Wees een nuchtere klimaatrentmeester

Presentatie van het klimaatakkoord. beeld ANP

Het laatste grote Kamerdebat voor het zomerreces ging over het klimaatakkoord. Een onderwerp dat dit jaar heel veel losmaakte. De SGP stemde tegen de klimaatwet, maar wil zich wel inzetten voor het behoud van Gods schepping.

Het klimaatdebat heeft twee uitersten waarbij ik me niet thuis voel. Aan de ene kant GroenLinks, die denkt dat de wereld vergaat als we in 2030 niet exact 49 procent CO2-reductie bereiken. Aan de andere kant Forum voor Democratie, die alles onzin vindt. De SGP gaat voor het nuchtere verhaal: de wereld is niet maakbaar, maar de mens heeft wel de Bijbelse opdracht om rentmeester te zijn.

Kansen en knelpunten

Inmiddels heb ik veel werkbezoeken, gesprekken en debatten achter de rug. Het klimaat staat hoog op de agenda. Ondernemers zien kansen, maar signaleren ook knelpunten. Burgers willen wel investeren in isolatie en zonnepanelen, maar zien dat subsidieregelingen in een mum van tijd zijn overtekend. En iemand met een uitkering maakt zich zorgen over de brief van de gemeente over aardgasvrije wijken: „Kan ik dat wel betalen?”

Onlangs was ik op een bijeenkomst van SGP-raadsleden en -bestuurders. Zij willen graag stappen zetten, maar gemeenten hebben dan wel budget en tijd nodig om dat op een goede manier te doen.

De stapel dictaten uit Den Haag is hoog, maar het gemeentelijke banksaldo laag. Dat werkt ontmoedigend. Het kabinet heeft daar te weinig oog voor. Daarom was de SGP niet voor de klimaatwet, ondanks mijn sympathie voor sommige onderdelen.

De wet legt ambitieuze streefdoelen voor CO2-reductie vast, terwijl volstrekt niet helder was wat er nodig zou zijn voor 49 procent CO2-reductie in 2030. Wat vraagt dat van gemeenten en fabrieken? Wie betaalt die rekening? Het kabinet handelde in de verkeerde volgorde en zadelde de samenleving op met een zwaard van Damocles. Dat is niet de manier.

Vliegbelasting

Het kabinet wil graag het ”groenste kabinet ooit” zijn. Bij de presentatie van het klimaatakkoord juichte minister Wiebes over het halen van 49 procent CO2-reductie. Tegelijkertijd zei hij: „Mensen, maakt u zich geen zorgen, wij zullen het wel voor u regelen.”

Als ik kijk naar de enorme opgave, vraag ik me af waar het optimisme van de minister op gebaseerd is. Zo zouden tot 2030 ruim vierhonderd huizen per dag van het gas afgehaald moeten worden. Nu geldt dat voor nog maar ongeveer zestig huizen per dag. Als het kabinet zijn ambitie wil waarmaken, moet er veel meer boter bij de vis.

Ook het Economisch Instituut voor de Bouw benadrukt dat. Tegelijk gaf het een interessant advies: focus de komende jaren op energiebesparing (naar energielabel B), dan krijg je meer waar voor je geld.

Ondertussen kijk ik met een schuin oog naar de minimale vliegbelasting van 7 euro per ticket. Waarom wordt die niet verdubbeld? De opbrengst kunnen we dan mooi gebruiken voor energiebesparing.

Maar niet alles is kommer en kwel. Ik ben blij dat er eindelijk een akkoord is. Het is, na lang praten over streefpercentages en ambities, immers hoog tijd om aan de slag te gaan. Wat mij betreft geven we onze euro’s liever uit aan een Hollandse installateur dan aan een oliesjeik in Saoedi-Arabië. En het is positief dat er een Warmtefonds komt om ervoor te zorgen dat huishoudens beter kunnen investeren in energiebesparing.

Eigen windmolen

Het kabinet wil naar 70 procent zon- en windenergie in 2030. Dat is kortzichtig en eenzijdig. Er is niet altijd zon of wind. We moeten daarom naar een goede energiemix. Op die manier kan het goedkoper, betrouwbaarder en ook nog eens schoner. Deskundigen van de TU-Delft en de Universiteit Utrecht onderstreepten dit bij het rondetafelgesprek over alternatieve energiebronnen dat de SGP organiseerde. Maar dan moet je je niet tot 2030 blindstaren op zon- en windenergie, maar juist investeren in aquathermie, blue energy, getijdenenergie en thorium.

We moeten voorkomen dat de gewone burger met lede ogen moet toezien hoe projectontwikkelaars en vermogende mensen er via subsidies met zijn belastinggeld vandoor gaan. Daarom heb ik voorgesteld om de rol van energiecoöperaties te versterken: geef hun ideeën ruim baan. En terwijl er in Drenthe wordt geprotesteerd tegen grote windmolenparken, zijn er ook dorpen die zelf een windmolen bezitten en dus zelf bepalen waar die komt, hoe hoog die wordt én waar het geld naartoe gaat. Zo kan het dus ook!

Kortom: er zijn veel kansen. Graag wil ik me ook het komende jaar weer inzetten voor een verstandig beleid. Beleid dat niet uitgaat van utopisch maakbaarheidsdenken, maar wel op een verstandige manier invulling geeft aan de Bijbelse opdracht om de aarde te bouwen én te bewaren. Met het hoofd koel en met de hand aan de ploeg!

De auteur is Tweede Kamerlid en klimaatwoordvoerder voor de SGP.