Geen biertje in islamitisch voedselpakket

Standplaats Spangen
Rahma Hulsman (foto) richtte in 2010 de Islamitische Voedselbank op. „Veel mensen uit onze doelgroepen zijn opgegroeid in een schaamtecultuur. Die zie je niet snel in de rij bij de gewone voedselbank.” beeld Cees van der Wal

Varkensvlees, alcohol, gelatine: je zoekt er tevergeefs naar in voedselpakketten van de Islamitische Voedselbank in Rotterdam. De missie van de vrijwilligers: binnen nu en vijf jaar ook present zijn in Amsterdam, Den Haag en Utrecht. Oprichtster Rahma Hulsman. „Wij bereiken andere mensen dan de gewone voedselbank.”

Het is zoals elke donderdag markt op het Visserijplein in Rotterdam-West. Zo nu en dan valt er een lichte bui. „Nu is het ineens druk”, zegt een aardappelverkoper die een overdekte kraam heeft. „Schuilen, 1 euro”, grapt hij.

Voor het aan de markt grenzende wijkgebouw Pier 80 duwt een groepje Syriërs een zware kar met etenswaren. Tegen de muur liggen enkele zakken met uien. Binnen, in een gymzaal, vullen inpakkers dozen. De tientallen vrijwilligers hebben vrijwel allemaal een niet-Nederlandse achtergrond. Rahma Hulsman, oprichtster van stichting Salaam en drijvende kracht achter de Islamitische Voedselbank, leidt alles in goede banen.

De Nederlandse bekeerde zich in 1993 tot de islam. Vanuit haar geloof probeert ze met haar maatschappelijke activiteiten het goede voor de samenleving te zoeken. „Het is een vorm van dawah (uitnodiging om zich te bekeren tot de islam, BP). We willen het beste voor de ander, ongeacht kleur of afkomst. Daarmee laten we zien dat de meeste moslims geen terroristen zijn.”

In 2000 richtte ze met „drie bekeerde zusters” Salaam op. In het begin organiseerde de stichting activiteiten voor vrouwen en kinderen. Maar al snel zette ze zich in voor mensen die tussen wal en schip raken, zoals vluchtelingen en minima. In 2010 leidde het een en ander tot oprichting van de Islamitische Voedselbank.

Vanuit Pier 80 voorzien Hulsman en haar vrijwilligers elke donderdag 175 gezinnen van een voedselpakket. Woensdag helpt de stichting op een ander uitgiftepunt in Rotterdam 75 gezinnen. Het streven van de stichting is binnen nu en vijf jaar ook in Amsterdam, Den Haag en Utrecht islamitische voedselpakketten te verspreiden. Op dit moment is er een wachtlijst. „Wij bereiken andere mensen dan de gewone voedselbank”, weet Hulsman. „Veel mensen uit onze doelgroepen zijn opgegroeid in een schaamtecultuur. Die zie je niet snel in de rij bij de gewone voedselbank.”

Hét grote verschil tussen de gewone voedselbank en de islamitische evenknie is dat in voedselpakketten van de laatste geen varkensvlees, alcohol of gelatine te vinden is. Deze producten zijn volgens de islam haram: verboden voor een moslim.

Vaste sponsors leveren de Islamitische Voedselbank producten zoals melk, pasta en rijst. Een andere leverancier zorgt voor brood. Om halfvier ’s middags gaan vrijwilligers met een grote kar de markt op om overgeschoten producten op te halen. „Het is elke week weer een verrassing waar we mee terugkomen.”

Om de hoek

Als er varkensvlees of gelatine tussen de ‘oogst’ zit, is dat geen probleem. „Strikt genomen zou ik het weg moeten gooien. Maar om verspilling tegen te gaan, geef ik het aan Swingmarket, een sociaal warenhuis voor minima. Alcohol geef ik níét weg. Dat is een luxeproduct, heeft niets te maken met noodzakelijke levensbehoeften.”

Hulsman is niet bang dat er mensen zijn die oneigenlijk gebruikmaken van de voedselbank. „Wij screenen nieuwkomers zorgvuldig aan de hand van hun bankafschriften. Na een halfjaar lichten we onze afnemers opnieuw door. Bedenk ook dat de mensen hier niet zomaar komen. Het is verschrikkelijk om elke week voor een voedselpakket in de rij te moeten staan.”

Ze herinnert zich een voorval uit de begintijd. „Op een dag belde de buurvrouw aan. Ze had al haar moed bij elkaar geraapt en vroeg of ze ook een voedselpakket kon krijgen. Omdat ze niet kon rondkomen pikte ze altijd brood bij de Jumbo, biechtte ze mij op. Niet lang daarna klopten er meer mensen uit de straat aan. Het illustreert hoe groot de problematiek is. De meest schrijnende gevallen woonden zonder dat ik het wist om de hoek. Armoede is een veel groter probleem dan veel mensen denken.”

Standplaats Spangen

Hoe leven moslims in Rotterdam? RD-journalist Ben Provoost verbleef twee weken in Spangen en ging op onderzoek uit. Vandaag deel 5.