Maak preek begrijpelijk voor jongeren

beeld RD, Henk Visscher

Jongeren vinden preken vaak moeilijk, stelt A. van der Horst. Waarom kan er niet eenvoudiger gepreekt worden?

Als docent op het Hoornbeeck College ben ik veel in gesprek met jongeren van 16 tot 24 jaar. Meestal jongeren uit de rechterflank van de gereformeerde gezindte. Zij kiezen vaak bewust voor het reformatorisch onderwijs.

Ik geef godsdienst aan studenten van verschillende niveaus. Overal kom ik hetzelfde probleem tegen. Vaak komt het gesprek op de preken die deze jongeren ’s zondags horen. En dan schrik ik. De jongeren geven aan dat ze de preken te moeilijk vinden. De preken gaan vanwege de gebruikte taal over hun hoofden heen. Ook, en zelfs het meest, als in de preek de Heidelbergse Catechismus behandeld wordt; die nota bene speciaal voor de jeugd bedoeld is!

Dit doet me veel verdriet. Soms raak ik er ook wat gefrustreerd van. Waarom sluit de preek niet aan bij de leefwereld van de jongeren? Is die leefwereld niet goed? Dat zal zo zijn. Dan is er echter juist een heldere verkonding nodig om hun dat duidelijk te maken. Zijn onze jongeren te lui om moeite te doen om de preken te begrijpen? Zou kunnen.

Ik denk echter dat het probleem niet zozeer bij de jongeren ligt. Het probleem zit volgens mij vooral in het gebruik van de oude termen die voor onze jongeren geen inhoud hebben. Wij ouderen hechten nogal eens aan een bepaalde terminologie die eigen is aan onze refozuil. Dit vocabulaire wordt door veel jongeren echter niet meer begrepen.

De Nederlandse taal is de laatste decennia zo sterk veranderd dat eigentijdse jongeren de oude termen niet goed meer kunnen plaatsen. Soms zijn ouderen zich daarvan gelukkig bewust. Op onze basisscholen worden de Bijbelse waarheden (inclusief ”toepassing”) in begrijpelijk Nederlands verteld. En als we evangeliseren gebruiken we een taal die de mensen op straat begrijpen. Uiteraard zonder concessies te doen aan de waarheid. Maar waarom in de kerk dan niet?

Ik sprak een gewaardeerd lid van een van onze kerken dat zei dat de jongeren dan maar eens een beetje moeite moeten doen om de preken te begrijpen. Dat zou kunnen, maar op de school waar ik werk hebben we te maken met doeners. Het zijn geen jongeren die redeneren en filosoferen. Zij willen klip-en-klaar concrete dingen horen.

Rhônedal

Een voorbeeld. Het klinkt nogal eens in onze kerken: „Jonge mensen, we zijn op weg en reis naar de nimmer eindigende eeuwigheid. En dan heb je een Borg nodig voor je ziel.” Het is een prachtige volzin, die de harten van onze jongeren echter niet treft. Het begint al met ”jonge mensen”. In de beleving van onze jongeren zijn dat dertigers. Daar ga je al: er is geen aansluiting.

Dan de term ”op weg en reis”. Dat is een uitdrukking die alleen gebezigd wordt als het over serieuze zaken gaat. Niemand haalt het in zijn hoofd om, als hij op vakantie gaat naar Zwitserland, te zeggen: „Ik ga op weg en reis naar het Rhônedal.” Sommigen vinden mogelijk zelfs spotten als je het zo zou zeggen.

Natuurlijk moeten onze jongeren wel weten wat een Borg is. Maar als ze niet weten wat dat is? Wie gaat het hun dan uitleggen? Vergis u niet in wat jongeren (en ouderen) weten. Ik moet aan zestienjarigen soms uitleggen wat het woord ”ijdel” in het derde gebod betekent.

Een alternatief voor bovenstaande zin: „Jongelui, we gaan God ontmoeten. Misschien vanmiddag al. En kan dat dan? Zijn je zonden vergeven?” Wees maar gewoon concreet en draai niet om de dingen heen. Jongeren zijn het gewend om op een directe manier te communiceren. Dat kan ook best in de kerk zonder in banaliteit of platvloersheid te vervallen.

Vertrouwde klanken

Het is echt niet nodig om in preken een soort taal voor ingewijden te gebruiken. Ik kan me niet voorstellen dat Paulus en Petrus zo preekten dat de helft van de mensen het niet kon begrijpen. Ook in leerboeken staan gedeelten die jongeren overslaan omdat ze het niet begrijpen. Wij docenten zijn er dan voor om uitleg te geven.

Dit artikel schrijf ik niet om onrust te stoken, maar uit verdriet. Verdriet omdat ik jongeren zie afhaken. Dat komt onder meer doordat wij ouderen al veel te lang vastzitten aan een terminologie die niet meer van deze tijd is. Sterker nog, het gebeurt zelfs –en dat vind ik nog veel verdrietiger– dat als een dominee zo preekt dat iedereen het kan begrijpen, hij als ”licht” bestempeld wordt. Men mist een bepaalde vertrouwde klank die kennelijk de godsdienst inhoudt. Het is triest als ons geloof niet meer is dan een trits bekende klanken zonder inhoud.

Laten we bidden voor onze jongeren. Bidden dat we gidsen voor hen mogen zijn. Bidden om wijsheid voor predikanten en ouderlingen die zo’n verantwoordelijke taak hebben. We hebben te maken met een God van wonderen. En Hij gebruikt in Zijn wijsheid mensen om anderen aan de hand te nemen en te leiden tot Christus.

De auteur is docent godsdienst aan het Hoornbeeck College in Kampen.