie.

Geregeld valt ook de naam van de plaatselijke discotheek Lucky. De SGP uitte in november haar zorgen over de verkoop van lachgas bij de uitgaansgelegenheid. Vorige week ontstond onrust omdat er een „satanisch feest” georganiseerd zou worden in Lucky. In veel kerken werd voorbede gedaan. Ook heel wat christelijke jongeren uit de stad bezoeken Lucky, geven meerdere stadsbewoners aan.

Links de Oranjekerk van de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland. beeld RD, Anton Dommerholt

De jongerenproblematiek is niet groter dan elders, benadrukken verschillende Rijssenaren. Volgens Dannenberg zijn de jongeren „aandachtspunt” voor de kerken. „In de kerk wordt gewaarschuwd tegen Lucky. Men probeert verantwoorde alternatieven te bieden. Tegelijk zit het sterk in onze cultuur dat mensen zeggen: dit soort dingen doe je als je jong bent. Doe er niet te moeilijk over, want het komt later wel weer goed. De koe is zelf ook kalf geweest.”

Een van de „verantwoorde alternatieven” wil de interkerkelijke jeugdwerkstichting de Fakkeldrager bieden met een ontmoetingshonk voor jongeren. „We hopen hun iets te bieden waardoor ze bijvoorbeeld bij Lucky wegblijven”, vertelt jongerenwerker Arjan Slagman (50). Er worden spelletjes gedaan, activiteiten zoals een dropping georganiseerd, of jongeren komen om bij te praten. „Vroeger schonken we hier alcohol, maar daar zijn we mee gestopt. Er is geen jongere om weggebleven.”

Syrisch-orthodox

Rijssen kent een relatief grote Syrisch-orthodoxe gemeenschap, van zo’n 500 leden. Een van hen is Fehmi Citgez (52). Als 17-jarige jongen kwam hij vanuit Oost-Turkije in Rijssen terecht. De horeca-eigenaar weet als geen ander hoe het is om als buitenstaander een plaats te krijgen in de hechte gemeenschap.

In een van zijn restaurants vertelt Citgez breedvoerig zijn levensverhaal. „Ik ben God dankbaar dat ik in Rijssen terecht ben gekomen. In het westen van Nederland zou ik economisch meer succes hebben dan hier, maar voor mijn geloof en kinderen ben ik blij dat we in Rijssen wonen.”

Voelt Citgez zich inmiddels –na 35 jaar– Rijssenaar? „Ik ben als een mozaïek, met stukjes vanuit allerlei plaatsen van de wereld. Tegelijk voel ik me hier thuis. Het was niet moeilijk om hier mijn plek te vinden. Voor wie zich open opstelt, is Rijssen een open gemeenschap.”

Het kerkgebouw van de gereformeerde gemeente te Rijssen-West. beeld RD, Anton Dommerholt

„Rijssen door de tijd heen wat wereldser geworden”

„Wat typisch Rijssens is? Over het algemeen zijn Rijssenaren gelovig en hardwerkend. Het christelijk smaldeel is hier vrij breed.” Aan het woord is Ronald Vrugteman (61), verslaggever voor het regionale dagblad Twentsche Courant Tubantia. Al vijftien jaar volgt hij het reilen en zeilen in de Reggestreek op de voet, de regio waar ook Rijssen onder valt.

Door de jaren heen zag de Rijssenaar de stad veranderen. „Rijssen is behoorlijk gegroeid.” Ook de grote bedrijvigheid karakteriseert de stad, volgens Vrugteman. „We hebben een bloeiende industrie. Als je kijkt naar de kaart van Rijssen, is het industrieterrein nog groter dan de stadskern.”

Ook op andere gebieden zag hij verandering. „Tot voor kort werd Sinterklaas niet door de burgemeester verwelkomd. Dat is veranderd. Rijssen is wel wat wereldser geworden.”

De verslaggever zag ook het zondagse straatbeeld veranderen. Vroeger waren de wegen naar de kerken „helemaal verstopt. Er liepen honderden mensen op straat, want de stoep was vol. Nu is er bij de kerken een flink aantal parkeerplaatsen aangelegd. Toen ik hier in de jaren 80 kwam wonen, was autorijden op zondag echt not done.”

Ronald Vrugteman, verslaggever voor de Twentsche Courant Tubantia. beeld RD

De zondagsrust speelde een belangrijke rol in de laatste gemeenteraadsverkiezingen. Verkiezingswinnaar SGP (7 zetels) wilde graag verder met de al bestaande coalitie. Maar CDA en Gemeentebelang hielden vast aan hun wens tot koopzondagen in Holten. „Eigenlijk was er een meerderheid voor zondagsopenstelling, maar door een manoeuvre van de VVD is dat niet doorgegaan”, zegt Vrugteman. De VVD liet weten wel mee te willen regeren, en bereid te zijn de koopzondag hiervoor op te geven. Toen de SGP die informatie voorlegde aan haar oude coalitiegenoten, gingen die overstag en gaven hun wens voor zondagsopenstelling op. De coalitie bleek toch opnieuw samen te kunnen regeren.

serie In de Biblebelt

Wat houdt plaatsen in de Biblebelt bezig? Twaalf portretten. Deel 3.