Voor belaagde Papoea is eigenwaarde zinvoller dan eigenbelang

„Uit woede en haat jegens de Indonesische landgenoten zetten de Papoea’s onder meer hun ”toko’s” (winkeltjes) in brand.” Foto: deel van het lagereschoolgebouw van Karunia. Daarnaast brandde een winkeltje af. De brand sloeg net niet over. beeld Karunia foundation

Hoe begrijpelijk de woede van de geplaagde Papoea’s ook is, beter is het om hun aandacht en regels te bieden, evenals een veilige atmosfeer waarin hun eigenwaarde kan groeien.

Papoea-studenten worden door Indonesiërs uitgemaakt voor apen. Gefrustreerd en gekleineerd gaan deze studenten de straat op en dwingen ze middelbare scholieren massaal tot actie. Uit woede en haat jegens de Indonesische landgenoten zetten de Papoea’s hun ”toko’s” (winkeltjes) en overheidsgebouwen in brand. Elektriciteitsdraden worden naar beneden gehaald. Westerlingen zijn geëvacueerd naar de kust. Het leger bewaakt iedere straathoek. De stad Wamena in West-Papoea is een spookstad geworden.

Is er in deze chaotische, angstige situatie een uitweg? De botsende belangen tussen de Indonesiërs en de Papoea’s smeulen al jaren. Het diepgewortelde verlangen onder de Papoea’s naar ”merdeka” (onafhankelijkheid) van de Indonesische overheersing lijkt uit te groeien tot een steeds harder treffen. En dat gaat ten koste van de gewone man die dit allemaal niet wil, er zich zelfs voor schaamt. Op die manier bouw je niet aan je eigen ontwikkeling en die van je gemeenschap, vinden veel Papoea’s.

Andere aanpak

Natuurlijk raakt het je als je moet toezien hoe je eigen grond door anderen wordt uitgebuit. Je voelt je hopeloos omdat je door gebrek aan goede scholing weinig kan toevoegen aan je eigen maatschappij. Er brandt machteloze woede wanneer je als ”tukan becak” (fietstaxibestuurder) schoolgeld probeert te verdienen en om een minimale verkeersfout wordt geslagen. Je haat groeit omdat anderen (mensen van buiten jouw gebied) jouw economie en politiek draaiend houden, waardoor je naar de rand van de samenleving wordt geduwd. Als je ook nog wordt uitgemaakt voor aap, hond of varken, dan moéten je opgekropte gevoelens van minderwaardigheid eruitbarsten.

Hoe logisch die boosheid ook is, toch vragen de huidige problemen om een andere aanpak dan die van wapens en opstanden. Beter is het de geplaagde en belaagde Papoea’s aandacht, begrip, karakteropbouw, duidelijkheid en regels te bieden. De omstandigheden creëren waardoor hun eigenwaarde kan groeien in een veilige atmosfeer, waarin men kan handelen zoals men is, ongeacht ras of huidskleur.

Laten we investeren in jongeren, de basis voor de toekomst, door hen te leren respectvol te zijn naar anderen en verantwoordelijkheid te nemen. Hetzelfde geldt ook voor studenten, degenen die zich momenteel het meest roeren. Juist zij kunnen, vanwege hun intelligentie, positieve invloed uitoefenen en anderen meenemen in een hernieuwde geweldloze beweging.

Opbouw

Is dit geen utopie? Zeker niet. Er zijn enkele initiatieven waarmee men zich, in de context van de toenemende roep om ”merdeka”, succesvol toelegt op de opbouw van jongeren van binnenuit. Gebaseerd op geloof in God en liefde voor de naaste. Een voorbeeld van zo’n initiatief is een hogeschool waarvan de Papoea-leiding de studenten maant Lukas 6:27 toe te passen: „Heb uw vijanden lief en doe wel degenen die u haten.”

Dit laat verrassende en moedgevende resultaten zien in herstel van relaties en onderlinge verbondenheid. Zelfs nu de situatie op zijn heetst is, blijven deze Papoea-studenten op de campus en verdedigen zij hun Indonesische niet-Papoea-docenten. Omdat ze gevormd zijn in naastenliefde en daardoor uitgroeiden tot jonge mensen die een positieve toon kunnen zetten in deze verharde maatschappij.

De auteur is directeur van Karunia foundation, een stichting die zich inzet voor onderwijsvoorzieningen in West-Papoea.