Watersnood in China: al 2500 dodenPEKING Het aantal dodelijke slachtoffers van de watersnood in twee Chinese provincies bedraagt volgens het officiële persbureau Xinhua 2500. Dat zijn bijna tweemaal zoveel doden als de 1270 die het Chinese ministerie van binnenlandse zaken dinsdag meldde. Op welke gegevens Xinhua zich gisteren baseerde is onduidelijk. Na het water bedreigen nu ook ziektes de miljoenen Chinezen die door de overstromingen uit hun huizen zijn verdreven. Arne Jacobson, vertegenwoordiger van het Rode Kruis in China, vreest voor epidemieën in het getroffen gebied. Op veel plaatsen is het drinkwater vervuild. Volgens Jacobson heeft het Rode Kruis gevraagd om ruim 7 miljoen gulden voor waterzuiverende tabletten, voedsel en medicijnen. Van dit bedrag is echter pas 25 procent binnengekomen. Het waterpeil van de bijna 6000 kilometer lange overgelopen Jangtze en haar zijrivieren in Midden-China blijft stijgen. Voor de provincies Anhui en Jiangsu geldt sinds dinsdag de noodtoestand. De maatregel betekent dat overheden materiaal en mensen kunnen vorderen om de ramp te bestrijden. In Anhui zijn rond 200.000 mensen geëvacueerd uit dorpen langs de rivier. Die willen de autoriteiten met opzet laten onderlopen om industriecentra te sparen. |