Binnenland7 augustus 2001

Oud-GPV-senator Van der Jagt overleden

„Degelijk en uiterst correct”

Door G. A. Vroegindeweij
ARNHEM – Ing. Jan van der Jagt uit Arnhem is afgelopen zaterdag op de leeftijd van 77 jaar overleden. Hij was in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw een vooraanstaand GPV'er. Hij was onder meer partijvoorzitter en Eerste-Kamerlid. Van de fusie van zijn partij met de RPF tot de ChristenUnie is hij nooit voorstander geweest.

Ing. Jan van der Jagt
Van der Jagts professie was de architectuur. Na een opleiding aan de Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen in Rotterdam was hij van 1955 tot 1959 werkzaam als gemeentearchitect in Enschede. Van 1959 tot 1967 oefende hij dezelfde functie uit in Arnhem. Daarna stapte hij over naar het bedrijfsleven en was hij tot 1991 directeur van Architecten BV De Gruyter, Amsterdam en Van der Jagt.

Hij is altijd zeer betrokken geweest bij de vrijgemaakte zuil. Van 1954 tot ver in de jaren zestig was hij bestuurslid van de Stichting Gereformeerd Gezinsblad, die het Nederlands Dagblad uitgeeft. In 1966 werd hij politiek actief. Eerst tien jaar als penningmeester van het GPV en daarna acht jaar als voorzitter. Van 1973 tot 1977 was hij lid van de Provinciale Staten voor het GPV in Gelderland. Van 1970 tot 1982 was hij bestuurslid van de Groen van Prinstererstichting, het wetenschappelijk bureau van het GPV. In 1977 deed Van der Jagt zijn intrede in de Eerste Kamer. Daar bleef hij deel van uitmaken tot 1991 met een korte onderbreking in de periode 1981-1983.

Kuyper
Van der Jagt, die geboren is in 1924, maakte de oprichting van het GPV in 1948 van nabij mee. Hij was het fundamenteel oneens met de theorie van de gemene gratie van AR-voorman Abraham Kuyper. „Die zei dat de overheid zonder de Bijbel tot kennis kan komen van wat goed is voor het publieke leven en welke doelstellingen moeten gelden in het staatkundig bestel. Daar zijn wij het volstrekt mee oneens. De wet van God moet de richting bepalen”, aldus Van der Jagt in 1988 ter gelegenheid van het veertigjarig bestaan van het GPV in deze krant.

De architect, die immer met een vlinderstrik was gesierd, toonde zich in zijn politieke leven een GPV'er van het oude stempel. Toen hij als GPV-voorzitter fungeerde, voerde de partij pittige discussies over mogelijke lijstineenschuiving met RPF en SGP. Hij liep daarin niet voorop. Zijn doel was het GPV bij elkaar te houden. De binding van het GPV aan de gereformeerde belijdenisgeschriften was voor Van der Jagt onopgeefbaar. Het fusieproces met de RPF heeft hem mede daarom nimmer bekoord.

Over samenvoeging van GPV met RPF en SGP zei hij in 1988: „Je moet niet bij het verkeerde eind beginnen. Er moet eerst kerkelijke eenheid zijn. Daarom ben ik blij dat er weer gesprekken op gang komen tussen onze kerken (de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt, GAV) en de christelijke gereformeerden. Dit uitgangspunt laat niet onverlet dat je politiek moet samenwerken waar dat kan.”

Betrouwbaar
Zijn opvolger in de Eerste Kamer, dr. K. Veling, spreekt met veel waardering over zijn voorganger. „Hij had een speciale vleugel aan zijn huis gebouwd waarin hij documentatie bewaarde over zijn werk in de Eerste Kamer. In de eerste jaren heeft hij mij regelmatig geadviseerd.”

„Van der Jagt was zeer betrokken bij het GPV en was ermee verknocht. Daarom was hij inderdaad geen voorstander van het fusieproces met de RPF. Hij vreesde dat de principiële belijning van het GPV verloren zou gaan. Maar de partij was hem ook zo lief dat hij het proces niet actief heeft gedwarsboomd”, aldus de lijsttrekker van de ChristenUnie voor de komende Tweede-Kamerverkiezingen.

Iemand die Van der Jagt van heel nabij heeft meegemaakt is SGP-senator Holdijk: „In de tweede helft van de jaren tachtig zaten we samen in de Eerste Kamer. Als persoon liet hij zich niet zo gemakkelijk kennen, is mijn indruk, maar als politicus heb ik goed met hem samengewerkt. Hij was betrouwbaar, degelijk en uiterst correct in de omgang met mensen.”