Financiën en Economie 22 januari 2000

Trends beïnvloeden aandelenkoersen

Door S. Haaijer
Dagelijkse koersbewegingen zijn grillig en vol misleidende schijnbewegingen die vallen onder het motto ”waan van de dag”. Op de lange termijn komen echter de onderliggende trends naar boven. Welke trends kunnen we verwachten in de 21e eeuw? De drie belangrijke trends in Europa die een positief effect hebben op aandelen zijn marktwerking, vergrijzing en duurzaamheid.

Als we kijken naar de ontwikkeling van de aandelenkoersen in de 20e eeuw dan zijn er grote verschillen per periode te constateren. In de periode tussen 1900 en het einde van de Tweede Wereldoorlog is nauwelijks enige koerswinst gerealiseerd. De koersstijgingen in de jaren twintig zijn volledig tenietgedaan door de beurskrach van 1929 en de daaropvolgende grote depressie van de jaren dertig. Na de Tweede Wereldoorlog zijn de koersen voortdurend gestegen, een situatie die, na een terugval in de jaren zeventig, nog steeds voortduurt.

Welvaartswinst
Marktwerking, en daaraan verbonden deregulering, is een trend die in de vorige eeuw al werd ingezet en die leidt tot een grote welvaartswinst in Europa. Oude (staats)monopolies worden opengebroken en omgevormd tot een concurrerende bedrijfstak. Hét voorbeeld daarvan is natuurlijk de telecomsector. Tot voor enkele jaren bestond de telecomsector alleen uit de nationale PTT's. Dit waren bijna zonder uitzondering logge staatsbedrijven, die niet bekendstonden om hun innovaties.

De laatste jaren gaat het in deze sectoren, om met de KPN-reclame te spreken, hard, heel hard. Deregulering en introductie van nieuwe technieken hebben elkaar in deze sector versterkt. De staatsmonopolies zijn veelal opengebroken, er zijn veel nieuwe spelers bijgekomen en er zijn in deze sector zeer grote beursintroducties en fusies. De razendsnelle opkomst van mobiele telefonie heeft ook nog veel in petto. Bijvoorbeeld met WAP (”wireless applications protocol”) waarmee internet mobiel wordt. De combinatie van mobiel dataverkeer en internet biedt veel perspectief.

Maar ook andere sectoren, zoals de energiesector, staan aan de vooravond van een dergelijke omslag. Bij de stroomproducenten en de stroomdistributiebedrijven is sprake van veel fusies en overnames. De grootste klanten kunnen al kiezen van welk bedrijf ze de stroom afnemen en tevens onderhandelen over de prijs. Dit staat ver af van de staatsmonopolistische structuur van vroeger. De prijsvorming komt sinds vorig jaar ook gedeeltelijk tot stand op een stroombeurs, de Amsterdam Power Exchange.

Niet zonder slag of stoot
De omslag gaat echter niet zonder slag of stoot. Nationale belangen staan soms in de weg. Maar de trend is naar onze mening onmiskenbaar en deze trend heeft in het algemeen een positieve invloed op de aandelenmarkten. De sector nutsbedrijven staat naar onze mening nog maar aan het begin van het proces dat leidt tot meer marktwerking en deregulering.

Een andere belangrijke trend is de vergrijzing van de bevolking in Europa. Doordat er steeds minder kinderen worden geboren en doordat de levensverwachting in Europa verder toeneemt, vergrijst de Europese bevolking in een hoog tempo. Vergrijzing heeft grote economische implicaties.

In de eerste plaats leidt vergrijzing van de bevolking tot een ruim aanbod van besparingen, wat gunstig is voor de rente. Dit grotere aanbod van besparingen wordt versterkt doordat in vrijwel alle landen in Europa de overheid aanstuurt op een begrotingsoverschot. Overheden hoeven straks niet meer extra te lenen, integendeel, zij kunnen beginnen met het aflossen van de staatsschuld. Dit is noodzakelijk om meer ruimte te scheppen op de begroting voor de hogere kosten die de vergrijzing met zich mee zullen brengen. De Nederlandse overheid reserveert bijvoorbeeld een gedeelte van de meevallers in een AOW-fonds.

Hoger rendement
De vergrijzing heeft ook gevolgen voor pensioenfondsen en levensverzekeraars. Om aan de toenemende verplichtingen te kunnen voldoen, worden pensioenfondsen en levensverzekeraars als het ware gedwongen het percentage aandelen in hun portefeuille te verhogen ten koste van obligaties en liquiditeiten.

Dit proces wordt mede mogelijk gemaakt door dereguleringen van pensioenfondsen. Veel pensioenfondsen waren verplicht voor een groot deel in obligaties te beleggen. Dit verandert snel. En terecht, aangezien aandelen over een langere periode gemiddeld een hoger rendement behalen dan obligaties en liquiditeiten. Pensioenfondsen hebben bovendien bij uitstek een lange beleggingshorizon en hoeven zich minder aan te trekken van de waan van de dag.

De veranderende demografische samenstelling van de bevolking is dan ook de belangrijkste drijfveer achter de groei van de laatste jaren in de verzekeringsbranche. De overheden in verscheidene Europese landen realiseren zich dat het handhaven van een omslagstelsel voor pensioenen niet langer houdbaar is voor de financiering van de oudedagsvoorziening van de vergrijzende bevolking. Overheden zijn voorstander van een omschakeling naar het kapitaaldekkingsstelsel en proberen werknemers verantwoording te laten nemen voor de financiering van hun eigen pensioen door middel van belastingimpulsen op aan het pensioen gerelateerde producten.

Binnen Europa wordt het komende decennium als gevolg van deze ontwikkelingen een jaarlijkse autonome groei voor de levensverzekeringspremies verwacht van minimaal 5 procent. Van institutionele beleggers is in de toekomst dan ook een groeiende vraag naar aandelen te verwachten.

Een derde trend ten slotte is duurzaamheid. Van duurzaamheid is sprake wanneer de huidige behoeftebevrediging de mogelijkheden voor toekomstige generaties om in hun behoeften te voorzien niet in gevaar brengt. Bij duurzaamheid draait het niet alleen om het milieu, hoewel dat wel een belangrijk aspect is. Ook sociale aspecten –hoe gaat een bedrijf bijvoorbeeld om met zijn werknemers in de derde wereld– spelen een rol. Een bekend voorbeeld hiervan is Shell. Na het probleem met de Brent Spar, wat in pr-opzicht een debacle was, heeft het bedrijf de focus gericht op een manier van zakendoen die maatschappelijk meer verantwoord is.

Kinderarbeid
Ook zien we dat de maatschappij meer dan vroeger erop let of bij de productie geen sprake is van kinderarbeid. Daarnaast is de kwaliteit van producten en productieproces een belangrijk element van duurzaamheid. De opvatting dat duurzaamheid ten koste gaat van het financiële rendement is naar onze mening achterhaald. Wij zien duurzaamheid als een investering in de toekomst die zich, zoals een investering betaamt, later dubbel en dwars uitbetaalt.

S. Haaijer is beleggingsstrateeg bij Effectenbank Stroeve.