Homofiel gerichte medemens heeft mededogen nodig

Als het morele anker van het geloof in God én het sociale anker in de familie worden gelicht, raakt de mens vatbaar voor de misleiding van absolute vrijheid en seksuele bevrediging. beeld iStock

Het ontbreken van een algemeen gedeelde visie op het ontstaan van homoseksuele gerichtheid laat zien hoe ingewikkeld de discussie is over ”homogenezingen”. Laten we vooral met mededogen kijken naar onze homofiel gerichte medemens.

Wie worstelt met een homofiele gerichtheid heeft het in onze tijd bijster moeilijk. Wat een verwarring in samenleving en kerk. Zo’n vierhonderd predikanten maakten, op initiatief van de kerkelijke vernieuwingsbeweging Op Goed Gerucht, kenbaar: „Wij staan voor een inclusieve kerk die geen onderscheid maakt tussen verschillende relatievormen.”

Deze liberale theologen zijn fundamentalistischer en dogmatischer dan orthodoxe belijders van het christelijk geloof die deze relaties afwijzen. Wat een ophef ontstaat er als laatstgenoemden zich óók uiten.

Gerichtheid

Is homofiele gerichtheid een vrije keuze? Er zijn minstens twee factoren die meespelen: genetische factoren (omkeerbare erfelijke veranderingen, in het DNA) én pedagogisch-opvoedkundige factoren. Anders gezegd: biologische én culturele factoren.

Nog steeds ontbreekt een algemeen gedeelde visie op het ontstaan van de homoseksuele gerichtheid. Het maakt namelijk verschil of je principieel voor- of tegenstander van de homoseksuele praktijk bent. Stel: er komt steeds meer bewijs voor een biologische oorzaak. Stel: ik ben tegenstander van een homoseksuele levenspraktijk. Tja, als je ermee bent geboren, kan ik dan bezwaar maken? Maar als deze levenspraktijk is ”aangeleerd” door omgeving of opvoeding, dan is die meer een persoonlijke keuze. In dát geval staat de weg naar genezing in principe open.

Niet alleen bij tegenstanders van een homoseksuele leefwijze is er een zekere huiver voor onderzoek naar biologische aspecten. Die is er ook bij voorstanders. Stel dat voor een biologische oorzaak hard bewijs komt, dan zou dat de homofiele gerichtheid stigmatiseren als een afwijking of ziekte. Ziekten moet je behandelen; homofilie is dan geen persoonlijke keus.

De praktijk is dat vooral homoseksuele mannen het gevoel hebben homofiel te zijn geboren. Dat wijst op een vroege gerichtheid en misschien zelfs op een aangeboren eigenschap. Echter, het ontbreken van een algemeen gedeelde visie op het ontstaan van homoseksuele gerichtheid laat zien hoe ingewikkeld de discussie is over ”homogenezingen”. Als homoseksualiteit uitsluitend is aangeboren én als homoseksualiteit een normale variant van menselijk seksueel gedrag is, dan is professionele hulpverlening niet op zijn plaats. Overigens: aangeboren en normaal gaan niet noodzakelijkerwijs samen. Het simpele bestaan van de gerichtheid en daaruit volgende seksuele praktijk alleen geeft geen ethische rechtvaardiging van een homoseksuele leefwijze.

Bijbelse nodiging

De wortels van de discussie over genderdiversiteit liggen in de wereldwijde seksuele revolutie. Die moet een zogenaamd paradijs van de ”regelvrije samenleving” brengen, waarin je je instincten kunt botvieren. Maar die maakt de mens tot slaaf van zijn lusten. Plezier wordt gepromoot als de zin van het leven, met seks op de eerste plaats. Als het morele anker van het geloof in God én het sociale anker in de familie worden gelicht, raakt de mens vatbaar voor de misleiding van absolute vrijheid en seksuele bevrediging.

Vanuit de Bijbel bezien, moeten we huiveren bij het in de praktijk doorvoeren van de genderideologie. Wat kan de kerk daartegenover stellen? Dat zit ’m niet in stoer doen om duidelijk te zijn en formuleringen te maken die fungeren als sjibbolets. Wél in de nodiging tot het Koninkrijk van God. Dát is de kern van de boodschap van Jezus: liefhebben in waarheid, overeenkomstig de geopenbaarde wil van God. Meer ethiek en pastoraat dan dogmatiek.

Bij die boodschap maakt het niet uit of die homofiele gerichtheid is ”aangeleerd”, uitgelokt of biologisch bepaald. Het heeft wel gevolgen voor de manier waarop je iemand benadert die ”uit de kast” komt. Krijgt hij allereerst te horen dat genezing mogelijk is, terwijl hij juist zijn uiterste best heeft gedaan om tegen die gevoelens te worstelen, dan ligt dat extra gevoelig. Zo’n persoon ziet niet reikhalzend uit naar een nieuwe verklaring, ook niet eentje specifiek voor jongeren. Hij of zij voelt zich alleen maar verschrikkelijk eenzaam. Laten we vooral met mededogen kijken naar onze homofiel gerichte medemens. Wie heterofiel is gericht, is moreel niet net iets zuiverder dan wie homofiel is gericht.

Geen variant

De homofiele oriëntatie mogen we niet zien als een variant in een goede schepping. Zowel vanuit de Bijbel als met ons (gezond) verstand beschouwen we seksualiteit als een gave die is verbonden aan het huwelijk waarin man en vrouw elkaar aanvullen. Dat geldt ook voor het voortbrengen en opvoeden van kinderen: er is een doorgaande lijn van geslacht tot geslacht door het huwelijk tussen vrouw en man. Een huwelijk van twee mensen van één geslacht komt in de Bijbel niet voor.

We moeten in kerk en samenleving zoeken naar een taal die wederzijds verstaanbaar is. De seculiere en zeker de genderideologie schaft de vrijheid af uit naam van de vrijheid. Dat verwordt tot dictatuur. Niemand kan eigentijds zijn als hij zijn culturele geschiedenis vergeet en de culturele traditie verwaarloost. Eigentijds is origineel: uit die schatten authentiek nieuw en oud te voorschijn halen en daarmee vandaag aan de slag gaan. ’t Is voor ons een eer eigentijds te zijn met oog voor traditie en traditioneel met oog voor de eigen tijd. Het alternatief is dat de onvruchtbare ideologie van de ”vergendering” van de mens uiteindelijk mens en mensheid vernietigt.

De auteur doceerde ethiek, is auteur van het boek “Als je je anders voelt” en lid van de adviesraad van de werkgroep Ouders en Familie Rondom Anders gerichte mensen.