Verkiezingsstrijd in VS gaat over christelijke waarden

Verkiezingen VS 2020
beeld AFP, Johannes Eisele

Hoewel de partijconventies van Democraten en Republikeinen nog moeten worden gehouden, is de verkiezingsstrijd in de VS losgebarsten. Beide kandidaten nemen elkaar de maat en -erger- doen heftige pogingen om elkaar in diskrediet te brengen.

Volgens de peilingen heeft Biden een behoorlijke voorsprong op Trump. Toch zeggen die nog niet alles. De les van vier jaar geleden is dat opinieuitslagen geen verkiezingsuitslagen zijn. Hillary Clinton stond wekenlang op kop. Trump won.

Een factor daarbij is dat lang niet alle mensen bij een onderzoek willen zeggen wie ze stemmen. Ze houden dat liever voor zichzelf. Er zijn aanwijzingen dat dit vooral voorkomt onder de Trumpstemmers.

Een andere zeer belangrijke factor is het verloop van de coronacrisis, de economische omstandigheden en de racismediscussie in de komende drie maanden. Zwevende kiezers kunnen daardoor tot op het laatste moment blijven aarzelen omtrent hun keuze. Voorspellingen hebben daarom een korte houdbaarheid.

Meer dan ooit is Amerika een verdeelde natie. Democraten en Republikeinen kunnen totaal niet meer met elkaar door één deur. Gevolg is dat er nauwelijks besluiten kunnen worden genomen. Het Huis van Afgevaardigden, waar de Democraten een meerderheid hebben, werkt de president structureel tegen. Vrijwel al zijn voorstellen blokkeren zij. Het lijkt erop dat men drukker is met het elkaar bevechten dan met het landsbelang.

Vaak wordt de beschuldigende vinger uitsluitend uitgestoken naar de president. Alsof hij alleen de polarisatie aanblaast. Maar dat is onterecht, ook de Democraten hebben boter op het hoofd.

Onmiskenbaar geeft het optreden van Trump zelf ook aanleiding tot irritatie. Zijn aanpak is onorthodox en gaat geregeld tot op het randje van de wettelijke grenzen. Groter is nog het probleem dat hij een enorm ego heeft. Dat speelt hem voortdurend parten. De uitspraken die hij omtrent de coronapandemie heeft gedaan, zijn daarvan een illustratie.

Een laag dieper zit echter dat de Democraten zeer gefrustreerd zijn over de conservatieve agenda die de president afwerkt: tegen abortus, tegen de verdergaande homo- en transgenderemancipatie. De benoeming van inmiddels meer dan tweehonderd conservatieve rechters is voor de (veelal progressieve) Democraten een steen des aanstoots.

Bij de komende verkiezingen gaat het om Biden of Trump. Veel Amerikanen zouden van de huidige president af willen. Conservatieve christenen niet, want zij hebben de gegronde vrees dat Biden met volle kracht een progressieve koers zal inzetten: verdere liberalisering van de abortuswetgeving, uitbreiding van de emancipatie van homo’s en transgenders, aantasting van de joods-christelijke waarden. Daarom is het heel begrijpelijk dat ze de gebreken van Trump slikken en hem toch hun steun en stem geven.