Gehandicaptenzorg in coronatijd: „Bewoners schrikken van beschermende pakken”

Nederland
Kroonheim in Uddel. beeld RD

Niet alleen verpleeghuizen zijn getroffen door de coronamaatregelen, ook de gehandicaptenzorg heeft het zwaar. De impact voor bewoners is groot. „Een begeleider die met een mondkapje, schort en handschoenen aankomt, levert stress op.”

Bewoners mogen geen bezoek meer ontvangen, tenzij er sprake is van een noodgeval. De dagbesteding is stopgezet. Het personeel werkt zoveel mogelijk op één groep. Cliënten die corona hebben, gaan in isolatie en krijgen hun eigen begeleiding.

Adullam, De Schutse en Siloah, de reformatorische instellingen voor gehandicaptenzorg, hebben alle noodzakelijke maatregelen genomen om het coronavirus zo goed mogelijk te bestrijden.

Alle drie hebben ze inmiddels te maken met besmettingen. Siloah bij twee locaties, De Schutse op twee locaties en bij Adullam met name op de locatie Maasheim in Puttershoek. „We hebben een bewonersgroep van zeven cliënten die in quarantaine is”, zegt bestuurder Bram Prins. De organisatie heeft de logeervleugel, die nu toch niet wordt gebruikt, ingericht als quarantainevleugel.

Zodra het vermoeden bestaat dat een bewoner corona heeft, wordt hij of zij in isolatie gezet tot er getest kan worden.

Johan de Graaf, manager zorg bij Siloah: „Tot nu toe hebben we dat op de locaties waar ik werk een paar keer gehad, maar het was elke keer vals alarm.”

Besmette bewoners krijgen zorg van begeleiders in een beschermende jas, met een mondkapje op en handschoenen aan. „Als je dat niet goed uitlegt, kan het heel beangstigend zijn voor bewoners”, aldus Johan Riezebos, manager van Kroonheim in Uddel. „Hun vertrouwde begeleider ziet er ineens heel anders uit. We proberen de situatie zo duidelijk mogelijk te maken, bijvoorbeeld door picto’s te gebruiken met plaatjes van een begeleider in een plastic jas.”

Het personeel doet zijn best om zoveel mogelijk structuur aan te brengen. Bauke de Jong, manager zorg bij Siloah: „Ze proberen de dagbesteding na te bootsen door het normale werk in huis te halen. Cliënten zijn aan het zagen in de tuin of doen inpakwerk. Maar je merkt toch dat de spanning wat oploopt, de situatie heeft een enorme impact. Het vraagt veel van de begeleiders.”

Naastenliefde

Ook voor de ouders hebben de maatregelen veel impact. Ze kunnen hun zoon of dochter in de meeste gevallen niet bezoeken, ook niet bij een verjaardag of een andere belangrijke gebeurtenis. „Dat is pijnlijk. Via digitale middelen kunnen ouders contact houden, maar dat is natuurlijk surrogaat”, zegt bestuurder Klaas Ruitenberg van De Schutse. „Al valt het me op dat ouders ook begrip hebben. Ze snappen dat de gezondheid van de bewoners centraal staat.”

Ook de managers van Siloah vinden het bezoekverbod moeilijk. „Ik ben zelf ook vader, en de gedachte dat je langere tijd niet je zoon of dochter kunt zien is onvoorstelbaar”, zegt De Graaf. „Als een bewoner jarig is en de familie belt of ze niet toch even langs kunnen komen, dan vind ik het heel ingrijpend om zo’n verzoek te moeten weigeren.” Toch benoemt ook hij dat er veel begrip is voor de situatie.

Herkenbaar, zegt Riezebos van Kroonheim in Uddel. „Ik krijg regelmatig van ouders de vraag of ze iets kunnen doen om te helpen. Soms staat er ineens iemand voor de deur met een tas met nieuwe kleding voor de cliënten. En twee families hebben samen bloemen gekocht voor alle bewoners en medewerkers.”

Personeel

Qua personele bezetting lukt het de managers aardig om de roosters rond te krijgen. Bram Prins van Adullam: „Omdat de logeerhuizen, kinderdagcentra en de dagactiviteitencentra zijn gesloten, kan het personeel van die locaties op een andere plek gaan helpen. En daarnaast hebben we campagne gevoerd om reservisten op te roepen hun werk in de zorg weer op te pakken.”

De zorginstellingen proberen het personeel zo goed mogelijk op te vangen en ze waar mogelijk een hart onder de riem te steken. „Voor medewerkers is het een heel zware tijd”, zegt bestuurder Ruitenberg van De Schutse. „Ik heb veel lof voor hun inzet en bereidwilligheid om te blijven werken, ook als er cliënten besmet zijn en ze daardoor zelf ziek kunnen worden. Het begrip naastenliefde wordt echt in de praktijk gebracht.”