| Kerkelijk Leven | 6 juni 2000 |
Er is vrede met m'n weg, ondanks vele tekortenIn het vertrouwen van Psalm 122Door S. C. Bax Terugkijkend op zijn ambtelijk leven -dat doe je onwillekeurig- komen de vragen van zonde en schuld ter sprake. Van een al te grote scheiding tussen ambtelijke en persoonlijke zonde, schuld en genade wil de emeritus niet weten. Je mag dat niet te veel uit elkaar trekken. Maar terugblikkend denk ik toch te veel rondgelopen te hebben en te weinig de studeerkamer bezocht te hebben. Hij verduidelijkt: Pastoraat was voor mij nummer één. Hoewel, het was altijd de vraag hoe je daarmee moest omgaan. Zondags bereik je vele tientallen, honderden mensen. Maar doordeweeks kon je luisteren naar wat mensen aan de prediking hadden, dan kon je nog eens doorpraten. Natuurlijk doet het je goed als mensen zondags aan je lippen hangen. Maar het is ook een zegen als je in het pastorale werk mag proeven wat de verkondiging uitwerkt. Vooral aan de periode dat hij in Hasselt catechisatie gaf, bewaart hij goede herinneringen. Ik weet dat jongelui daar met hun ouders zondagsavonds de catechesestof verwerkten. Zo heb ik dat niet meer meegemaakt. Dat het pastoraat de emeritus na aan het hart lag, blijkt uit het feit dat hij zijn ambtelijk werk op de emeritaatsgerechtigde leeftijd afsloot in 1989 als predikant voor bijzondere werkzaamheden bij de stichting Hervormde Diakonale Gezondheidszorg (HDG) te Sommelsdijk. Uitwerking Ds. Van Kooten werd op 4 juni 1950 bevestigd in Langerak door ds. B. van Lokhorst, een oom van zijn vrouw. Hij ontliep het vicariaat. Er was gebrek aan predikanten, omdat velen als legerpredikant gingen dienen. Vervolgens nam hij in 1954 een beroep aan naar Hasselt, vanwaar hij in 1961 naar Oud-Beijerland vertrok. In december 1966 ging hij naar Harderwijk, in september 1971 werd hij bevestigd in Rotterdam-Hillegersberg. Vanaf mei 1983 werkt ds. Van Kooten in Sommelsdijk. Van jongsaf Ds. Van Kooten herinnert zich dat men in Blauwkapel in het kerkje bijeenkwam dat in het oude fort gevestigd was. De Duitsers maakten daaraan een eind en sindsdien kerkte men in Groenekan. Dankbaar denkt ds. Van Kooten terug aan de preken van ds. O. J. van Rootselaar. Ook de preken van ds. S. van Dorp uit Zeist, de predikant die hem doopte, staan hem helder voor de geest. Ik had en ik heb er nog steeds bewondering voor hoe die man preekte. Zo kan ik dat niet. Hij preekte en bouwde zijn betoog rustig op, trok lijnen en zijn verkondiging straalde warme bevindelijkheid uit. Van jongsaf lag het voor Van Kooten vast dat hij predikant wilde worden. Hij fietste naar het stedelijk gymnasium in Utrecht, later naar de theologische faculteit van de universiteit in de Domstad. In 1945 meldde hij zich bij de theologische opleiding. Van de 26 voetianen die zich toen aanmeldden, was er bij mijn weten niemand getrouwd. Reünie Wat is er zoal verandert in de loop van vijftig jaar predikantsschap? Ds. Van Kooten herinnert zich dat hij vroeger van zaterdagavond tot maandag weg was als hij verder weg ging preken. Het respect voor de dominee, dat vroeger wel erg groot was, is tot gezondere proporties teruggekeerd. Maar het gevaar bestaat nu weer dat het doorschiet in een al te populaire omgang, inclusief gebruik van voornamen. De jeugd is opener dan vroeger. Over zijn prediking zegt hij: Hopelijk is die in de loop van de tijd verdiept. En laat er misschien een heel klein tikkeltje een accentverschuiving geweest zijn. Handelsmerk De emeritus is inmiddels hersteld van een hartinfact en van een operatie die gevolgd werd door een chemokuur. Maar hij preekt weer. Ik heb vrede met de weg die de Heere ging. Het is een zegen als je het allemaal aan Hem mag overlaten. Bij mij leeft in ieder geval niet het idee dat de Heere zo'n groot dienaar aan me heeft gehad. De intredetekst in Langerak was Psalm 122, het laatste vers: Om des huizes des Heeren, onzes Gods wil, zal ik het goede voor u zoeken. Ik leef wel in het vertrouwen dat in mijn leven iets doorstraalde van deze tekst. |