Moet je de hele Bijbel geloven?

Weerwoord
Het christelijk geloof is geen dominotheorie. beeld iStock

Niet-gelovige mensen menen vaak dat als je één onderdeel van de Bijbel kunt ondermijnen, de hele zaak als een pudding in elkaar zakt. Maar ook sommige gelovigen zijn bang dat mensen die één aspect van de Bijbel niet serieus nemen, op den duur heel de Bijbel kwijtraken. Je moet echt alles in de Bijbel geloven, denken deze mensen bewust of onbewust. Laten we zulke dominotheorieën eens beter bekijken. Is alles verloren als er een steentje omvalt?

JA

In deze gedachte zit een kern van waarheid. Orthodoxe gelovigen zien de Bijbel als Gods openbaring aan de mensheid. Omdat wij God serieus nemen, nemen wij ook Zijn geschreven Woord serieus. Dit betekent dat het ons niet vrijstaat om naar willekeur bepaalde elementen ervan wel of niet te geloven, wel of niet serieus te nemen, of wel of niet te gehoorzamen. Dat zou ons op een hellend vlak brengen en de beslissing bij ons leggen.

Wij mogen er bijvoorbeeld niet voor kiezen om wel in God de Vader te geloven maar niet in de Heilige Geest, of om wel de Bijbelse leefregels over seksualiteit te benadrukken maar de regels over omgang met geld te negeren. Dat zou veel lijken op willekeur. We zouden uiteindelijk allemaal onze individuele versie van het christelijk geloof overhouden. In dit opzicht komen Bijbel en geloof tot ons als een geheel, niet als een keuzepakket.

NEE

Toch klopt de dominotheorie niet. De fout ervan is de gedachte dat het christelijk geloof een rationele constructie is, een kloppend geheel. De Bijbel is ook niet een verzameling feiten die wij moeten aanvaarden of een verzameling leefregels die wij perfect moeten naleven. Het is geen handboek voor de geloofsleer of samenvatting ervan, zoals sommige geloofsbelijdenissen dat zijn.

Het geloof in God is een persoonlijke relatie met Hem, Vader, Zoon en Heilige Geest, en als resultaat daarvan ook met Zijn andere kinderen in de kerk. De Bijbel is Gods liefdesbrief aan de mensheid, waarin bepaalde elementen meer belang hebben dan andere. Bij een liefdesbrief gaat het niet om de datum van schrijven, de kleur van de inkt of de correcte grammatica – het gaat om de hartveroverende inhoud!

Als wij denken dat het voor waar houden van allerlei feiten ons redt, zitten we eigenlijk op de lijn van de gnostiek. Gnostici denken dat de juiste kennis de mens redt. Maar in het christelijk geloof gaat het om een persoonlijke relatie met God door de Heere Jezus Christus, en dat is iets anders. Daarbij heeft de een nu eenmaal meer kennisvermogen dan de ander.

Onze relatie met God staat niet op het spel als er een paar feiten wat anders blijken te liggen dan wij dachten. Ik houd van mijn vrouw en ik meen dat zij 1,60 meter lang is. Misschien is ze echter 1,61 – maar als ze ouder wordt, zou ze weleens kunnen krimpen tot 1,58. Ik denk niet dat ik daarom minder van haar ga houden; en belangrijker, haar liefde voor mij hangt er zeker niet van af.

Ik verwijs hier ook naar de bijdrage van drs. De Waard in deze rubriek op 12 oktober, waarin hij duidelijk maakte dat niet alles in de Bijbel letterlijk is bedoeld. Dit betekent dat het serieus nemen en geloven van de Bijbel niet hetzelfde is als hem altijd letterlijk nemen. De Heere is mijn Herder – maar ik eet geen gras en Hij is niet letterlijk een herder. Ik neem het beeld serieus door het niet letterlijk op te vatten.

Het is zelfs mogelijk dat niet alles wat in de Bijbel historisch lijkt, ook historisch is, terwijl het tóch gezag heeft en geloofd wil worden. Een voorbeeld: het boek Jona gaat er niet om dat deze ongehoorzame profeet in een vis zat, laat staan wat voor vis dit was. Het boek gaat over Gods liefde voor mensen buiten Israël en over Zijn wens dat alle mensen het Evangelie horen. Ook wanneer zou blijken dat Jona een verhaal is dat geen historische gebeurtenis beschrijft, zouden de betekenis en de boodschap van het boek niet veranderen. En iemand die moeite heeft met die vis, kan toch een oprecht kind van God zijn.

DUS

Als je je richt op de kern van het geloof, op de Heere zelf, zie je dat dominotheorieën en gedachten over een hellend vlak niet nodig zijn. Dit helpt ook om je weer te realiseren dat christenen niet in de Bijbel geloven, maar in de Heere God. Als Hij centraal staat in ons geloof, is het mogelijk om te accepteren dat sommige mensen moeite hebben met een of meer elementen van de Bijbel, zonder dat hen dat buiten de kudde van de goede Herder plaatst. We mogen (en moeten) natuurlijk best proberen om hen in hun moeite te helpen, maar zij zijn er niet minder om. Niet voor de Heere en niet voor ons.

Toevoeging ingezonden brief en excuses 6-11

Moet je de hele Bijbel geloven? Op deze vraag geeft dr. Pieter J. Lalleman in de rubriek ”Weerwoord” dit onthutsende antwoord: „Toch klopt de dominotheorie niet. De fout ervan is de gedachte dat het christelijk geloof een rationele constructie is, een kloppend geheel (...). Het is zelfs mogelijk dat niet alles wat in de Bijbel historisch lijkt, ook historisch is, terwijl het tóch gezag heeft en geloofd wil worden. Een voorbeeld: het boek Jona gaat er niet om dat deze ongehoorzame profeet in een vis zat, laat staan wat voor vis dit was. Het boek gaat over Gods liefde voor mensen buiten Israël.”
Hier gaat mijns inziens het een en ander mis. In het boek Jona gaat het ook om Gods liefde voor Jona. Hij redt hem letterlijk uit de buik van de vis, die anders zeker zijn graf zou zijn geworden.
Jezus voorzegt met gebruikmaking van dit feit Zijn dood en opstanding. Had Jezus het mis toen hij zei: „Zoals Jona drie dagen en drie nachten in de buik van de vis was, zo zal de Zoon van de mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart van de aarde”?
Voetius wijst in zijn geschrift ”Over de menselijke rede in de geloofszaken” (”De ratione humana in rebus fidei”) erop dat de apostelen niet wars waren van rationele argumenten. Het geloof heeft een stevig historisch fundament en is niet gebaseerd op een zweverige liefde.

Hans Reinders
Waarde

De bekritiseerde formuleringen in deze aflevering van ”Weerwoord” hadden inderdaad niet als zodanig gepubliceerd mogen worden. Onze excuses daarvoor.