Spookverhalen rond coronavirus voeden angstgevoelens

Corona
Steeds meer besmettingen coronavirus. beeld EPA

„Ook u krijgt waarschijnlijk het coronavirus.” Onder die titel publiceerde het Amerikaanse opinietijdschrift The Atlantic maandag een interview met een epidemioloog over de uitbraak van Covid-19, zoals het virus officieel heet. De deskundige verwacht dat 40 tot 70 procent van de wereldbevolking besmet raakt met het coronavirus.

Zijn veronderstelling wordt echter tegengesproken door de directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie, die maandag de media informeerde over de laatste stand van zaken. In China betreft het inmiddels meer dan 77.000 besmettingen die hebben geleid tot ruim 2600 doden. Het virus heeft zich verspreid naar meer dan dertig landen, met grotere uitbraken in Zuid-Korea, Iran en Italië.

Directeur Tedros zei dat de wereld zich moet richten op het tegengaan van de verspreiding van het virus, maar tegelijkertijd „alles moet doen om zich voor te bereiden op een mogelijke pandemie.” Tegelijkertijd benadrukt hij dat er nog geen sprake is van een pandemie, een wereldwijde epidemie, en hij wil dat woord vermijden. De situatie is zeer zorgelijk, zegt Tedros, maar het gebruik van zulke grote woorden veroorzaakt onnodige angst.

Het is maar de vraag of de woorden van Tedros de uitwerking krijgen die hij beoogt. Uiteraard wil de WHO mensen geruststellen en paniek voorkomen. Maar intussen doen allerlei geruchten gretig de ronde, die de onrust alleen maar aanwakkeren. Media doen hun duit in het zakje en vooral sociale media verspreiden spookverhalen. Sommige zijn zo extreem dat iedereen aanvoelt uit welke hoek de wind komt, zoals het gerucht dat Joden dit virus hebben gemaakt en verspreid. Andere berichten zijn schadelijk omdat ze valse verwachtingen wekken, bijvoorbeeld dat knoflook beschermt tegen het virus. Twee weken geleden circuleerde via WhatsApp het gerucht dat personeel van een Gronings ziekenhuis besmet was. De WHO spreekt over een infodemie, een ‘informatieziekte’ die de angstgevoelens onder de bevolking voeden.

Feit blijft dat het om een ernstige ziekte gaat – maar óók dat het grootste deel van de geïnfecteerden weinig problemen ondervindt of zelfs helemaal geen symptomen heeft. De sterfgevallen –hoe ernstig ook– betreffen vrijwel allemaal oudere mensen die al heel ziek waren.

Feit is ook dat zo’n ziekte als deze ondubbelzinnig laat zien hoe broos en kwetsbaar de menselijke samenleving is. In Nederland mogen crèches voortaan kinderen weigeren die niet gevaccineerd zijn. Het coronavirus laat echter zien hoe de menselijke wonderboom, de idee van een maakbare gezondheid, in een enkele dag kan verdorren. De enige werkelijke troost die een mens hebben kan, is die van een christen: zowel het broze en wisselvallige leven als het sterven, liggen niet in handen van mensen, niet van het noodlot, niet van de WHO of de media, maar zonder de wil van zijn hemelse Vader kan er geen haar van zijn hoofd vallen.