Kerstboom hoort niet bij christen in huis

De kerstboom doet Henk van den Brink denken aan de afgoderij met bomen in het Oude Testament. Christenen moeten zich daar verre van houden.

In de adventstijd worden de kerstbomen weer geïnstalleerd op de markt, in huizen en in diverse kerkgebouwen. Een Kerst zonder kerstboom is voor veel mensen geen echte Kerst. Ook gelovige christenen plaatsen een boom en beweren tegelijkertijd dat Kerst alleen maar over het Kindje Jezus gaat. In reformatorische gezinnen is een kerstboom (nog?) ongebruikelijk. De meeste christenen vinden een kerstboom in ieder geval maar wat gezellig. En, wat doet het er eigenlijk toe?

Lees mee in Jeremia 10:2-4: „U mag u de weg van de heidenvolken niet aanleren (...), want de gebruiken van die volken zijn onzinnig: het is immers een stuk hout, iemand heeft het uit het bos gekapt, vakwerk met de bijl. Met zilver en met goud maken ze het mooi.” In de originele Hebreeuwse tekst wordt voor ”hout” het woord ”eets” gebruikt, dat ”boom” betekent. Een versierde (kerst)boom dus.

Bomen waarmee afgoderij wordt bedreven, komen vaker voor in het Oude Testament. Zo zegt Deuteronomium 16:21: „U mag bij het altaar van de Heere, uw God, dat u voor uzelf zult maken, geen gewijde paal (Hebreeuws: ”asjera”) plaatsen van wat voor geboomte dan ook.” Zie ook de opdracht van de Heere aan Gideon in Richteren 6:25: „Breek het altaar van de Baäl af dat van uw vader is, en hak de gewijde paal om die erbij staat.” (Vergelijk ook Exodus 34:13.)

De vrouwelijke partner van Baäl en Molech (kinderoffers!) droeg de naam van Asjera (of Astarte). Asjera was de oudste moedergodin van Kanaän. De gewijde boom verbeeldde het aan de moedergodin toegeschreven kenmerk van vruchtbaarheid. In de Bijbel wordt veertig keer aan ”asjera” gerefereerd. Uit opgravingen van rituele materialen en teksten blijkt dat in diverse tijden de Israëlieten, naast Jahweh, Asjera als vrouwelijke god hebben vereerd.

Wat de Israëlieten met de gewijde palen moesten doen, is duidelijk. In Deuteronomium 7:5 staat: „Maar zo moet u met hen doen: hun altaren moet u afbreken, hun gewijde stenen in stukken slaan, hun gewijde palen omhakken en hun beelden met vuur verbranden.” Van een Messiasbelijdende Joodse Bijbelleraar hoorde ik dat de kerstboom een groot struikelblok is voor Joden om te geloven dat de God van de christenen dezelfde God is als Jaweh. Want christenen plaatsen met het grootste gemak een kerstboom (een asjera) in huis en kerk.

Maar ik kniel toch niet voor mijn kerstboom? Lees 2 Koningen 17:10 „Zij hadden gewijde stenen en gewijde palen voor zich opgericht, op elke hoge heuvel en onder elke bladerrijke boom.” Wat zien we in Nederland op elke hoek en in elk huis? De geschiedenis herhaalt zich. Een asjera of cultusgod moet ons licht geven in deze donkere dagen. En dat is helaas niet de enige afgod.

De auteur is zelfstandig ondernemer in de ict-sector.