Feiten rond inenten niet vatbaar voor nuance

Vaccinatie
beeld iStock

Het aantal meldingen van mazelen en ziekenhuisopnames ten gevolge van deze kinderziekte is pas echt teruggedrongen na de start van de vaccinatie. Het toont aan dat vaccinatie tegen mazelen doeltreffend is.

Laten we genuanceerd nadenken over inenten, bepleit Aart Nederveen in zijn column (RD 21-3). Volgens hem zouden er ook politici moeten zijn die het standpunt van Nederlanders die tegen inenten zijn, vertegenwoordigen.

Nu is genuanceerd denken niet verkeerd. Zeker niet als het gaat over de volksgezondheid. De vraag is waarover we genuanceerd willen nadenken. Welke feiten gebruiken we als onze uitgangspunten? Feiten lenen zich niet voor genuanceerd denken. Wel hoe we met die feiten omgaan. Bijvoorbeeld: als het regent, dan kun je daar genuanceerd over willen denken, maar het feit blijft dat het regent. Wat je vervolgens met dat feit doet, kan variëren van je nat laten regenen of de paraplu pakken.

Zo ook in de discussie rond inenten of vaccinatie. Het is belangrijk om daarin de feiten vast te stellen. We kunnen meten hoeveel mensen er bijvoorbeeld mazelen krijgen. Besmette mensen zullen zich melden bij de huisarts, worden opgenomen in het ziekenhuis of overlijden in het ergste geval. Ook weten we wanneer de vaccinatie tegen mazelen is begonnen en wat de vaccinatiegraad van Nederland is. Op basis daarvan kun je vaststellen of vaccinatie zinvol is of niet.

ANP-71493775Discussie mazelen: Wetenschap niet zwart-wit

Antibiotica

Nederveen stelt de vraag of vaccineren wel zinvol is. Het feit dat hij daarvoor aandraagt, is dat het aantal sterfgevallen ten gevolge van de mazelen al aan het afnemen was voordat de vaccinatie daartegen begon. Dat is zeker het geval, hoewel dit niet in de eerste plaats te danken is aan betere hygiëne. Verbeterde medische zorg voor (ernstig) zieke kinderen en de komst van antibiotica voor de behandeling van bijkomende bacteriële infecties (longontsteking is doodsoorzaak nummer 1 bij deze patiënten) hebben substantieel bijgedragen aan de afname van het aantal sterfgevallen ten gevolge van mazelen, voordat men met vaccinatie begon.

Wie het effect van vaccinatie alleen aan het aantal sterfgevallen koppelt, verwart echter de sterfte met de ziekte. Het aantal meldingen van mazelen alsook het aantal ziekenhuisopnames (en al het leed dat daarbij hoort) door deze kinderziekte is pas echt teruggedrongen na de start van de vaccinatie. In 1976 waren er in Nederland nog 2500 meldingen van mazelen, met 300 ziekenhuisopnames. Na de invoering van de vaccinatie is dat teruggebracht tot zestien meldingen en zeven ziekenhuisopnames in 2017. In de Verenigde Staten waren er voor de start van de vaccinatie, in 1963, ongeveer een half miljoen gevallen van mazelen, met 48.000 ziekenhuisopnames. Na de vaccinatie liep dit direct terug tot gemiddeld 10.000 meldingen (periode 1968-2004). In 2018 waren er nog 372 meldingen en ongeveer 100 ziekenhuisopnames.

ANP-23918179_webColumn: Genuanceerd denken over inenten

Leed

Deze feiten tonen aan dat vaccinatie tegen mazelen doeltreffend is. De grafiek maakt dit (voor de situatie in de VS) in een oogopslag duidelijk. Ook voor andere vaccinatieprogramma’s (difterie, kinkhoest, tetanus, polio en de bof) is het overduidelijk dat vaccinatie effectief is. Daar kunnen we niet genuanceerd over denken. Of we ons en onze kinderen laten inenten, is een andere discussie. Maar laten we in die discussie niet het feit verbloemen dat vaccinaties effectief zijn en veel leed voorkomen.

Voor het effectief terugdringen of uitroeien van een infectieuze ziekte zoals de mazelen moet 92 tot 94 procent van de bevolking gevaccineerd zijn. Als volksgezondheid een taak is van de overheid, dan is het vanzelfsprekend dat de overheid zich zorgen maakt over een dalende vaccinatiegraad. Gezien de feiten met betrekking tot vaccinatie is het niet zo vreemd dat er geen politici zijn die tegen inenten zijn. Ik hoop ook dat die er niet zullen komen. Dat zou betekenen dat ze de feiten negeren. Hun taak is mijns inziens de burgers van de juiste informatie te voorzien, zodat zij op basis daarvan een overwogen of, zo je wilt, genuanceerde beslissing kunnen nemen.

De auteur is moleculair bioloog.