Protocollen schieten tekort inzake definiëren begrip defensief
Geen rem op tests met biologische wapensDoor drs. W. Schneider DEN HAAG De Verenigde Staten hebben de laatste jaren in het geheim proeven met biologische wapens uitgevoerd. Deze ontdekking, vorige week, werpt een ander licht op de recente afwijzing door Amerika van het aanvullende Protocol bij het Biologisch Wapenverdrag. Dit Protocol wil de controlemogelijkheden op de naleving van het verdrag aanscherpen. De Amerikaanse proeven wijzen pijnlijk nog eens op een groot tekort van het Biologisch Wapenverdrag, waarin het begrip defensief nauwelijks wordt gedefinieerd. In de wetenschappelijke pers is de laatste tijd opvallend veel geschreven over de proeven met biowapens. Gevreesd werd dat, ondanks het Biologisch Wapenverdrag uit 1975, diverse landen dit soort proeven in het geheim voortzetten. Zo werd in mei in het blad Nature gesteld dat sommige landen via DNA-technieken wapens zouden ontwikkelen waartegen men zich in de praktijk niet meer kan verdedigen. The New Scientist maakte afgelopen januari bekend dat in Australië een gevaarlijke ontdekking was gedaan. Bij de bestrijding van een muizenplaag ontdekten wetenschappers dat aan een betrekkelijk onschuldig ziekteverwekkend virus een gen kan worden toegevoegd dat het immuniteitsstelsel van een zoogdier ontregelt, waardoor het virus dodelijk wordt. Dit was een belangwekkende ontdekking voor militaire onderzoekers, omdat een dergelijk wapen ook tegen mensen kan worden gebruikt. Hoewel het Biologisch Wapenverdrag onderzoek naar biologische wapens afkeurt, zijn voorbeelden bekend waaruit duidelijk werd dat verschillende militaire laboratoria onderzoek doen naar de mogelijkheid om bestaande virussen en bacteriën resistenter te maken, al was het alleen maar uit zuiver defensieve overwegingen. Zo circuleerde er in november 1997 op het Duitse ministerie van Defensie een rapport met de titel Streitkrafteinsatz 2020. Volgens dit rapport was het denkbaar om strijdmiddelen te ontwikkelen tegen groepen mensen die genetisch van elkaar verschillen. Hierdoor zijn de te gebruiken biowapens voor de eigen groepen ongevaarlijk, maar voor andere etnische groepen zouden deze wapens dodelijk zijn. Miltvuur Verder was bekend dat de Verenigde Staten, Engeland, Rusland en Zuid-Afrika in het verleden met de ontwikkeling van biowapenprogramma's bezig waren. Rusland in de vorm van het Biopreparat, Zuid-Afrika met het Project Coast. Tegenover de Moskou Times verklaarden hoge Amerikaanse ambtenaren vorige week dat de Russische regering toestaat dat Russische ondernemingen meewerken aan de ontwikkeling van biologische wapens in Iran. Ook landen als de Verenigde Staten en Engeland hebben in het verleden proeven met dit soort wapens uitgevoerd. Engeland deed tussen 1964 en 1977 boven Londen en het zuiden van het land experimenten met biologische oorlogvoering, de Verenigde Staten concentreerden hun programma's op miltvuur (antrax), tuleramie en het dodelijke bacteriegif botuline. President Nixon beëindigde de onderzoeksprogramma's in 1969. Inmiddels is gebleken dat dit besluit niet definitief was. Want ondanks de inwerkingtreding van het Biologisch Wapenverdrag, in 1975, heeft de Amerikaanse regering het onderzoek naar biologische wapens weer opgestart. Het BW-verdrag verbiedt ontwikkeling, productie en opslag van biologische wapens die geen beschermende, defensieve of vreedzame doelen hebben. De bestaande voorraden moeten zelfs vernietigd worden. Bij een aantal landen is dat niet gebeurd. Een groot probleem bij dit verdrag is dat er geen of nauwelijks controle mogelijk is. Daarom werden in 1995 onderhandelingen gestart om afdoende controlemogelijkheden aan het verdrag toe te voegen. De zwakte van het verdrag kwam nog eens aan het licht toen bleek dat Irak voor en tijdens de Golfoorlog voorraden biologische wapens had aangelegd, hoewel dit land het verdrag wel had ondertekend. Na een aantal jaren van onderhandelen kwamen de ondertekenaars afgelopen juli met een protocol betreffende de handhaving. De Amerikaanse regering weigerde uiteindelijk dit protocol te ondertekenen. Een van de redenen van de weigering is inmiddels dus wel duidelijk