Positie pensioenfondsen verslechtert verder

beeld ANP, Lex van Lieshout

De kans dat pensioen­fondsen zich genoodzaakt zien om volgend jaar een korting toe te passen op hun uitkeringen, neemt toe. De financiële positie van de Nederlandse fondsen is het achterliggende kwartaal verder verslechterd.

De Nederlandsche Bank (DNB), die fungeert als toezichthouder, publiceerde dinsdag gegevens. Daaruit blijkt dat inmiddels voor 6,5 miljoen werknemers en gepensioneerden geldt dat het pensioenfonds waarbij zij zijn aangesloten ‘onder water staat’, dat wil zeggen een dekkingsgraad heeft die onder het wettelijk vereiste minimum ligt.

De fondsen hebben de laatste jaren vooral veel last van de extreem lage rente. DNB zei in mei al dat er volgend jaar voor 1,8 miljoen Neder­landers een beperkte korting dreigt. Ook grote spelers als ABP (ambtenaren en onderwijs), Zorg en Welzijn, PME (metalelektro) en PMT (metaal en techniek), hebben aangegeven dat ze in 2017 mogelijk moeten ingrijpen.

Of kortingen nodig zijn, hangt uiteindelijk af van de hoogte van de zogeheten beleidsdekkingsgraad aan het einde van dit jaar. Deze graadmeter lag aan het slot van het tweede kwartaal gemiddeld op 99,6 procent. Dat betekende een teruggang van 2,3 procentpunt ten opzichte van de drie maanden daarvoor. Bij een dekkingsgraad onder de 100 procent heeft een pensioenfonds niet voldoende middelen meer in kas om in de toekomst aan alle verplichtingen te kunnen voldoen. Fondsen met een tekort stellen jaarlijks een herstelplan op waarin ze aangeven welke maatregelen zij treffen om hun positie te verbeteren.

De wettelijke minimumnorm voor de dekkingsgraad ligt rond de 104 procent. Als het cijfer lager uitvalt, is er onderdekking. Dat is nu volgens DNB het geval voor fondsen waarbij 4,1 miljoen werknemers en 2,4 miljoen gepensioneerden zijn aangesloten.

De beleidsdekkingsgraad van een fonds wordt vastgesteld door het gemiddelde te nemen van de actuele dekkingsgraden in de voorbije twaalf maanden. Wanneer er puur naar de dagelijkse marktinformatie wordt gekeken, is de situatie de afgelopen maanden licht verbeterd. De actuele dekkingsgraad steeg in doorsnee van 96,3 naar 96,6 procent. Dit plusje was echter bij lange na niet voldoende om de neergaande trend van het gemiddelde over twaalf maanden een halt toe te roepen.

De RMU liet in een reactie weten: „Pijnlijk duidelijk wordt dat wij als vakbeweging tekort zijn geschoten om werknemers bewust te maken dat zij niet onder alle omstandigheden kunnen rekenen op een gegarandeerde pensioenuitkering.” De belangenorganisatie roept ertoe op als vakbeweging en overheid een nationale publiciteitscampagne te beginnen om mensen op dit punt eerlijk en transparant te informeren.