Titel: Pracht en Praal op Prinsjesdag
Auteur: Thijs van Leeuwen
Uitgeverij: Europese Bibliotheek
Zaltbommel, 1998
ISBN 90 288 1116 8
Pagina's: 160
Prijs: ƒ 75,00

Recensie door P. Chr. van Olst - 9 september 1998

Pracht en praal tot
aan de Ridderzaal

Nederlanders vormen geen volk dat valt voor uniform of defilé. Het zal de koopmansgeest zijn, of het ontbreken van de omvangrijke militaire traditie, maar burgers van het Koninkrijk der Nederlanden hebben de neiging grootse ceremoniële marsen af te doen als „geparadeer in apepakjes”. Toch heeft één grote ceremonie een plaats in elk vaderlandsminnend hart: de pracht en praal van Prinsjesdag.

Langs de route die de prinsjesdagstoet –al sinds jaar en dag: „de trein”– op weg naar het Binnenhof aflegt, zullen ook volgende week dinsdag weer massa's medelanders staan om een glimp op te vangen van Hare Majesteit de Koningin, in haar gouden koets voortgetrokken door acht volbloedpaarden. Zoals dat iedere derde dinsdag in september het geval is.

Wie niet de gelegenheid heeft zich bij die schare te voegen, kan sinds afgelopen vrijdag bij de boekhandel terecht voor het schitterend geïllustreerde werk van Thijs van Leeuwen: “Pracht en Praal op Prinsjesdag”. Van Leeuwen gunt zijn lezer (en kijker) meer dan een glimp van de stoet.

Hij laat de paarden zien, de muziek, de stoet van a tot z, de grenadiers, de fuseliers en de Koninklijke Marechaussee. Hij neemt de lezer mee voor een kijkje achter de schermen: voor wie bijvoorbeeld nog niet wist dat de doodstil staande erewachten met een fikse portie druivesuiker staande worden gehouden of voor wie nog nooit gehoord had dat de paarden een training geluidshinder krijgen op het strand bij Scheveningen.

Wilhelmina
Bovendien laat Van Leeuwen de historische achtergronden van Prinsjesdag zien. Dat geeft een aardig inkijkje. Niet altijd was de prinsjesdagceremonie zo uitgebreid, zo tot in de puntjes geregeld als ze volgende week zijn zal. Pracht en praal werden door koningin Wilhelmina diverse malen bewust achterwege gelaten, gelet op de trieste omstandigheden van het bewuste jaar. Dat gebeurde in de jaren '20 (economisch dieptepunt) en in de jaren vlak na de oorlog, toen de verwoestingen van de oorlog nog zo zichtbaar waren.

Overigens beleefde Wilhelmina toen naar eigen zeggen haar mooiste Prinsjesdag. Per auto naar het Binnenhof, geëscorteerd door mannen van de Binnenlandse Strijdkrachten, de oranje band om de arm. Sober in verband met de armoede, maar met de gloed van de overwinning en het herboren vaderland. Eveneens naar eigen zeggen stond ze in die beleving alleen en gaven velen de voorkeur aan een wat uitbundiger Prinsjesdag.

In 1914 was de sobere tocht niet het gevolg van een koninklijke keus, maar vormde een gebrek aan goede paarden de oorzaak. De beste paarden uit de koninklijke stallen waren bij het voor de Eerste Wereldoorlog gemobiliseerde leger. De gouden koets bleef erom op stal.

Derde dinsdag
In de bestudering van de geschiedenis van Prinsjesdag blijkt onder meer de invloed van de christelijke traditie van ons land. Het tijdstip waarop de ceremonie plaatsheeft, verraadt die invloed al. De allereerste ceremonie (1814) van wat toen nog heette de “opening van de Staten-Generaal”, met de latere koning Willem I als soeverein vorst in de hoofdrol, was op een maandag, de eerste dag van de nieuwe werkweek. Voor christelijke afgevaardigden uit de ver van Den Haag gelegen provincies Friesland en Zeeland vormde dit echter een probleem. Wilden zij aanwezig zijn, dan moest al op zondag de lange reis worden aangevangen, wat natuurlijk op bezwaren stuitte. Om hen tegemoet te komen, werd de derde maandag in september bij de grondwetsherziening van 1887 vervangen door de derde dinsdag.

Ook de slotpassage van de door de vorst voor te lezen troonrede toonde lang de sporen van de christelijke natie. Vanaf het eerste jaar bevatte die een bede. Koning Willem I gebruikte graag formuleringen als „schenkt ons de Almagtige Zijnen zegen” of „de blijkbare gunst des Allerhoogsten”. Onder invloed van meer liberale kabinetten in de tweede helft van de negentiende eeuw werd meer ingehouden om „Gods zegen” gevraagd. Een neutrale toon werd gevonden door het kabinet-Drees in 1948, toen koningin Juliana afsloot met „de bede dat God ons allen de kracht en de wijsheid moge schenken...”. Onder het kabinet-Den Uyl verdween de bede helemaal, om bij premier Lubbers weer terug te keren en bij premier Kok weer te verdwijnen.

Wilhelmus
De troonrede –„een fascinerend tijdsdocument”– is eigenlijk waar het om draait op Prinsjesdag. De Koningin komt naar het Binnenhof om de plannen van het kabinet voor te dragen aan de gezamenlijke vergadering van de Eerste en de Tweede Kamer, bijeen in de Ridderzaal. Bij alle aandacht voor pracht en praal mag dat niet worden vergeten. Het is terecht dat auteur Van Leeuwen daarop wijst.

Pracht en praal houden overigens op bij de drempel van de Riddelzaal. Daar treedt de Koningin een sfeer van ingetogenheid binnen om het uitgelaten volk op het Binnenhof achter zich te laten. Wel horen de aanwezige parlementariërs en regeringsleden hoe buiten het Wilhelmus wordt gespeeld, maar meezingen doen zij niet.

Tweede-Kamervoorzitter Anne Vondeling vond dat maar niks, zo blijkt uit een brief van hem aan senaatsvoorzitter en tevens voorzitter van de verenigde vergadering Thurlings, die Van Leeuwen in zijn boek publiceert. Vondeling: „Tijdens het spelen zitten (!) wij er als dooie pieren bij. Meer dan eens heb ik vroeger de neiging gehad op te springen en mee te zingen. Maar als ook de voorzitter blijft zitten, terwijl op nog geen vijftig meter afstand het volkslied wordt gespeeld...”

Belangwekkend is dat Vondeling in zijn brief ook het voorstel deed om de beide kamers van de Staten-Generaal in de ceremonie meer nadrukkelijk gastheer te laten zijn. Zij ontvangen in hun vergadering de Koningin en de ministers. Vondeling pleit er daarom voor de ministers naast de Koningin de laten plaatsnemen, tegenover de kamerleden. „Het is nu net of de Koningin zich richt tot de leden van haar Regering in plaats van zich, namens die Regering, tot de Staten-Generaal te wenden”.