Kerk begeeft zich met verlenen van kerkasiel op dun ijs

Kerkasiel Bethel. beeld ANP

In de Bethelkerk in Den Haag werd de beslissing van de regering over het kinderpardon gevierd als een grote overwinning. Na een marathonkerkdienst van zo’n drie maanden kon het Armeense gezin Tamrazyan eindelijk de kerk in Den Haag verlaten zonder de angst te hebben om te worden opgepakt en uitgezet. Het is aannemelijk dat zehet Armeense gezin toch in Nederland mag blijven nu VVD, CDA, D66 en CU een akkoord hebben bereikt over een nieuw kinderpardon.

In de media wordt het kerkasiel, dat zeer krachtig ondersteund werd door de leiding van de Protestantse Kerk in Nederland en op steun kon rekenen van leden uit de breedte van die kerk, inmiddels geroemd als een van de drijvende krachten achter het veranderde denken in de coalitie over het kinderpardon. Vooral de draai van het CDA zou mede tot stand zijn gekomen onder druk van de christelijke leden van die partij. De kerk blijkt ook in een zeer geseculariseerde maatschappij een factor van belang, zo wordt gezegd. Ook in de 21e eeuw verricht God wonderen op het gebed, zeggen anderen.

Maar er is ook kritiek. Mag de kerk zich wel op deze manier bemoeien met de politiek? Is een kerkdienst een geëigend middel om politieke veranderingen af te dwingen? En is, inhoudelijk bezien, de veranderde houding van de regering eigenlijk geen pyrrusoverwinning? Want nu mogen er misschien enkele honderden mensen blijven die uitgezet hadden moeten worden, maar aan de andere kant wordt ook beknibbeld op het aantal vluchtelingen dat in Nederland wordt toegelaten. En misschien zitten juist bij die laatste groep wel mensen van wie het leven echt gevaar loopt als ze in hun thuisland moeten blijven.

Het zijn vragen waarop het antwoord niet gemakkelijk te geven is. Want een kerkdienst is inderdaad een eredienst waarin God en mensen elkaar ontmoeten. Zo bezien mag die eredienst geen protestbijeenkomst worden tegen een overheid die christenen erkennen als Gods dienares. Nederland is een rechtsstaat en de kerk moet principiële redenen hebben om die rechtsstaat uit te dagen door het verlenen van kerkasiel.

En wat was er trouwens gebeurd als de regering niet overstag was gegaan? Was de kerk dan door het moeten afbreken van het kerkasiel niet als een onmachtig instituut te kijk gezet? Om over de emotionele schade voor de betrokken familie nog maar niet te praten.

Niet minder waar is het dat de kerk is geroepen tot barmhartigheid. Het is een van de belangrijke kerntaken van de christelijke gemeente om zich te ontfermen over hen die geen helper hebben.

Waar is het ook dat God nog steeds wonderen doet op het gebed. Dat zelfs niet-christenen met verbazing kijken naar het kerkasiel is bijzonder.

Toch begeeft de kerk zich met het verlenen van kerkasiel aan mensen die niet in levensgevaar zijn op glad en zeer dun ijs. Het is dan ook noodzakelijk dat daarover binnen de kerken grondiger wordt nagedacht.