geworden. Vorige week onthulde de New York Times dat de Verenigde Staten de afgelopen jaren in het geheim onderzoek hebben gedaan naar biologische wapens. Het onderzoek werd gestart tijdens het presidentschap van Clinton. Onlangs werd het weer stopgezet, hoewel president Bush van plan is het onderzoek uit te breiden. De verwachting is dat de Nationale Veiligheidsraad later deze maand uiteindelijk toch het groene licht zal geven voor een van de projecten. Dodelijk virus Het betreft het ontwerpen van een genetisch gewijzigde versie van het zeer dodelijke antrax-virus. De Russen zouden sinds 1995 over zo'n dodelijk virus beschikken. In december 1997 werd in het blad Vaccine beschreven dat Russische geleerden antrax-bacillen makkelijk zo konden veranderen dat zij door de gangbare vaccins opgewekte resistenties doorbraken. Dit gebeurde in het staatsonderzoekscentrum voor toegepaste microbiologie in de stad Obolensk. Opvallend is dat juist dit centrum een belangrijk centrum was voor Ruslands geheime onderzoeksprogramma naar biowapens, Biopreparat. Dit project werd officieel in 1992 gestopt. De Amerikanen probeerden volgens de New York Times de virusgegevens via wetenschappelijke uitwisselingsprogramma's binnen bereik te krijgen. Toen dit mislukte, besloten de Amerikanen zelf zo'n virus aan te maken. Aanvankelijk was het project in handen van de CIA, maar nu lijkt het project overgenomen te zijn door de inlichtingendienst van het Pentagon, het Defense Intelligence Agency. Het Amerikaanse ministerie van Defensie wil nagaan of het vaccin dat momenteel voor de Amerikaanse militairen ter beschikking staat nog effectief zou zijn. Een ander project betrof het door de CIA betaalde Clear Vision-project. Dat was met name gericht op de overbrengingsmiddelen, die de virussen verspreiden. In het project probeerde het Amerikaanse leger een kopie te maken van een kleine bacteriebom voor aanvallen met biologische wapens. Een dergelijke bom zou het Russische leger ook bezitten. Ten minste één land had volgens de CIA geprobeerd deze bom van Rusland te kopen. Volgens CIA-officials werd een model ontworpen waarmee experimenten werden uitgevoerd om de eigenschappen van de besmetting te bestuderen en te bestuderen hoe het in verschillende weersomstandigheden zou werken. Het derde project waarvan de New York Times gewag maakte was de bouw van een fabriek in de woestijn van Nevada, die geschikt werd gemaakt voor de productie van biologische wapens. Het doel was om te laten zien hoe gemakkelijk het voor terroristische groepen of schurkenstaten is zo'n fabriek te bouwen. Grijs gebied De vraag is of deze projecten in strijd zijn met de geest of met de letter van het Biologisch Wapenverdrag. Een tweede groot probleem van het verdrag is dat het niet definieert wat defensief is, of welke soorten onderzoek naar biologische wapens verboden moeten worden. De meningen van kenners van het internationale recht zijn hierover verdeeld. Het is wel duidelijk dat de Amerikanen hier in een grijs gebied opereren. Vooral het project Clear Vision lijkt in deze grijze zone te liggen. Het geheimhouden van de projecten kan door de tegenstanders beschouwd worden als poging om de ontwikkeling van biologische wapens te hervatten. Het beleid van de Amerikaanse regering kan voor andere landen als stimulans worden beschouwd om het protocol ook niet te ondertekenen. De Verenigde Staten, die in het verleden een van de gangmakers van het Biologisch Wapenverdrag waren, lopen immers nu voorop om ditzelfde verdrag in zijn uitvoering te ondermijnen, zo is de gedachte. Hoe het ook zij, biologische wapens zijn zeer gevaarlijk, omdat de burgerbevolking weerloos is tegen deze wapens. Terroristische groepen of 'verdachte' landen zijn in staat om bij de verspreiding van kleine hoeveelheden pokkenvirus de bevolking grote schade toe brengen (Foreign Affairs, januari/februari 2001). De Amerikaanse regering geeft zo'n 2 miljard dollar aan biologische defensieprogramma's uit. De Europese regeringen lopen daar ver bij achter. Daarom is het goed dat de Nederlandse regering op aandringen vanuit het parlement, met name de ChristenUnie, in de komende jaren het budget voor de biodefensie wil verhogen. |