Gandhi en Mandela bewierookt, Aung San Suu Kyi dreigt te worden afgebrand

HERAT. Moslims in tal van landen protesteerden deze week tegen het onrecht dat islamitische Rohingya's in Myanmar (Birma) wordt aangedaan door het Myanmarese bewind. De Myanmarese Nobelprijswinnares Aung San Suu Kyi moet het daarbij vooral ontgelden, zoals hier in de Afghaanse stad Herat. beeld EPA, Jalil Rezayee

Voor wie het nog niet wist: komende zaterdag start in de Nieuwe Kerk in Amsterdam de tentoonstelling ”We Have a Dream. Gandhi, King en Mandela”. Dekolonisatie, kiesrecht en opheffing van rassenscheiding, zo luidt de tekst in de aankondiging, waren onmogelijk geweest zonder de inzet van deze „moedige mensen.” Ze zetten „lijf en leden op het spel om hun wereld een stukje beter te maken.” Die moedige mensen waren Mahatma Gandhi (India), de Amerikaanse dominee Martin Luther King en Nelson Mandela uit Zuid-Afrika. „Zij maakten het verschil en inspireren ons nog altijd.”

Het zal vast een verrijkende expositie zijn, maar wrang blijft het dat in een kérk deze drie tot messiaanse hoogte worden verheven. Drie ménsen worden op een voetstuk gezet in een ruimte waar de lof van God hoort te klinken. En waar de Naam van de enige echte redder van de wereld, Jezus Christus, ook eeuwenlang hééft geklonken. Als de term ”misplaatst” ergens letterlijk van toepassing is, dan is dat rond deze tentoonstelling op die plek.

Terwijl Gandhi, Luther King en Mandela in Amsterdam worden bewierookt, dreigt een nog levende icoon van morele superioriteit te worden afgebrand: Aung San Suu Kyi, de Myanmarese (Birmese) oppositieleidster die voor haar strijd voor democratie en mensenrechten in 1991 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg. Haar jarenlange huisarrest, opgelegd door een bruut militair regime, had iets van de jarenlange opsluiting van Nelson Mandela op het Zuid-Afrikaanse Robbeneiland. Naarmate het huisarrest langer duurde, werd haar huis als het ware een vitrine waarin zaken als moed en onverzettelijkheid in menselijke gedaante waren uitgestald.

Het verschil tussen Suu Kyi en Mandela is dat de laatste later de kans kreeg om als president een verscheurd Zuid-Afrika te helpen verzoenen. Suu Kyi kreeg die mogelijkheid niet, al heeft ze de schijn tegen.

Akkoord, Myanmar veranderde eind 2010 van een gesloten land in een prowesters en democratisch bestuurd land. En na de verkiezingszege in 2016 werd Aung San Suu Kyi zelfs feitelijk president van Myanmar. De Nobelprijswinnares leek eindelijk de kans te krijgen om haar hoge principes gestalte te geven en haar volk te dienen.

In Myanmar zelf wist men wel beter. De militairen hadden zich dan wel in een burgerkostuum gehesen, van echte verandering was na 2016 geen sprake. Dat bleek ook uit de sleutelposities die het leger zich toebedeelde op tal van bestuurlijke posten.

Insiders weten het al jaren: Myanmar trok een prowesterse en democratische jas aan om niet te worden opgeslokt door het opdringerige buurland China. Daar zat niets principieels achter.

Suu Kyi weet dat en etnische minderheden aan de oostgrens –waaronder diverse christelijke– ook. De islamitische Rohingya’s hoef je er evenmin iets over te vertellen.

Alleen het Westen begint die realiteit nu pas te ontdekken, op het moment dat Rohingya’s over de kling worden gejaagd en Aung San Suu Kyi enkel vergoelijkende woordjes prevelt.

De les hieruit zou een spannend thema voor een expositie kunnen zijn: Nobelprijswinnaars wonen niet in heilige huisjes, maar leven in een weerbarstige werkelijkheid. Aan bewieroking hebben ze in zo’n situatie niet veel, en nog minder aan voortijdig afbranden. Positieve betrokkenheid en ondersteuning zijn meer op hun plaats.