Boekrecensie

Titel: Handenarbeid met kleuters
Auteur: Thea van Mierlo

Uitgeverij: Cantecleer
De Bilt, 1998
ISBN 90 213 2745 7
Pagina's: 96
Prijs: ƒ 39,90

Recensie door Margreet de Heer - 27 februari 1999

Knutselen met kleuters

Buiten regent het. Binnen zit je met zes kinderen om je heen. Je dochter is jarig en daarom mogen haar vriendinnetjes komen. Wat doe je, nu buiten spelen er niet in zit? Wie een rijke fantasie heeft, bedenkt wel wat. Heb je daar moeite mee, dan kun je terecht bij ”Handenarbeid met kleuters”, een nieuw boek van Thea van Mierlo, die al eerder een knutselboek voor peuters schreef.

Jaargetijden vormen een van de thema's in het boek. Kiezen de kinderen voor de herfst, dan kunnen ze aan de slag met een spinnenweb met 'echte' spin, een eikenboom, een herfstbos of een herfstschilderij. De moeder van de jarige kan voor elk werkstuk het boek ”Handenarbeid met kleuters” raadplegen. In één oogopslag ziet ze welk materiaal ze nodig heeft en hoe ze het knutselwerkje moet laten maken. Voor kinderen die extra handig zijn, biedt het boek variatietips.

Modern
De werkjes zijn gegroepeerd rond vijftien thema's. Behalve de jaargetijden komen bijvoorbeeld ook moeder- en vaderdag, dieren en feestdagen als Kerst en Pasen aan de orde. Carnaval en Sint-Maarten krijgen eveneens een beurt. RD-lezers zitten wellicht niet te wachten op opmerkingen als „Carnaval is dikke pret!” en „Want feestvieren doen we graag!” De kreten hebben bovendien niets met knutselen te maken, maar alles met het „moderne levensgevoel.” Anderzijds kunnen kleuters best een lampion of indianenhoed maken, zonder aan dergelijke feesten mee te doen.

De werkjes rond Pasen gaan bijna allemaal over eieren, hazen en kuikens, terwijl bij Kerst de stal hoort. De kinderen komen, meent Thea van Mierlo, „helemaal in de sfeer” van deze christelijke feesten.

Motoriek
Voor de ontwikkeling van het kind is knutselen nuttig. Daarmee worden het ruimtelijk inzicht, de oog-handcoördinatie en de fijne motoriek gestimuleerd. Het boek van Thea van Mierlo leert kinderen ook op een veelzijdige manier knutselen. Diverse technieken zoals vouwen, knippen, verven en rijgen worden in een inleidend hoofdstuk duidelijk besproken en komen in de werkjes telkens terug. Daarbij houdt de schrijfster rekening met zowel jongere als oudere kleuters.

Dankzij de gevarieerde moeilijkheidsgraad zijn de werkjes voor alle kleuters geschikt. De handigen raken er niet snel op uitgekeken, de onhandigen hoeven ze niet moedeloos opzij te leggen. Ook zij kunnen leuke resultaten boeken.

Een ander sterk punt van het boek is, dat de honderd handwerkideeën met eenvoudig materiaal te maken zijn. Je kunt er gemakkelijk aankomen en het kost weinig.

Kortom, ”Handenarbeid met kleuters” is aan te bevelen vanwege de goede beschrijvingen van technieken en de gevarieerde knutselwerkjes, maar vraagt om een kritische kanttekening vanwege het moderne levensgevoel dat erin doorklinkt.