Gelukkig tonen politici vaak wél een rechte rug

Vergadering van Tweede Kamer, beeld ANP, Bart Maat.

Je hoort het nogal eens aan de borreltafel. „Politici? Allemaal draaikonten. Vandaag vinden ze dit, morgen dat. Ze hebben geen ruggengraat.”

Helaas hebben deze critici de voorbeelden voor het opscheppen. Neem onze gewaardeerde minister-president. Rutte voelde vorig jaar nog „tot in zijn vezels” dat de dividenbelasting afgeschaft moest worden. Na nieuwe ontwikkelingen en veel politieke en maatschappelijke druk haalde hij bakzeil.

Toch mag zo’n voorbeeld –dat met vele vermeerderd kan worden– ons nooit het zicht op de totale werkelijkheid ontnemen. Daarin zijn namelijk eveneens talloze voorbeelden te vinden van politici die hun rug wél recht hielden en houden.

Een paar illustraties vanuit het actuele nieuws? Dinsdagavond werd bekend dat oud-minister Ella Vogelaar op trieste wijze is overleden. De PvdA-politica was een vrouw van principes. Weliswaar principes die door lezers van het RD niet geheel gedeeld worden, maar wel principes waaraan zij vasthield.

Eerder die dag nam de Tweede Kamer afscheid van PvdD-leider Marianne Thieme. Als iemand een toonbeeld was van principieel denken, dan zij. Haagse compromissen waren aan haar niet besteed.

En dat rechte ruggen niet alleen bij kleine oppositiepartijtjes gevonden worden, maar ook bij meeregerende coalitiepartijen, liet D66-Kamerlid Tjeerd de Groot vorige week zien. Enige moed was er immers wel voor nodig om op het Malieveld, ten overstaan van duizenden boze boeren, stug je eigen punt vast te houden: de agrarische sector moet gehalveerd worden.

Maar misschien wel het fraaiste recente voorbeeld is dat van CU-leider Gert-Jan Segers, die zondagavond in Delft in debat ging met de bekende moslim Yasin Elforkani. Wat de ontmoeting tussen die twee zo interessant maakte, is dat Elforkani zo dicht als hij kon tegen het christelijk geloof aanschurkte. „Als ik een kerk inloop, weet ik: dit is een huis van God. Hier kan ik God vinden”, zei hij volgens een verslag in het Nederlands Dagblad.

Segers daarentegen bleef afstand houden. Hoe Elforkani er bij de CU-voorman ook op aandrong dat ook hij iets positiefs over de islam zou zeggen, al was het maar één dingetje, Segers weerstond de verleiding en deed dat niet. „Ik heb van de islam ook de donkere kant gezien. En ik hoef de islam niet mooi te vinden, om met moslims in vrede te kunnen samenleven.”

De les van dit alles? Laten we bij alle kritiek die er op de geestelijke lenigheid van politici mogelijk is –zoals ook op die van zakenlieden, juristen of geestelijk leiders– hoeden voor generalisaties. Want er zijn in de politiek óók voorbeelden van prijzenswaardige standvastigheid. Voor wie er oog voor heeft: veel zelfs.

Laten we ook die voorbeelden registreren en opmerken. Al was het maar om jonge christenen die interesse hebben in politiek en bestuur te tonen dat politicus zijn én vasthouden aan je principes weliswaar moeilijk, maar daarom nog niet onmogelijk is.