Hoeden en mondkapjes: dit was de mode van Prinsjesdag 2020

10

Een gerecyclede koninklijke jurk, zwarte mondkapjes, wat minder hoeden dan normaal. Prinsjesdag 2020 was in alle opzichten sober.

Op een bankje bij het Tweede Kamergebouw ligt een rij hoeden. Bruin, zwart, beige en helemaal aan het eind een opvallend exemplaar met een roze handtas ernaast. Kamerlid Helma Lodders (VVD) staat er lachend naast te poseren. „De kleurige is van mij.”

Afgezien van de hoedenverzameling –daar neergelegd omdat het leuk is voor de foto– was het deze Prinsjesdag zoeken naar de hoofddeksels. Normaal maken veel genodigden gebruik van de gelegenheid om een bijzonder hoofddeksel te dragen, maar dit jaar vonden veel vrouwen het vanwege corona niet gepast om uit te pakken met een bijzondere hoed. Het woord sober was regelmatig te horen in interviews.

Hoedjesdag is al sinds de jaren zeventig en dankzij Erica Terpstra een begrip tijdens Prinsjesdag. Zij besloot als Kamerlid een eerbetoon te brengen aan koningin Juliana door een hoed te dragen en zo een statement te maken „tegen de grijze massa.” Sinds die tijd zijn er meer politici die de dag gebruiken om een politieke boodschap uit te dragen met hun hoofddeksel, bijvoorbeeld om te protesteren tegen dierenmishandeling of verspilling in de mode-industrie. „Deze keer zag je dat minder”, zegt royalty- en modejournaliste Josine Droogendijk. „Zelf vond ik dat niet zo erg. Prinsjesdag draait wat mij betreft vooral om de ceremonie, de Troonrede, de koning en de koningin. Ik vraag me af of bijzondere statements bij zo’n dag passen; daar zijn 364 andere dagen van het jaar voor. Al snap ik het wel, want juist op deze dag is er aandacht voor de boodschap die je wilt uitdragen.”

Toch waren er alsnog Kamerleden die voor iets anders dan anders kozen. Neem Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren). Zij maakte van de gelegenheid gebruik om te poseren in een krijtstreeppak met rode stropdas en een ”Keer om”-bord op haar rug. „Mijn boodschap is dat we na de crisis niet terugmoeten naar het oude normaal.”

Ook Carla Dik-Faber van de ChristenUnie, bekend om haar Prinsjesdagoutfits, koos voor kledingstukken met een boodschap. Ze droeg kleding van reststoffen uit de kledingindustrie en een armband en oorbellen van een Zwolse boom. Zonder hoed. „Ik wilde het dit jaar graag sober en duurzaam houden.”

Okergeel

Koningin Máxima koos ook voor een duurzame oplossing. Ze droeg een japon van ontwerper Claes Iversen, die ze al eerder aanhad tijdens een bezoek van het Jordaanse koningspaar in 2018. Toen was de jurk nog kanariegeel, maar de koningin heeft hem donkerder laten verven. „Waarschijnlijk heeft ze dat bewust gedaan om de kleur net wat minder vrolijk te maken”, zegt Droogendijk. „Uitpakken met een knalkleur paste niet echt dit jaar.”

De royaltyjournalist is te spreken over de kledingkeuze van koningin Máxima, met name ook over de grote broche die ze droeg, een cadeau van koning Willem III aan zijn vrouw Emma. „Vrouwen dragen niet zo vaak een broche en zeker niet op hun taille. Daarmee maak je een koninklijk statement, dat vind ik mooi.”

Zowel prinses Laurentien als koningin Máxima droegen geen hoed, maar een haardecoratie. „Ik ben blij dat ze daarvoor hebben gekozen”, zegt Droogendijk. „Neem de koningin: haar jurk is best druk met die volants. Met een hoed zou het plaatje best zwaar zijn, nu is het in balans.”

Schoenen

Een ander opvallend gezicht dit jaar: de zwarte mondkapjes met het logo van de Staten-Generaal. Speciaal gemaakt voor Prinsjesdag, want een deel van de politici reed vanaf het Binnenhof met een busje naar de Grote Kerk. „En in het openbaar vervoer heb je mondkapjes nodig”, aldus Jan Anthonie Bruijn, voorzitter van de Eerste Kamer. Een woordvoerder van de Eerste Kamer noemde het zelfs een „collector’s item.”

Ook de mannen hielden het qua mode op deze Prinsjesdag rustig. Afgezien van een knalgele stropdas hier en daar was er weinig opvallends te zien. Zelfs minister De Jonge –bekend om zijn bijzondere schoenen– droeg deze keer gewone zwarte exemplaren.