Ik weet en ben verzekerd...

De Nijkerkse ds. S. J. de Hoest wilde met zijn boekje ”Hoe komt een mensch tot zekerheid van de vergeving zijner zonden?” Bijbelse leiding geven aan dwalende en tobbende zielen. beeld RD, Henk Visscher

Zijn mijn zonden mij vergeven? En leef ik uit de zekerheid daarvan? Voor velen, inclusief velen die zich christen noemen, zijn dit geen brandende vragen. Ze spelen in denken en doen geen wezenlijke rol. Ze beroeren het hart niet. Het gemis van een antwoord schokt niet. Of: de vanzelfsprekendheid van het positieve antwoord verrukt niet.

Dr. H. Bavinck wees er een eeuw geleden al op: „Het is alsof wij niet meer weten wat zonde en genade, wat schuld en vergeving is. In theorie kennen wij ze wel, maar wij kennen ze niet meer in de ontzaglijke realiteit van het leven.”

Juist deze week las ik in een van de kerkelijke bladen een dergelijke typering. Ze is van wijlen dr. A. van Brummelen. Hij had het oog op zijn eigen degelijke kerkgangers. „Ze hebben voor het goede gekozen en daarom zitten ze net iets te hoog. De wet gaat onder ze door. Het Evangelie schiet over hen heen de lucht in...”

Toch doe ik hiermee niet aan ieder recht. Er zijn er, ook in 2019, die ernst maken met de vraag naar de enige troost. Jongeren en ouderen. Niet weinigen van hen voelen zich echter geslingerd tussen hoop en vrees. Ze missen de vrede en de troost van de zekerheid van het geloof. Veelal omdat ze deze zekerheid zoeken op een verkeerde plaats.

Dit laatste was althans de mening van een dominee die er 150 jaar geleden een aansprekend boekje over schreef, de Nijkerkse ds. S. J. de Hoest, tijdgenoot en geestverwant van dr. H. F. Kohlbrugge: ”Hoe komt een mensch tot zekerheid van de vergeving zijner zonden?” Daarover schreef hij. Bewogen met zijn gemeente als hij was, wilde hij met zijn boekje Bijbelse leiding geven aan dwalende en tobbende zielen. Ik meen dat hij daarin slaagde. Wat mooi dat de kerkenraad van de hersteld hervormde gemeente van Nieuwe Tonge dit boekje eerder dit jaar opnieuw uitgaf.

Eerlijk en helder wijst ds. De Hoest de weg. Niet de weg van bijzondere ervaringen om met behulp daarvan zekerheid te verkrijgen. Het enige middel tot de vergeving der zonden is het geloof in Jezus Christus. Dat sluit ontdekking aan onze zonde door de prediking van de wet niet uit. Dat sluit aanvechting en strijd in het leven van het geloof evenmin uit. Maar boven alles is het nodig om te komen tot de gemeenschap met Christus, om je door Hem zalig te laten maken.

Dat zal alleen plaatsvinden door het geloof, door het aannemen van en het vertrouwen op Christus, Die in de belofte van het Evangelie aan allen en een ieder wordt aangeboden. Dat geloof geeft deel aan Christus en al het heil in Hem. Wie in Hem gelooft, is rechtvaardig voor God!

Het boekje brengt de lezer ten slotte aan het sterfbed van ds. Matthias Jorissen in Den Haag. Het is januari 1823. Tot diens laatste woorden horen de volgende: „De één maakt van zijn verstand een christus voor zichzelf. Een ander maakt een christus door zijn gevoel. Een derde vindt zijn christus in zijn vrome bevindingen. Maar helaas, ze gaan alle drie met hun christus verloren. Wij kunnen niet zalig worden, tenzij wij Christus leren kennen zoals de Bijbel Hem ons bekendmaakt. We moeten Hem aannemen en met heel ons hart in Hem geloven. Nooit kunnen we Hem te eenvoudig omhelzen. Het geloof alleen is het.”

Reageren? welbeschouwd@refdag.nl