Boekrecensie

Titel: Magelhaes' reis om de wereld.
Verslag van een ooggetuige
Auteur: Antonia Pigafetta

Uitgeverij: Athenaeum-Polak & Van Gennep
Amsterdam, 2001
ISBN 90 253 4177 2
Pagina's: 168
Prijs: ƒ 35,-

Titel: De wonderen van de Oriënt. Il Milione
Auteur: Marco Polo

Uitgeverij: Athenaeum-Polak & Van Gennep
Amsterdam, 2001
ISBN 90 253 4176 4
Pagina's: 200
Prijs: ƒ 35,-

Recensie door dr. R. P. de Graaf - 13 juni 2001

Kaapvaarders laten gekleurde reisverslagen na

Twee historische ruimtereizigers

Anders dan de bebaarde Jan, Pier, Tjoris en Corneel, is van hun collega-kaapvaarders Antonio Pigafetta en Magelhaes bekend dat ze als eersten een reis rond de wereld maakten. Heel bijzonder is het reisverslag dat Pigafetta de wereld heeft nagelaten.

Theo Buckinx vertaalde dit werk, genaamd ”Magelhaes' reis om de wereld. Verslag van een ooggetuige”. Het is een bron met een zeer hoog episch gehalte: de Portugees Magelhaes mag in 1519 met vijf schepen langs de zuidelijke route de zeeweg naar Indië opsnorren. Na een lange en buitengewoon gevaarlijke reis keren in 1522 slechts achttien opvarenden terug, onder wie de heer Pigafetta.

Deze man werkte zeer nauwgezet, want, zo bleek bij terugkomst, ze arriveerden op een donderdag (10 juli 1522), terwijl het volgens Pigafetta, die al die jaren geen dag was vergeten te tellen, toch echt woensdag moest zijn! Magelhaes was er triest genoeg niet meer bij, omdat hij tijdens gevechten in Indonesië (”Mantan”) door een giftige pijl werd getroffen. Het verslag van de gevaarlijke reis sloeg in als een bom.

Misstap
Pigafetta was ook bijna omgekomen. Niet zoals de meeste anderen tijdens de lange dorre tocht over de Stille Oceaan, maar door een misstap: „Toen ik mijn voet op een ra zette gleed ik in zee, zonder dat iemand mij zag. Ik stond op het punt om te verdrinken, toen ik gelukkig met een hand het onderste gedeelte van het grootzeil kon grijpen, dat in het water hing.”

Wie denkt dat het Portugezen te doen was om uitbreiding van de Rooms-Katholieke Kerk –nota bene: in deze jaren werd Luther door de paus in de ban gedaan– en om het maken van winst, komt niet bedrogen uit. Opvallend is dat hun ijver om te bekeren niet werd overheerst door fanatisme en onredelijkheid. Een mooi voorbeeld is het geval van een koning die zich als eerste wil laten dopen. Als dit heeft plaatsgehad, komt de koningin met 800 volgelingen, „mannen, vrouwen en kinderen”, waarna Magelhaes ze op het hart drukt de oude afgodsbeelden te vernietigen.

Hierin zijn de inboorlingen echter traag. Zo spreken de Portugezen een zieke, die niet van plan is om de oude goden weg te doen. Pigafetta: „De gezagvoerder (Magelhaes) zei dat ze in Jezus Christus moesten geloven en dat de zieke onmiddellijk zou genezen als hij zich liet dopen. Als hij niet de waarheid sprak, zouden ze hem mogen onthoofden.” Gelukkig voor Magelhaes geneest de man na zijn doop met de nodige medicijnen in vijf dagen. „Dit was duidelijk een wonder in onze tijd”, aldus de schrijver.

Als de Portugezen zelf tijdens storm in nood zitten, roepen ze hun heiligen aan, en zie, „we baden tot God, streken alle zeilen en onmiddellijk verschenen ons drie heiligen die de duisternis verdreven”, Elmo, Nicolaas en Clara; de eerste urenlang „in de vorm van een toorts op de hoofdmast.”

Gevangen
In dezelfde serie als de beschrijving van Pigafetta is een even beroemd reisverhaal verschenen, namelijk ”De wonderen van de Oriënt. Il Milione” door Marco Polo, vertaald door Anton Haakman.

Wie was Marco Polo? Hij is in 1254 geboren in de stad of in de omgeving van Venetië. Naar eigen zeggen is hij met zijn vader en zijn oom tussen 1260 en 1295 enkele malen op reis geweest naar het Verre Oosten; in 1298 belandt Marco in het gevang omdat de stadsstaat Venetië de zeeslag bij Korcula tegen Genua verloor. Hier, in de gevangenis, ontmoet hij ene Rustico de Pisa, aan wie hij zijn reisverhalen dicteert. In Italië wordt het boek beroemd onder de naam ”Il Milione”, zeg maar: ”het boek van hem die uit Reggio Emilia komt”. Met het getal met zes nullen heeft de titel dus niets te maken.

In ten minste twee opzichten levert het reisverslag voor de moderne lezer problemen op. Ten eerste zijn er wel wat eigentijdse optekeningen over de auteur in archieven in Italië en in de Oriënt, maar onomstreden zijn ze niet. Ten tweede staan waarheid en verbeelding in het reisverslag door elkaar heen. Bepaalde waarnemingen van Marco Polo worden inderdaad door andere bronnen bevestigd. Anderzijds laat hij allerlei mythische figuren in veldslagen opdraven. De Oude Man op de Berg bedwelmt eerste jonge mannen en laat ze dan naar hartelust copuleren zodat ze denken dat ze in het moslimparadijs zijn. Vervolgens strijden ze in het leger van de Assassijnen.

Ook tovert Marco Polo allerlei enge beesten op het toneel. Soms overdrijft hij als een kind en ziet hij bijvoorbeeld mannen met gaten in de oorlellen waar armen doorheen kunnen worden gestoken. Maar dat maakt de lezing van zijn verslag wel zo amusant.

Uitdaging
Met name van harte aanbevolen voor wie een vakantie naar China, Japan of –en dan zijn we weer terug bij Pigafetta– Indonesië wil maken. „Onze nieuwe uitdaging ligt in de ruimte”, zei John F. Kennedy en dat geeft misschien wel aan waarmee we Marco Polo en Pigafetta het beste kunnen vergelijken: als historische ruimtereizigers, met dit verschil dat zij boeken nalieten die na vele eeuwen nog gelezen worden. En kom daar maar eens om bij een Neil Armstrong of een John Glenn.