Bij de voorbede alleen voornamen gebruiken

Privacy meer of minder
De kerk heeft altijd goed oog gehad voor de privacybelangen van haar leden, zegt mr. Thomas Hoekstra. beeld iStock
2

De christelijke gemeente is een ”wij-organisatie” bij uitstek: broeders en zusters zien naar elkaar om, leven mee bij zorg en ziekte en bidden voor elkaar. Hoe verhoudt dit gemeente-zijn zich tot het privacybelang van het individuele kerklid?

Op het eerste gezicht lijkt privacy maar een modern verschijnsel. Je zou zeggen: privacy heeft alles te maken met de rechten van individuen en niets met gemeente-zijn in Bijbelse zin. Toch is dat te kort door de bocht geredeneerd. Oog hebben voor individuen kom je in de Bijbel al tegen, zegt mr. Thomas Hoekstra. „Denk aan het kerstverhaal over Jozef, die Maria in het geheim wilde verlaten. Hij doet dat niet, wellicht omdat hij zich ook rekenschap geeft van Maria’s belang. Je kunt ook denken aan het gesprek van Jezus met de Samaritaanse vrouw bij de waterput. Als de leerlingen terugkomen, verbazen ze zich erover dat Jezus met een vrouw spreekt. Maar ze stellen geen vragen. Er is een soort beslotenheid van het pastorale gesprek die niet zomaar wordt doorbroken.”

Hoekstra werkt als jurist bij de Protestantse Kerk in Nederland. Hij is de laatste tijd druk met de advisering van kerkelijke gemeenten over de nieuwe privacyregels. „Veel vrijwilligers in de kerk zien zich geconfronteerd met spotjes van de Autoriteit Persoonsgegevens en met veel media-aandacht. Terwijl het hun kerntaak niet raakt, vragen ze zich wel af: hoe gaan we dit allemaal bolwerken? Die golf aan aandacht werkt beklemmend. Terwijl we als kerk een goed en duidelijk verhaal hebben waarom we gemeenschap zijn en hoe we betrokken zijn op elkaar. Daarom hoeven we ook niet bang te zijn.”

Hoekstra ziet dan ook geen tegenstelling tussen het gemeente-zijn-met-elkaar en de privacybelangen van individuele gemeenteleden. „Ik interpreteer de regels kerkelijk vanuit de liefde voor iemand persoonlijk, met als doel een gemeente te zijn en om te zien naar elkaar. Bovendien heeft de kerk altijd al oog gehad voor de privacybelangen van haar leden. Denk aan het ambtsgeheim.

Wel zijn er nu onderwerpen waarin we een oplossing zullen moeten vinden. Zo worden medische gegevens juridisch gezien bijzonder beschermd. Daar komen veel vragen over. Gemeenteleden willen in geval van ziekte met elkaar kunnen meeleven en voor elkaar kunnen bidden. Hoe ga je daarmee om als gemeenschap, wetend dat de persoon om wie het gaat zich in die gemeenschap heeft geplaatst?

Een oplossing kan zijn om in de voorbedes alleen voornamen te noemen en de ziekte niet specifiek te noemen. En als de dienst via internet wordt uitgezonden zou er tijdens het gebed een stukje muziek gedraaid kunnen worden.”

Volgens Hoekstra heeft ook de wetgever het belang van gemeente-zijn onderkend. „Plaatselijk zal er nagedacht moeten worden over de vraag: Hoe kunnen we dit als gemeente écht vormgeven? Het gaat erom dat je niet alleen een mooie alinea opschrijft in een document, maar dit ook in de praktijk handen en voeten geeft.”

Hoekstra onderstreept dat de kerkelijke gemeente een heel brede gemeenschap is met verschillende soorten leden. „Je bent er voor de 26-jarige die goed thuis is op internet en daar zijn weg wel vindt. Maar je komt ook op bezoek bij de 87-jarige die geholpen wil worden zonder eerst langs allerlei digitale barrières te moeten.

Er wordt nu in overleg met de Autoriteit Persoonsgegevens gekeken naar de bijzondere positie van de kerkelijke gemeente. Daarbij kan een gedragscode waarin er rekening wordt gehouden met specifieke situaties van kerkelijke gemeenten helpen.”

Serie Privacy meer of minder

De invoering van de Algemene verordening gegevensbescherming bevestigde het: privacy houdt ons bezig. Maar op welke terreinen mag het wat meer en waar wat minder? Deel 3 in een zesdelige serie.

1. Wat we wel, wat we niet prijsgeven.

2. Over de afgeplakte dagboekpagina’s van Anne Frank.

3. Hoeveel privacy verdraagt de kerk?

4. Over privacy en vereenzaming.

5. Privacy ligt op straat in China.

6. Hoe typisch westers is privacy?