Democraten te snel met nieuwe verwijten richting Trump

De Democratische presidentskandidaat Joe Biden verwijt president Donald Trump dat hij zich te passief richting Rusland opstelt. beeld AFP

Een nieuw schandaal rond vermeende Russische inmenging in het Amerikaanse buitenlands beleid hangt president Donald Trump boven het hoofd. Alle politieke pijlen richten zich weer op Trump, maar de vraag is of dat terecht is. Want Moskou lijkt daardoor uit de schijnwerpers te blijven.

Dit keer geen steelse Russische pogingen om de Amerikaanse verkiezingen via nepberichten op Facebook te beïnvloeden, of geheime gesprekken tussen diplomaten die niet hadden mogen plaatshebben. De beschuldigingen aan het adres van Rusland zijn nu van een heel andere aard.

De Russische geheime dienst zou aanzienlijke bedragen aan talibanstrijders in Afghanistan hebben betaald om aanvallen op Amerikaanse en andere westerse troepen uit te lokken. In harde dollars, die eerder dit jaar bij arrestatie van militanten werden aangetroffen. Bij verhoren bleek vervolgens waar het geld vandaan zou zijn gekomen.

The New York Times berichtte afgelopen vrijdag al over de kwestie. The Washington Post wist zondag te melden dat door de uitbetaalde moordpremies indirect ook daadwerkelijk Amerikaanse soldaten om het leven zijn gekomen. Meest op basis van anonieme bronnen. Dat is gezien de aard van de informatie begrijpelijk, maar maakt het ook erg lastig om de feiten boven tafel te krijgen.

De kern van de ophef die door de onthullingen in Washington is ontstaan, draait om de vraag of president Trump van deze praktijken op de hoogte was gebracht. Trump ontkent dat, en deed de berichten in Amerikaanse media af als „nepnieuws.” Later voegde de president eraan toe dat de inlichtingendiensten hem niet over de kwestie hadden ingelicht, omdat het rapport over de Russische premies volgens hen ongeloofwaardig was.

Zoals gewoonlijk dook de politieke oppositie daar bovenop, de Democratische presidentskandidaat Joe Biden en de Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden Nancy Pelosi voorop. Nog voor überhaupt is vastgesteld wat de exacte inhoud van het rapport was en of de president daadwerkelijk niet over de kwestie was gebrieft, buitelden de verwijten al over elkaar heen. Trump zou te passief zijn, informatie achterhouden en niet in staat zijn een vuist richting zijn Russische ambtgenoot Vladimir Poetin te maken.

Dat is te kort door de bocht. Gezien de ernst van de aantijgingen, zouden Amerikaanse politici zich allereerst moeten beijveren om de exacte feiten te kennen. En als de berichten over deze Russische praktijken werkelijk kloppen, zou hun woede zich vooral op Rusland moeten richten.

In plaats daarvan wordt de aandacht nu gericht op het proces van informatievoorziening, in plaats van op de inhoud. Dat is een klassieke truc, zeker in de aanloop naar de Amerikaanse verkiezingen van november. Maar het helpt het vinden van de waarheid niet.