„Evacuatie in 1995 was spannend, maar ook gezellig”

Vluchten voor het water
Het autobedrijf in Kesteren moest vanwege het hoogwater worden ontruimd. Veertig voertuigen werden naar Rhenen verplaatst beeld VidiPhoto
2

Het was aanschuiven in de enorme file voor de brug bij Rhenen, herinnert de familie Van Leeuwen uit Opheusden zich van de evacuatie in 1995. „Er heerste geen paniek, het was wel spannend.”

Ten tijde van de evacuatie van Opheusden en omgeving hadden Gert en Joke van Leeuwen een autobedrijf in Kesteren. Dat is inmiddels overgenomen door hun kinderen. Zelf zijn ze verhuisd naar Opheusden, waar ze een prachtig zicht hebben op het Opheusder Meer en de Nederrijn. In hun gloednieuwe woning staat het bankstel dat ze indertijd met andere grote stukken huisraad in veiligheid hebben gebracht, naar Ede, en waar ze nog steeds zuinig op zijn.

Met zeven kinderen, machines, auto’s en inboedel die in veiligheid moesten worden bracht was het op maandag 30 januari alle hens aan dek. „We woonden in Kesteren naast ons autobedrijf”, vertelt Gert van Leeuwen. „Toen bekend werd dat we weg moesten, heb ik mijn neef in Rhenen gebeld. We moesten ergens met onze ongeveer veertig auto’s naartoe. Bij hem was plek, en zo hebben we met onze kinderen en het personeel de voertuigen naar Rhenen gereden. Onze jongens van 14 en 15 hielpen mee. Ze hadden al rijervaring omdat ze zaterdags de wagens naar binnen moesten manoeuvreren. Vervolgens was het aansluiten in de file voor de brug bij Rhenen. We gingen kruipend naar de overkant.”

Toen die klus geklaard was, werden de machines gedemonteerd en in onderdelen op de hefbrug in het bedrijf geplaatst, om waterschade bij een dijkdoorbraak te voorkomen. Daarna was het de beurt aan huisraad en gezin. „We hebben veel spullen naar zolder gebracht”, weet Joke van Leeuwen nog, „ook de keukenapparatuur. We hielden er echt rekening mee dat de dijk bij Ochten zou doorbreken.”

Van familie, vrienden en bekenden kregen ze overal onderdak aangeboden. Gert: „We hebben gekozen voor een appartement van een collega-bedrijf in Otterlo. Daar hadden we alle ruimte voor ons gezin.” Joke: „We namen onze matrassen en stoelen mee. De gastvrijheid toen was enorm.”

Niet iedereen had zin om mee te gaan. „Oom Wim had alvast een paar emmers met drinkwater op zijn zolder neergezet. Hij wilde blijven. Gelukkig wisten we hem over te halen”, vertelt de oud-garagehouder.

Telefoonverkeer

„Het telefoonverkeer lag toen vrijwel plat. Je kon bijna niemand bereiken. Ik had als een van de weinigen een mobiele telefoon. Een enorm apparaat was dat, maar het kwam goed van pas.”

Ondanks de belofte van overheden en politie dat het gebied extra zou worden bewaakt en gecontroleerd, is er volgens Gert van Leeuwen op diverse plekken ingebroken. „Een paar kampers reden hier rond met een dierenambulance en in witte jassen. Zij hebben het nodige in de regio weggeroofd.”

Natuurlijk was het lastig, maar Joke van Leeuwen herinnert zich ook de gezelligheid. „Cliënten van De Schutse waren ondergebracht bij ’s Heeren Loo in Otterlo. Daar zijn we een keer gaan kijken. Verder deden we boodschappen en gingen we wandelen. Er zaten daar veel bekenden uit Kesteren en Opheusden. De kinderen konden niet naar school, maar ook zij vermaakten zich prima. Al met al hadden we het er naar onze zin en voelden we ons welkom. Iedereen was erg behulpzaam.”

serie Vluchten voor het water

De dijken in het Rivierengebied stonden op springen. Zo’n 250.000 inwoners moesten met spoed hun huizen verlaten. Wat was er 25 jaar geleden aan de hand? En kan het opnieuw gebeuren? Woensdag deel 4.