Domburg zucht onder toeristenstroom

In de Zeeuwse badplaats Domburg (foto) hebben inwoners hinder van de vele toeristen.  beeld Jan Dirk van Scheyen

Familiebadplaats Domburg in de gemeente Veere leeft van het toerisme. Maar de recreatiedruk heeft een keerzijde. Blijft het dorp aan de Noordzee ook aantrekkelijk voor eigen inwoners?

„Zie je die drie huizen daar aan de Markt?” wijst Ko Jan Provoost. „Dat waren vroeger woonhuizen. Nu zitten er op de begane grond winkeltjes en de verdieping is ingericht als appartement. Dat wordt verhuurd aan toeristen.”

Provoost is secretaris van de Stadsraad Domburg, die de gemeente gevraagd en ongevraagd adviseert over het wel en wee van zijn dorp. Hij legt de vinger op de zere plek en schat dat in het 1400 inwoners tellende Domburg 150 woningen in strijd met de regels niet permanent worden bewoond. „Ze zijn gekocht door particulieren of beleggers, die ze vervolgens het hele jaar door verhuren aan vakantiegangers voor bedragen die kunnen oplopen tot 1500 of soms wel 2500 euro per week.” Provoost woont in de Noordstraat in het hart van het dorp. Hij schat dat alleen al in zijn eigen straat de helft van de huizen geen vaste bewoners heeft.

„Op deze manier komt de leefbaarheid onder druk te staan. Starters en doorstromers uit Domburg die hier graag een huis willen kopen, vissen achter het net. Je ziet steeds meer jonge gezinnen verhuizen naar Aagtekerke, hier 2 kilometer vandaan. Laten we aan de toekomst denken: ook volgende generaties Domburgers moeten betaalbaar in hun geboortedorp kunnen wonen.”

Last

Domburg wordt iedere zomer overspoeld door toeristen. „Het dorp mag straks niet één groot recreatiepark of toeristisch museum worden”, waarschuwt Provoost. „Aan de andere kant moet de gemeente het de toeristen die er zijn het optimaal naar de zin maken. Dat het verkeer nog dwars door het toeristische hart rijdt is niet meer van deze tijd. Als je hier op een terrasje zit en er trekt net een vrachtwagen voor je neus op, is dat niet fijn.” Hij pleit voor aanleg van een rondweg om het dorp en het weren van autoverkeer uit het centrum. „Daarmee ontlast je de toeristen en de eigen inwoners.”

Hoteleigenaar Robbert Vreeke erkent dat het in het hoogseizoen soms zo druk is in de badplaats dat de eigen inwoners er last van hebben. „Dan heb ik het over een paar straten, waar dorpelingen bijvoorbeeld hun auto niet meer kunnen parkeren of waar bevoorradingsverkeer de weg verspert”, aldus Vreeke. „Het hele centrum hier is parkeervergunninggebied, maar als je je auto niet meer kwijt kunt terwijl je 40 euro voor zo’n vergunning betaalt, is dat frustrerend.”

Discussie over de toeristische druk vindt Vreeke „goed en nuttig.” „Maar laten we erkennen dat wij als recreatieondernemers hier de afgelopen twintig jaar een mooie weg hebben afgelegd. We hebben ook altijd geijverd voor seizoensverlenging. Het kan tegenwoordig ook in oktober druk zijn in Domburg. Daardoor hoef ik mijn personeel niet in de herfst naar huis te sturen, maar kan ik hun een jaarcontract bieden.”

Provoost: „De leefbaarheid voor inwoners én gasten en de belangen van de ondernemers moeten in balans zijn.”

Wethouder van Toerisme Bert van Halderen (VVD) beaamt dat. „Als gemeentebestuur nemen we de signalen over toenemende recreatiedruk serieus, maar als we bij wijze van spreken morgen het toerisme uit Domburg weghalen, hebben we een nog veel groter probleem”, zegt hij.

De wethouder wijst op de jaaromzet van het toeristisch-recreatief bedrijfsleven in de gemeente, die zo’n 250 miljoen euro bedraagt. Van Halderen kondigt aan in 2019 extra geld uit te trekken voor controles op illegale bewoning. „Na een schriftelijke waarschuwing kan een dwangsom worden opgelegd aan de eigenaar.”

Foutparkeerders

Hij geeft toe dat de parkeerdruk in Domburg op zomerse dagen soms enorm is, „tot in de wijken rond het centrum aan toe.” „We moeten nog eens kritisch kijken naar het parkeervergunningensysteem en we gaan strenger controleren op foutparkeerders.”

Dagtoeristen, die een fors aandeel vormen in de totale toeristenstroom, moeten straks mogelijk betalen voor een parkeerplek op enkele grote terreinen aan de rand van het dorp die nu nog gratis zijn. En er komt een onderzoek naar de verkeersstromen. Een rondweg ziet de wethouder vooralsnog niet zitten. „Dan moet je gaan onteigenen, en daar zit ik niet op te wachten.”