Brandstofstoring kost Schiphol passagiers

In juli heeft Schiphol minder passagiers verwerkt dan in dezelfde maand vorig jaar. Dat is deels te wijten aan de grote brandstofstoring op 24 juli, toen tientallen vliegtuigen noodgedwongen aan de grond bleven. „Dat heeft een dempend effect gehad op het aantal reizigers, maar hoe groot dat effect is, is moeilijk aan te geven”, zegt een woordvoerder van Schiphol in een toelichting.

Andere oorzaken van de daling zijn het faillissement van Jet Airways, dat voorheen 300 vluchten per maand uitvoerde, en het feit dat er dit keer niet zoals vorig jaar juli gebruik kon worden gemaakt van overgebleven start- en landingstijden (‘slots’) van de winter.

Van en naar Europese bestemmingen reisden 4,7 miljoen mensen, een daling van 0,8 procent. Minder mensen reisden naar Griekenland en Spanje, maar meer naar Oostenrijk en Italië. Schiphol verwerkte ruim 1,9 miljoen intercontinentale passagiers, 0,1 procent minder dan juli 2018. Ook deze daling hing samen met het verdwijnen van Jet Airways, waardoor er minder mensen vanuit Amsterdam naar India en Canada vlogen. Colombia, de VS, Japan en Maleisië trokken juist meer passagiers vanaf Schiphol.

Het aantal vrachtvluchten nam af met 11,6 procent ten opzichte van juli vorig jaar. De hoeveelheid vracht liep terug met 10,5 procent. Dat komt doordat er op Schiphol minder slots beschikbaar waren voor vrachtverkeer en door een daling van het vrachtverkeer wereldwijd.